Belize & Guatemala.

Belize is maar een heel klein landje, het heeft ongeveer 400.000 inwoners. Onze route door Belize was nog geen 400 kilometer, we dachten er hooguit een weekje te zijn. Dat liep tóch een beetje anders dan gedacht…

Belize is beroemd om zijn kustlijn. Het land heeft het op één na grootste koraalrif ter wereld en dat wilden we heel graag zien!
Maar Belize heeft nog wel strenge regels om het land binnen te komen. Ondanks dat we gevaccineerd zijn, moesten we aan de grens opnieuw een PCR-test laten doen. Ze accepteren alleen hun eigen testen. Ook moesten we een bewijs kunnen tonen van 3 nachten in een door de overheid goedgekeurd hotel. Het duurde een hele tijd maar gelukkig konden we na een aantal uurtjes de fiets op in Belize.
Welkom in vriendelijk en gastvrij Belize, de mensen zwaaiden ons gelijk van alle kanten toe! Omdat Belize een Engelse kolonie is geweest, ze vierden juist toen wij er waren hun 40-jaar onafhankelijkheid, is dit het enige land in Midden-Amerika waar ze Engels spreken. Ook wel weer even fijn, kunnen we weer gezellig een praatje maken onderweg.😉
We fietsten onze eerste dag naar Orange Walk, daar bleven we 3 nachtjes bij Casa Ricky’s. Het was gelukkig een super leuk en gezellig hostel, een fijne plek om 3 nachten te blijven. Een echt backpackers adres met een gezamenlijke keuken. De eerste dag bij Ricky werd een echte rustdag voor ons, weer eens even een dagje om onze kleding te wassen en onze fietsen na te kijken. Maar óók een dag om heerlijk op het grote dakterras te genieten met een koud biertje.


De volgende dag gingen we naar Mayaruïnes van Lamanai. Lamanai ligt verborgen in de jungle en is alleen per boot bereikbaar. De boottocht over de New River was prachtig. De rivier kronkelt door de jungle en onze captain wist erg veel te vertellen over de natuur en de prachtige vogels. Na 1.5 uur kwamen we aan in Lamanai, het schijnt vroeger een hele grote Mayastad geweest te zijn, er is maar een klein gedeelte uit de dichte jungle naar boven gekomen. Het fijnste is om de Mayatempels te kunnen bekijken als er verder niemand is. Dan hoor je de geluiden uit het oerwoud en voel en beleef je de prachtige oudheid van de tempels op z’n mooist! Ook de bomen zijn zo ongelofelijk indrukwekkend, écht bijzonder mooi.


Na 2 dagen hadden we heel veel zin om weer op de fiets te stappen, we wilden graag naar Caye Caulker, het eiland waar vandaan je naar het koraalrif kunt om te snorkelen. De boten naar het eiland vertrekken vanaf Belize-City dus fietsten we eerst naar de stad. Het lukte om op tijd bij de boot te zijn en gelijk door te varen naar Caye Caulker. Overnachten in Belize-City wilden we liever niet.
En als je dan eenmaal op de boot zit, geeft dat gelijk zo’n heerlijk gevoel! Net zoals je de boot neemt naar Terschelling, dat begint ook al op de boot!
Caye Caulker is écht een relaxed eiland; go slow! Alleen maar zandweggetjes, houten huisjes op palen en strandtentjes. Normaal zal het er te toeristisch zijn maar nu was het erg leuk om door de straatjes te dwalen. Een soort minivakantie….
We vonden er zelf ook een hotel met huisjes op palen, pal aan zee. Een super plek.

Het barrièrerif van Belize is met 256 kilometer het op één na grootste koraalrif ter wereld. Het wordt bevolkt door maar liefst 350 soorten vis.
We voeren de volgende ochtend met een bootje naar het rif. We hadden drie keer een stop om te snorkelen, de boot werd voor anker gelegd en we konden het water in.
En wat je dan ziet is onbeschrijflijk mooi! Wat een fantastische onderwaterwereld, wat een verschillende vissen, allemaal práchtige kleuren, de één nog mooier dan de andere. En het koraalrif is zo indrukwekkend en ongerept, het water is zo kristalhelder, je kunt alles prachtig zien. We hadden onze GoPro mee dus konden onder water filmen en foto’s maken. Een fantastische dag!

