blog

Colombia.

We hebben het jaar 2021 afgesloten in Salento, Colombia. Wat was het een indrukwekkend jaar voor ons. Eerst een half jaar in Afrika, daarna de oversteek naar Centraal Amerika. Heel veel mooie fietskilometers om nooit te vergeten, heel veel mooie ontmoetingen die we voor altijd in ons hart bewaren. Zien en ervaren hoeveel vriendelijkheid, hartelijkheid en liefde we van onze medemensen hebben gekregen, daar zijn geen woorden voor! Een grote dank aan alle lieve mensen die we onderweg ontmoet hebben!

Op 1 december stonden we op de kade in de haven van Cartagena, na 5 dagen op zee. Het voelde fijn om weer vaste wal onder onze voeten te hebben, vooral Ming weet nu dat hij geen zeebenen heeft, geef ons de fiets maar!
Cartagena heeft een prachtige oude binnenstad, de stadsmuren zijn nog intact, je kunt er overheen lopen om de skyline van de stad te zien en genieten van mooie zonsondergangen.
We hadden voor 2 nachtjes in de wijk Getsemani een hostal geboekt. Een super leuk hostal, middenin de gekleurde straatjes van Cartagena.
En Cartagena is fantastisch, wat een geweldige binnenstad! Zo kleurrijk, er hangen in de straatjes en steegjes overal vlaggetjes en paraplu’s, zo’n leuk gezicht. Er zijn ongelofelijk veel muurschilderingen, echt geweldig om door de straatjes te struinen en alle muurschilderingen te bewonderen.
Het was ook nodig om na onze zeilreis weer even te aarden. Zelfs ’s nachts in ons hostal wiebelden we nog steeds in ons bed. We waren nog zeeziek in ons hostal, heel bijzonder om dat te ervaren… 😉 We hoorden het ook van onze mede-reizigers aan boord, ook zij hadden er nog last van.
Cartagena staat bekend om zijn warmte en het was er inderdaad erg heet. In de namiddag en avond komt de stad nog meer tot leven, er wordt gegeten en gedronken op de vele pleintjes en wij genoten van de vrolijke Caribische sfeer.
De mensen zetten hun stoeltjes op de stoep en genieten met elkaar van de zwoele avonden met levendige salsa muziek.
Een heerlijke start van ons grote, nieuwe Zuid-Amerika avontuur.

En toen was het tijd om weer op onze fiets te stappen, wat hadden we er zin in, de wind om je oren, de vrijheid tegemoet. We wisten dat dit prachtige stuk van de wereld een hele andere reis zou gaan worden. Er moet flink geklommen worden in Zuid-Amerika, we gaan de Andes tegemoet. Fantastisch maar ook spannend of het haalbaar is voor ons.
Maar eerst gingen we een stukje noordwaarts. In het noorden ligt Tayrona National Park, een beschermd natuurgebied en beroemd om zijn geweldige stranden. En de Sierra Nevada, het hoogtste kustgebergte ter wereld. De hoogste toppen zijn 5.775 meter en liggen slechts 42 kilometer van de Caribische zee.
De route liep de eerste dagen mooi langs zee, een lekker begin na al onze fietsloze dagen. Het waren hele warme, zonnige dagen, de regentijd leek nu echt voorbij. De luchten veel blauwer en niet meer van dat benauwde bewolkte weer.
We overnachtten in mooi waterrijk gebied, een moerasgebied langs zee, het leek Terschelling wel…😉 Een paradijs voor vogels, we zagen er zelfs een groep flamingo’s.

Het plaatsje Minca wordt het verborgen paradijs in de Sierra Nevada genoemd. Vanuit de kustweg was het 650 meter klimmen naar het charmante plaatsje. Het dorp staat bekend om zijn mooie watervallen maar ook om zijn koffie en cacao. Het is populair onder de backpackers, je kunt er heel veel trekkings maken.
Na een stevige klim kwamen we rond de middag in Minca aan. We vonden er een leuke camping, net buiten het dorp. Vanaf het terras hadden we een geweldig uitzicht over de mooie omgeving. Wow, wat een mooi gebied!
De volgende dag zijn we door het weelderige tropische bos naar de watervallen gewandeld. Een heerlijk dagje in de bergen.


Na onze klim naar Minca, daalden we twee dagen later met een heerlijke afdaling van 12 kilometer weer terug naar de kust om Tayrona National park te bezoeken.
Tayrona National Park is een beschermd natuurgebied, het is verboden om er met eigen auto te rijden. Je wordt met taxi’s naar een bepaald punt gebracht en van daaruit is het wandelen naar de verschillende baaien met prachtige strandjes. We hoopten dat wij met de fiets wel het park in mochten maar na een discussie bij de ingang, kregen we toch geen toestemming. De wegen zouden te slecht zijn, ze wilden de verantwoording niet nemen als er iets zou gebeuren. Vertel dat maar eens aan 2 Nederlanders! Maar we kregen het niet voor elkaar.
Er kwam een man naar ons toe die goed Engels sprak en hij bood aan dat we bij hem mochten overnachten. Hij had net buiten het park een viskwekerij en we mochten onze tent in zijn tuin zetten. Een super aanbod! Zo waren we toch dichtbij het park en stonden onze fietsen veilig bij hem.
De volgende dag konden we Tayrona national Park dan toch echt bezoeken. Je vind er 150 km2 aan jungle en kilometers lang strand. Omdat het beschermd is en niemand er zomaar in kan, blijft het zo mooi onaangetast zonder grote hotels en/of restaurants. Het is nog ongerept.Op een paar plekjes kun je bij de locals wat te drinken of eten halen.
Het is een waar paradijs met heel veel baaitjes en geweldige stranden. Het water is kraakhelder en diepblauw en er staan heel veel geweldig grote cactussen.We liepen door de jungle van de ene naar de andere baai, bergop de jungle in en bergaf weer richting een nieuwe baai. Het was er zeldzaam rustig, we zagen bijna geen andere mensen, het was ongelofelijk genieten. We hebben nog even gesnorkeld en zagen prachtig gekleurde vissen, wat een schoonheid!


Juan, de eigenaar van de viskwekerij waar we sliepen is een aantal jaren geleden in Nederland geweest. Hij is zelfs op Texel geweest en had nog een vlag! Bij ons afscheid moest daar natuurlijk een foto van gemaakt worden. Wat hebben we een mooie gesprekken gehad met deze man, het was supergaaf om er 2 nachten te kamperen.


We vervolgden de kustlijn en hadden onderweg steeds mooie uitzichten op de hoge toppen van de Sierra Nevada, de wolken hingen er prachtig omheen. Op de hoogste toppen zagen we zelfs sneeuw. Op advies van Juan zijn we naar het plaatsje Camarones gefietst. Dit kustplaatsje grenst aan natuurgebied Los Flamencos. Dit gebied staat bekend om zijn flamingo’s. Tegen zonsondergang kwamen we langs het meer de plaats binnenfietsen. We hadden hier niet op een beter moment langs kunnen komen. De lucht veranderde ieder moment van kleur, we bleven maar stoppen om te genieten van de schoonheid van het meer in alle kleuren oranje met daarachter de hoge bergtoppen. Op afstand zagen we honderden flamingo’s, het was een prachtig schouwspel.
Het was ondertussen donker voor we het plaatsje binnen fietsten maar we vonden toch een prima kamertje om te overnachten!