We fietsten de volgende ochtend nog even door de straatjes van Caye Caulker voordat we weer op de boot stapten richting Belize-City. We zetten voet aan vaste wal en gingen richting Belmopan, de hoofdstad van Belize.
Vanuit Belmopan hadden we de keuze: nu al fietsen naar de grens van Guatemala, het lag maar 50 kilometer verderop en dan kwamen we langs beroemde Mayastad Tikal of zuidwaarts fietsen en bij Punta Gorda een watertaxi nemen die ons in Livingstone Guatemala zou brengen. We wilden graag meer van Belize zien, hadden al vele mooie Mayasteden bekeken dus besloten vanuit Belmopan naar het zuiden te fietsen. En het werden práchtige dagen door de groene jungle: groen, groener, groenst. Het was klimmen en dalen met uitzichten op de fantastische groene bergen. Palmbomen, bananenbomen, kokosnootbomen en advocadobomen; het kon niet op. We kwamen aan de kust in Hopkins bij het Wetlands Nature Reserve. Een prachtig waterrijk gebied met een bijzondere flora en fauna en heel veel watervogels. Schitterend om te zien.

Na 43 kilometer bereiktte we de volgende dag de magische grens van 30.000 kilometer.
Wat een afstand zeg, daar zijn we best wel een beetje trots op! Als je bedenkt dat een rondje om de evenaar 42.075 kilometer is en wij nu dus al driekwart om de aarde hebben gefietst, dan zijn de trappers al heel wat keertjes rond gegaan…😂


In de middag was het steeds enorm heet om te fietsen, de gevoelstemperatuur lag rond de 44 graden dus dan weet je het wel als je moet klimmen….. Zweten, zweten, zweten…. We startten steeds heel vroeg in de ochtend maar dan nog was het rond de middag bijna niet meer te doen.
Maar de route was fantastisch, we zagen nu echt het binnenland van Belize, het is een grote jungle met veel mooie Maya gehuchtjes. Veel rieten hutjes met mensen in hun traditionele kleding.
Aangekomen in Punta Corda wachtte ons bij de pier, waar de watertaxi vertrekt naar Livingstone Guatemala, een verrassing: de grensovergang was gesloten! Het bleek dat er  sinds de Covid alleen nog goederen werden vervoerd per boot, geen personen meer. Tsja, daar stonden we dan…
We besloten eerst maar eens een overnachting in Punta Gorda te zoeken en dan te bedenken wat we gingen doen. Eigenlijk was er maar één optie en dat was 300 kilometer terugfietsen naar Belmopan en van daaruit de grensovergang bij Benque te nemen. Dat was volgens de douane de enige grens naar Guatemala die op dit moment open is voor toeristen.
Na een nachtje slapen aan zee hadden we de knop omgezet en begonnen we aan onze terugreis naar Belmopan. Eén groot voordeel: nu konden we toch oude Mayastad Tikal gaan bezoeken. Dat ligt maar 100 kilometer voorbij de grens bij Bengue en lag nu dus op onze route.


We fietsten in 3 dagen terug naar Belmopan, waarna we de volgende dag de laatste 50 kilometer naar de grens van Guatemala fietsten.
En dan blijkt een ongeluk soms in een klein hoekje te zitten. We waren bijna bij de grens toen ons een vrachtwagen passeerde met een lading zand/puin. Bij het passeren van Ming vloog er een kei tegen zijn hoofd. Het bloedde enorm, hoofdwonden bloeden altijd zo heftig.
Jacoline wist een auto aan te houden en de bestuurder van de auto was erg behulpzaam.
Hij bracht Ming gelijk naar het ziekenhuis in Bengue. Met 3 hechtingen in zijn hoofd kwam hij het ziekenhuis weer uit. Dan besef je weer even hoe kwetsbaar we als fietsers zijn.
We wilden de grens die dag nu niet meer over en besloten in Bengue een plekje te zoeken. Gelukkig ging het de volgende dag goed en besloten we naar de grens te gaan.
Ondertussen waren we bijna 2 weken in Belize geweest ipv de kleine week die we in gedachten hadden. We hadden veel meer gezien van dit kleine, prachtige land gezien dan vooraf gedacht.


Bij de grensovergang ging alles prima, het ging veel vlotter dan in Belize. Het was nu alleen paspoort en vaccinatiebewijs laten zien en het stempel van Guatemala stond al in ons paspoort. We waren in Guatemala, ons 20e land, er stond ons weer een nieuw avontuur te wachten……

Ons eerste hoogtepunt in Guatemala was Tikal. We fietsten door het indrukwekkende regenwoud naar het afgelegen Tikal. Er zijn een aantal overnachtingsplekken bij de ingang van het park. Het fijne is dat je dan ’s ochtends als eerste het park in kunt, de mensen die een dagje naar Tikal komen zijn er allemaal veel later.
National Park Tikal is 576 km2 groot en werd in 1979 door UNESCO tot werelderfgoed verklaard. Het was een van de grootste steden van de Maya’s en ligt in een dicht regenwoud.
We stonden om 06.30 bij de ingang en hadden het park de eerste uren voor ons alleen. En dat is ontzettend gaaf!! Alleen met de fascinerende tempels en de indrukwekkende geluiden van de dieren in het oerwoud. De brulapen waren weer goed vertegenwoordigd!
Drie tempels mag je beklimmen, wat een geweldig uitzicht opleverd over het enorme regenwoud. Het was een magische ochtend!


’s Middags stapten we weer op de fiets en lieten we het regenwoud langzaam achter ons. We kwamen uit op het eiland Flores. Het oude gedeelte van de stad is gelegen in het meer van Peten Itzá. Het is een pittoresk dorp met leuke staatjes en vele gekleurde pandjes. Normaal is het super toeristisch maar nu durfden we het aan. We verbleven bij een erg leuk hostel waar we een hele gezellige avond hadden in een prachtige verborgen tuin. De eigenaar van het hostel bleek een Nederlander te zijn. Hij had het erg goed voor elkaar, het was een super gezellige plek waar veel backpackers bij elkaar komen.
We hebben de volgende dag heerlijk een aantal uurtjes door de leuke straatjes van Flores gedwaald en genoten van het kleurrijke dorp.


Na Flores ging onze route zuidwaarts, richting Rio Dulce. We dachten deze plaats via Belize te bereiken maar nu gingen we er alsnog naar toe. De 300 kilometer die we in Belize noordwaarts zijn gefietst omdat de grens gesloten was, fietsten we nu in Guatemala weer zuidwaarts. Aan de andere kant van de grens….
De regen blijft ons nog altijd vergezellen, de regentijd is nog steeds niet voorbij. Af en toe komen er van die heftige buien, het water komt dan met bakken uit de hemel. Soms waren we net op tijd ‘binnen’, soms probeerden we eerst nog te schuilen maar lieten we ons vervolgens tóch maar nat regenen. Warm blijft het dus dan is nat worden niet zo erg.
In Chacte, een leuk dorp met mensen in prachtige traditionele kleding, waren we net op tijd ‘binnen’. We hoorden de harde regen tijdens het douchen op ons dak.
We besloten na het douchen een biertje te gaan drinken. Het was vrijdagmiddag vijf uur, een mooi moment om het weekend in te luiden. We bestelden een biertje maar kregen vervolgens van de locals vele biertjes toegeschoven, onze tafel werd voller en voller…
Kom dan nog maar eens weg……..😜