Het laatste stuk noordwaarts veranderde de natuur enorm. Het groen verdween, de natuur werd dor en geel. Het was super heet, geen schaduw van de bomen, de volle zon op onze bol, het was lang geleden dat het zo warm was.
Het noordelijkste stuk van Colombia is woestijn, daar waren we nog niet maar we zagen wel dat het in deze streek heel erg droog was. Geen bomen meer, alleen laag struikgewas. De droge periode was aangebroken, het regent hier dan vanaf begin december t/m april niet meer. En dat zagen we aan de natuur, wat een droogte, nu al in december. Het is voor de mensen die hier wonen een groot probleem, ze hebben geen water meer.
Riohacha was ons noordelijkste punt, vanaf daar gingen we langzaam zuidwaarts richting Medellin. De wind was ons nu steeds goedgezind, met een heerlijk windje in de rug vervolgden we onze route. Ook de natuur zagen we langzaam weer veranderen, de bomen kwamen terug en het werd steeds groener.
Nu we de kust verlaten hadden, zagen we geen toeristen meer maar ook geen campings. We zagen het gewone Colombiaanse leven vanaf onze fiets. De route was veelal vlak en met het windje in de rug was het lekker fietsen. De route liep door een soort vallei, aan beide zijden hadden we uitzicht op de bergen. Na een aantal dagen op asfalt, besloten we een binnendoor weg te nemen naar Santa Cruz de Mompox, een historisch stadje aan de rivier. We kwamen op een gravel/zandweg terecht en er volgde een geweldige route, dwars door de natuur, geen bebouwing, niets. We waren één met de natuur met de vele vogelgeluiden en de krekels. We sliepen in een klein gehuchtje bij een hospedaje, bij een super vriendelijke familie. Ze hadden er ook een restaurantje bij dus we konden na een lange dag fietsen ’s avonds zo aanschuiven! Ook de volgende dag was geweldig! Wat is Colombia prachtig.
De route ging over gravel, zand en keien maar het was zoooo ontzettend mooi! Langs hacienda’s met vele koeien en cowboys te paard. Door niemandsland, alleen maar natuur. Het deed ons zelfs denken aan de uitgestrektheid van Afrika: het rode zand, de droogte en kale vlaktes. Het alleen zijn op de wereld gevoel….
We aten onder een boompje in de schaduw om bij te komen van de hitte.


Na een kilometer of 70 kwamen we aan bij de rivier in San Sebastian de Buenavista. Daar namen we een pontje naar de overkant van de rivier.
Het verschil in de natuur was enorm, na de droge, kale vlaktes fietsten we nu langs de rivier in een super groen landschap. Dat deed ons weer beseffen dat water van levensbelang is!
Aangekomen in Santa cruz de Mompox vonden we een heel leuk hostel in de historische kern van het plaatsje. Hier konden we heerlijk afkoelen en relaxen in de schommelstoel.
De volgende dag hebben we genoten van het historische stadje. We zagen de Spaanse invloeden, alles is prachtig gerenoveerd en het stadje staat zelfs op de Unesco werelderfgoedlijst.
Het was heel rustig, we konden lekker door de straatjes dwalen. Wel steeds de schaduw opzoekend want het was super heet. Er waren leuke pleintjes met vele straatverkopers: schoenenpoetsers, we zagen technische luitjes zittend aan een tafeltje waar je je telefoon kon laten repareren, boekenverkopers en natuurlijk de vele eetstalletjes. En overal hoor je de Colombiaanse muziek.


Na ons ontspannende dagje in historisch Mompox, stapten we weer op de fiets. Langzaam richting de bergen. We wilden de kerstdagen graag vieren in Guatapé, het meest kleurrijke stadje van Colombia. Maar daar lagen nog heel wat kilometers tussen. We kozen ervoor om het eerste gedeelte de grote weg te nemen en later meer de binnendoor weggetjes naar Guatapé. De paar dagen over de grote weg waren best saai, ’s ochtends ging het nog prima maar vooral ’s middags waren er veel vrachwagens en dat is nooit leuk fietsen. Er waren weinig dorpjes, het was gewoon flink doorfietsen.
Op de kaart zagen we een kilometer of 5 van de route een klein dorp en daar vonden we een leuke hospedaje. Dat bevalt ons erg goed, het zijn leuke kleinschalige overnachtingen bij een familie. We waren bij een wat ouder echtpaar, bijzonder lieve mensen. Voordat we de volgende ochtend vertrokken, kwam de lieve meneer van de hospedaje op ons kamertje. Hij wilde ons graag Gods zegen meegeven op onze verdere reis. We stonden met z’n drietjes, onze handen samen vasthoudend, terwijl hij ons toesprak. Het was natuurlijk in het spaans, wij konden maar woordjes volgen maar het was kippenvel. Een heel bijzonder moment…..
Onze dag kon niet meer stuk!
Na een aantal dagen op de grote weg, wachten de bergen op ons. Het was nog 170 kilometer naar Guatapé. Je zou zeggen makkelijk te doen in 2 dagen om met kerstavond in Guatapé te zijn. Maar dat viel flink tegen. Buiten het klimmen, kwamen we een heel groot gedeelte op gravel/zandwegen terecht. En dat werd super zwaar! Het was geen gewone gravelweg, het waren alleen maar keien, gaten en grote kuilen. Eén dag maakten we nog vol, we hobbelden en bobbelden de hele dag, we gingen maar 5 kilometer per uur. We kwamen net voor donker het dorp Puerto Garza binnen fietsen en vonden een hospedaje. De kamer werd nog snel schoongemaakt voor ons en we konden douchen. We waren helemaal leeg.