Ook de volgende ochtend regende het pijpenstelen en dan is het moeilijk vertrekken.We stelden het steeds uit, geen zin om met regen te beginnen. Tegen tienen werd het gelukkig droog en stapten we op onze fiets. Het werd vervolgens een prima dag, de zon en wolken wisselden elkaar af en de route was wederom schitterend. Er was geen stukje vlak, het was klimmen en dalen maar doordoor hadden we steeds weer van die verrassende uitzichten.
Het was weekend en dan is het altijd erg leuk om het dorpsleven te volgen. Veel mensen zijn vrij en dat wordt samen met de familie gevierd. Eten is altijd een sociaal gebeuren, we zagen de tortilla’s, torta’s, biertjes en Coca Cola aan alle kanten voorbij komen.
In de loop van de middag kwamen we aan in Rio Dulce, aan de gelijknamige rivier. De rivier stroomt van het Izabalmeer (het grootste meer van Guatemala) naar de Golf van Honduras. We fietsten de torenhoge brug over en zagen het stadje aan beide zijden van de rivier onder ons liggen. Het hostel wat we in gedachten hadden, lag op een prachtige locatie aan het meer, net onder de brug. Het bleek een heerlijk simpel hostel, waar we nog een extra nachtje zijn gebleven. We zijn met een bootje het meer op geweest en hebben genoten van een ontspannen dagje aan het water.


Guatemala heeft veel vulkanen en bergen en daarom wilden we graag naar Antigua Guatemala wat tussen de vulkanen in ligt. Dat hield in dat er veel geklommen moest worden de komende dagen. We hadden twee keuzes: of boven het meer langs fietsen, waarschijnlijk de mooiste route maar ook heel veel klimwerk. Of onder het meer langs fietsen en dat betekende fietsen over een drukke weg maar minder heftig klimmen, de klim liep veel gestager. Door de hitte van elke dag kozen we voor de drukke weg en dus gestager klimmen. Het zou evenwel zwaar genoeg worden.
De eerste 30 kilometer gingen nog prima maar toen we eenmaal de vrij rustige CA13 verlieten en we op de CA9 kwamen, was het gedaan met de rust.
De vrachtwagens denderden aan ons voorbij. De route was prachtig, links en rechts steeds mooie uitzichten op de omliggende bergen maar die ronkende vrachtwagens, daar wordt je niet blij van op je fietsje…. Bovendien voelden we ons ook niet echt veilig meer, je wordt af en toe bijna van de weg afgereden.
Gelukkig ging het de volgende dag een stuk beter, er kwam namelijk een brede strook naast de weg te liggen. De vrachtwagens bleven maar we voelden ons wel veel veiliger. En bovendien zagen we op de kaart dat er aan de andere kant van de rivier een rustige, kleine weg lag. Daar konden we 50 kilometer lang genieten van de rust. Er werd veel langs de rivier verbouwd, we zagen mooie grote velden met de rivier en de bergen steeds op de achtergrond. Vijftig prachtige kilometers.

Om in Antigua Guatemala te komen moesten we helaas eerst door grote stad Guatemala fietsen. En dit is een enorme stad, niet echt fijn om doorheen te fietsen.
We klommen ’s ochtends gestaag richting de stad. Er was wat bewolking en dat kwam ons goed van pas. Tegen de middag kwamen we steeds dichter bij de stad en werd het steeds drukker. We aten een broodje langs de weg en spraken een man die met een vrachtwagentje op weg was naar de stad. We mochten met hem meerijden, wat een geluk zeg! Hoefden we de grote stad niet helemaal te doorkruisen. We zaten in de laadruimte bij onze fietsen en zagen hoe groot en druk Guatemala-stad is. Middenin de stad was onze eindbestemming, het tochtje zat erop. We waren erg blij met onze lift. De meneer van de vrachtwagen was echter zeer behulpzaam en hoorde dat wij naar Antigua wilden. Hij vond het veel te druk om dat fietsend te doen en liep ons voor naar het busstation. Voor we het wisten werden onze fietsen op het dak van de bus gelegd en al rijdend konden we nog net instappen. We hadden zelfs geen kans meer om de vrachtwagenchauffeur te bedanken.
Het was inderdaad een drukte van belang op de weg, het duurde nog een aantal uren voordat we in Antigua waren. Rond 17.00 uur kwamen we na twee flinke klimmen aan in Antigua, waar we net voor donker nog een hostel konden vinden. Wat een tref dat dit vandaag allemaal op ons pad kwam!