Na het douchen werden we door de familie uitgenodigd om aan te schuiven bij het eten, echt super leuk! Er werd uitgebreid gekookt, het leek al een beetje kerst. De muziek ging aan, de drankjes kwamen op tafel en er werd wat gedanst. Wat heerlijk om zo te kunnen ontspannen na een zware fietsdag.
We begonnen de volgende ochtend nog vol goede moed aan het vervolg van onze route maar de weg bleef net zo slecht. En we moesten alleen maar omhoog.
We wilden heel graag een beetje op tijd in San Rafael zijn (Guatapé was al niet haalbaar meer) om daar kerstavond te vieren, maar dat ging op de fiets op deze manier nooit lukken.
En toen kwam ons een vrachtwagentje voorbij dat pakketten bezorgde. We mochten meerijden! En hoe bijzonder, hun einddoel die dag was San Rafael. We grepen de mogelijkheid om mee te mogen rijden met beide handen aan. De fietsen werden ingeladen en zittend op grote zakken zout, suiker en steenkool vervolgden we onze weg. De voor- en achterkant van de auto waren open dus we konden blijven genieten van de geweldige bergen. Maar ook voor de vrachtwagenchauffeur was het geen makkelijke route, er was bijna geen doorkomen aan. Uiteindelijk hebben we over de 60 kilometer naar San Rafael
4.5 uur gereden! Maar we waren op tijd om kerstavond te vieren. We vonden een leuke plek middenin het gezellige dorp vol met lampjes en lichtjes. Het hele dorpsplein was versierd, echt prachtig om te zien. Om 22.00 uur begon de nachtmis, het werd een prachtige kerstavond voor ons!


Kerstochtend hadden we nog een korte maar o zo mooie kerstrit tegoed naar Guatapé.
Het was maar een kort ritje van 35 kilometer maar toch wel weer een rit met 1000 hoogtemeters. Maar we fietsten nu op asfalt, het was een heerlijke rit.
Guatapé ligt aan een groot stuwmeer, op een gegeven moment zagen we vanuit de bergen het prachtige meer liggen.


De laatste kilometers fietsten we langs het meer voordat we Guatapé binnen fietsten. In dit gekleurde stadje hebben we onze kerstdagen gevierd. We hebben heerlijk door de kleurrijke straatjes gedwaald, wat hebben ze er hier een kunstwerkjes van gemaakt, heel gaaf om te zien. De huizen zijn in meerdere kleuren geverfd met heel veel houten balkons. Maar het meest in het oog springend zijn de plinten. Ze zijn prachtig versierd met tekeningen en schilderijen met reliëf. Ieder huis heeft weer zijn eigen unieke tekening, heel leuk om te zien.


2e Kerstdag zijn we naar La Piedra del Peñol gewandeld, een wonder van de natuur. Het is een 220 meter hoge monoliet. Je kunt de rots beklimmen, met 702 treden sta je boven. Eenmaal boven heb je een panoramisch uitzicht over het stuwmeer met verschillende groene eilandjes. Ook het stadje zie je mooi liggen.
Heerlijke kerstdagen om even te ontspannen, wetend dat er nog heel veel bergen op ons wachtten op het vervolg van onze reis in Colombia.

Omdat we op hoogte zaten, was het stukken koeler. We verlieten een fris Guatapé via Piedra El Penõl, de rots hing in de wolken.
We trokken verder zuidwaarts en wilden graag Salento bezoeken. Ons volgende hoogtepunt in Colombia. Maar daar lagen nog heel wat klim kilometers tussen!
We kwamen door prachtig historisch bergdorp El Retiro, het deed een beetje denken aan een wintersport dorp. Iedereen vrij tussen kerst en oud en nieuw (in Colombia is het vakantie in dec-jan) en er waren volop feesten en optredens in het dorp.
Er brandden ongelofelijk veel lampjes, hele straten waren versierd, super leuk om te zien.
En het was koud, we zagen restaurants en bars waar een vuurtje brandde. En mensen met jassen en mutsen op. Wat een andere wereld ineens…
Ook wij haalden ’s avonds onze schoenen weer te voorschijn, dat was erg lang geleden.
We hadden een hostal middenin het oude gedeelte, we konden ’s avonds vanaf onze balustrade genieten van alle drukte op straat.

Klimmend en dalend fietsten we verder. De éne dag eindigden we op hoogte en deden we ’s avonds ons thermoshirt aan, de volgende dag waren we weer gedaald en zaten we ook ’s avonds nog heerlijk in korte broek en T-shirt.
De bergen zijn overweldigend groen en mooi. Wat is het Andesgebergte indrukwekkend. Je kunt op iedere hoek wel stoppen om foto’s te maken. Het is volop genieten!
We fietsten door de beroemde koffiestreek in een koffiedriehoek tussen de steden Manizales, Pereira en Armenia. We genoten van de gewéldige uitzichten over de groene heuvels met al de koffieplantages. Én we dronken en genoten bij aankomst in de plaatsjes van heerlijke Colombiaanse koffie.

31 december fietsten we ’s ochtends de laatste kilometers naar Salento om oudejaarsavond te vieren in dit mooie, ook kleurrijke stadje.
Salento is na Cartagena de meest bezochte plek van Colombia. Nabij Salento ligt de wonderschone Cocora Valley. En dat trekt vele Colombiaanse mensen vanuit de steden Bogata, Medellin en Cali naar deze vallei om te genieten en te ontspannen.
Wij hadden niets gereserveerd en bij aankomst bleek dat het stadje Salento vol zat voor de komende dagen. We vonden in het prachtige gebied rondom het plaatsje een mooie farm om de komende dagen te verblijven. Oudejaarsavond vieren, onze beentjes rust geven na al het klimmen én de Cocora Valley bezoeken. Ming was niet fit, verkouden en grieperig dus we deden het de eerste paar dagen in het nieuwe jaar rustig aan. We konden ons geen betere plek wensen, middenin de glooiende heuvels.

De Cocora Valley is beroemd om zijn palmsoort. De waxpalmen die hier groeien worden wel 45 meter hoog, soms wel tot 60 meter en hebben een zeer dunne stam. Uniek in de wereld. Je kunt in deze vallei een korte of lange hike maken, we kozen voor de lange vijf uur durende hike.
We startten al vroeg en liepen eerst door een dicht nevelwoud, langs een rivier. We staken verschillende gammele hangbruggetjes over voordat we écht moesten gaan klimmen. Bovengekomen kom je bij Finca la Montana, op een hoogte van 2900 meter. Hier hadden we een prachtig uitzicht over de omgeving.
We aten er een broodje en ineens trok het helemaal dicht en begon het zelfs te regenen. Gelukkig hadden we onze regenkleding mee. Gehuld in regenjas en -broek begonnen we aan onze afdaling richting de vallei. We kwamen langs een aantal viewpoints en zagen ondanks de mist de geweldig indrukwekkende waxpalmen. Tussen de lichtgroene heuvels staan honderden van die bomen, in de mist een heel mysterieus en surrealistisch gezicht, prachtig!
Al verder dalend door de dennenbossen trok de mist steeds meer weg en kwamen we in de vallei aan. Een wonderschone vallei, niet eerder zo’n mooie vallei gezien. Een fantastisch begin van 2022.