Antigua is een koloniale stad en werd in 1979 door UNESCO aangewezen als werelderfgoed. De stad ligt in een prachtige vallei met uitzicht op machtige vulkanen. Als je naar de beroemde Santa Catalina boog kijkt, zie je op de achtergrond de Agua-vulkaan.
We hebben de eerste twee dagen heerlijk rondgedwaald in de vele straatjes en steegjes, hebben de prachtige historische gebouwen bewonderd en zijn naar de markt geweest. De mensen, de potten en pannen, het fruit en de groentes, alles is even kleurrijk!


Ondertussen verhuisden we een klein stukje vanuit het hostel naar een camping net buiten het historische gedeelte van de stad. Nu we op een hoogte van 1500 mtr. zaten, konden we ook weer heerlijk kamperen. Het was hier veel minder warm en er zaten ook veel minder muggen.
De temperatuur was heel aangenaam, overdag rond de 24/25 graden en ’s avonds was het zelfs koel en deden we voor het eerst sinds we in Midden-Amerika zijn een vestje aan.
Een van de redenen waarom we naar Antigua wilden is dat je van hieruit vulkaan Acatenango kunt beklimmen. We hadden er prachtige verhalen over gelezen en er nog mooiere foto’s van gezien.
Bij de beklimming van de Acatenango, heb je uitzicht op vulkaan Fuego. Deze vulkaan is nog actief en om een vulkaan op korte afstand te zien spuwen, moet een fantastische ervaring zijn.
We gingen naar een Travel-agency en boekten een 2-daagse hike naar de top van vulkaan Acatenango. (3980 mtr. hoogte)
De volgende dag werden we om 9.00 uur opgehaald en werden naar het beginpunt van onze beklimming gebracht. We waren met nog 2 stellen en een man alleen dus we hadden een groepje van 7 en de gids.
Het weer was goed, we vertrokken lekker in korte broek. Onze rugzak (die we konden lenen) was zwaar. Dikke kleding voor de nacht, 3 maaltijden maar ook 5 liter water. Dat was best even wennen. Het klimmen ging prima, af en toe hadden we een stop. In de middag werd het helaas steeds bewolkter. Aangekomen op ons Base-Camp, op een hoogte van 3400 mtr., zagen we helaas niet veel. We konden weinig van de prachtige omgeving zien. Het was koud en zelfs een beetje nat, we kleden ons lekker warm aan en er werd een vuurtje gemaakt. Gelukkig trok het rond zonsondergang open en konden we genieten van de prachtige vulkaan. Om de 20 minuten spuwt de vulkaan rook en gloeiend as. Wat een fantastisch schouwspel is dat! Het gaat gepaard met een donderend en roffelend geluid, super indrukwekkend. Onze avond kon niet meer stuk! Je blijft maar kijken, je krijgt er geen genoeg van. Rond 22.00 uur kropen we in onze tenten, we wilden proberen nog een tijdje te slapen voordat we de volgende ochtend om 03.30 uur gewekt zouden worden.


We vertrokken in pikkedonker naar de top. We waren vannacht meerdere malen wakker geworden van het oorverdovende kabaal van de spuwende Fuego.
Het was prachtig helder maar ook heel koud. Dik ingepakt in ons donsjack klommen we rustig naar boven.
Eenmaal boven was de euforie heel groot! We hadden het geflikt, we stonden op een hoogte van 3980 mtr. op een vulkaan met het meest fantastische uitzicht wat je kunt bedenken. Uitzicht op meerdere vulkanen, de zon die opkomt achter een vulkaan, het was fantastisch! Wat geeft dat een kick!

Na een tijdje was het weer tijd om te gaan dalen. We daalden eerst terug naar ons basiskamp waar we gezamenlijk ontbeten. Ook vanaf het basiskamp hadden we nog steeds een geweldig uitzicht! Het was helder en we konden zo ver kijken, bizar mooi!
Rond een uurtje of negen werd het tijd om aan onze afdaling te beginnen. En dat was nog best pittig, dalen klinkt zo makkelijk maar dalen in lavagrind is lastig, je glijdt veel weg.
We waren blij dat we rond de middag beneden waren.
Wat hebben we enorm genoten van ons grote avontuur, dit was een hele bijzondere belevenis!


Voordat we weer op de fiets stapten richting El Salvador, wilden we graag eerst nog naar Lake Atitlán. Kratermeer Atitlán ligt op 1500 mtr. hoogte en wordt omgeven door maar liefst 12 vulkanen. Er liggen verschillende bergdorpjes aan het meer en wij zijn met de bus naar Panajachel gegaan. Een prachtige route over verschillende bergtoppen boven de 2000 mtr. Omdat de dorpen onderling over de weg heel moeilijk bereikbaar zijn, zijn er watertaxi’s/bootjes die je naar andere bergdorpjes brengen. Het is prachtig om met een bootje over het kratermeer verschillende dorpjes te bezoeken. De uitzichten op de omliggende vulkanen zijn geweldig.
Ieder bergdorp maakt een verschillend lokaal product. Wij zijn met de watertaxi naar twee dorpjes geweest. Naar Santiago Atitlán, een authentiek bergdorp waar de mensen in traditionele klederdracht lopen. We zijn er naar de markt geweest en keken er onze ogen uit. Wat een plaatselijke producten, heel bijzonder! Allemaal weer zo kleurrijk, dat geeft echt zo’n feestelijk gevoel! Bijzonder mooi om te zien.
De volgende dag zijn we naar San Juan gegaan. Dit dorp staat bekend om haar mooie handwerk en schilderkunst. Overal vind je winkeltjes waar je locale kunst kunt kopen. We zagen ook heel veel muurschilderingen op de panden, heel mooi gedaan.
Na terugkomst in Panajachel zijn we weer in de bus gestapt naar Antigua.


Na bijna een week ‘vakantie’ stapten we weer op onze fiets voor de laatste 150 kilometer in Guatemala.
Het werd een dag van heerlijk dalen langs de prachtige vulkanen Acatenango, Fuego en Agua, we keken er al dalend prachtig tegenaan.
We daalden van 1500 mtr. terug naar 20 mtr. hoogte en we kwamen weer terug in de hitte. Het werd weer heel veel zweten.
Na bijna 100 kilometer vonden we een bijzonder leuke camping die we hadden gezien op de iOverlander-app. Een gezellige chaos camping! Het was een super lief echtpaar en ze verwenden ons grandioos.
Ze hebben een geweldig terrasje bij de camping gemaakt met een originele T3 Volkswagen als drank- en foodtruck.
Een super leuke afsluiting van onze laatste avond in Guatemala. De ochtend van vertrek stond het ontbijt voor ons klaar en kregen we van alles mee voor onderweg.
Helaas werden we op hier wél weer helemaal lek gepikt door de muggen, kamperen is in de regentijd op zeeniveau eigenlijk niet te doen…😪

Na het heerlijke ontbijt begonnen we aan onze laatste 50 kilometer in Guatemala, op naar de grens van El Salvador. 🇸🇻 🇸🇻
We hebben eerst in Belize en daarna in Guatemala genoten van de super vriendelijke en gastvrije mensen! Genoten van de weelderige groene natuur, het is prachtig om daar doorheen te fietsen. De natuur explodeert met zoveel warmte én regen.
Het koraalrif in Belize, de beklimming van vulkaan Acatenango, het waren bijzondere hoogtepunten van deze mooie weken.
We kijken weer uit naar het vervolg van onze reis…….🚴‍♂️🚴‍♀️

10 gedachten over “Belize & Guatemala.

  1. Weer ontzettend leuk om jullie verhaal te lezen en die mooie foto’s te zien. Trouwens hebben jullie een nieuw toestel? De foto’s hebben prachtige kleuren en een ander formaat dan voorheen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.