Het was na die heerlijke nieuwjaarsdagen best lastig afscheid nemen, we hadden het gevoel alsof we er een week waren geweest in plaats van een aantal dagen.
En toen begonnen we aan het laatste gedeelte van onze geweldige fietsreis in Colombia. Het was een zwaar gedeelte waarin we heel moest moesten klimmen. Maar ook een fantastisch mooi gedeelte, vooral het departement Cauca. We hebben een aantal dagen langs de Rio Cauca gefietst, een mooie rivier die kronkelend door het landschap loopt. In dat gebied wordt veel rietsuiker verbouwd, we zagen ze van kleine plantjes tot hele hoge stengels met daarachter steeds de indrukwekkende bergen. Heerlijke fietsdagen. We kwamen door grote stad Cali, waar het door de drukte van al het verkeer niet leuk fietsen was. Vele kilometers met veel vrachtverkeer, dat zijn we altijd snel zat. Maar ook dat hoort bij fietsen, niet alle kilometers kunnen altijd mooi zijn.
De benen werden iedere dag volop getest, we bleven maar klimmen en dalen. We waren
’s avonds altijd blij als we weer een plekje hadden gevonden en we na het koken in onze stoeltjes konden relaxen. Genieten van de rust momentjes.

9 januari was het oudjaarsdag voor Jacoline. De route die dag was onbeschrijflijk mooi, de bergen in de Andes zijn zo anders dan wij ze kennen in Europa. Allemaal lichtgroene heuvels, vele achter elkaar. Het lijken wel allemaal plakjes, heel indrukwekkend en bijzonder.
We kwamen door verschillende dorpen waar het feest was. Begin januari viert Colombia Carnaval de Blancos y Negros: een feest ter ere van de etnische verscheidenheid. Grote praalwagens kwamen ons voorbij en mensen bekogelen elkaar op pleinen met meel, schuim en waterballonnen. Ook wij kwamen niet ongeschonden uit de strijd….😉
We wilden aan het einde van die middag graag een leuke overnachting vinden en daar twee nachten blijven om de verjaardag te vieren. Helaas konden we na onze geweldige route niks leuks vinden. Er waren bijna geen overnachtingsplekjes in dit uitgestrekte gebied. We vonden een hotel langs de weg, dat werd dus tóch fietsen op de verjaardag, hier wilden we geen twee dagen blijven.
We hadden wel een lekker balkon tot onze beschikking en Ming had slingers en champagne gescoord onderweg dus we konden de verjaardag tóch leuk inluiden!
De volgende ochtend stonden er prachtige ingezongen berichtjes in de WhatsApp en konden we videobellen met onze ouders en zus & zwager. Een super leuke start van de verjaardag.


Om half tien stapten we op de fiets voor een korte ochtendrit naar Puento de Cumbaras. Daar hoopten we wél een leuk hotelletje te vinden om de verjaardag te vieren.
De rit was weer even mooi als gisteren maar bij aankomst in het plaatsje zagen we geen leuke plek om te overnachten.
We hadden steeds gehoopt om de verjaardag in Pasto te vieren maar dat lag nog ruim 80 kilometer verderop, hoog in de bergen dus dat was te ver voor die middag.
We stonden langs de weg te overleggen toen er een grote bus stopte, waarop Ipiales stond. Ipiales is de grensplaats naar Ecuador, 80 kilometer voorbij Pasto. We vroegen de buschauffeur of hij via Pasto naar Ipiales ging en dat was het geval.
We konden onze fietsen en tassen in de laadruimte van de bus leggen en daar gingen we al, op naar Pasto. Soms zit alles mee!
Om half vier stonden we middenin Pasto, op een hoogte van ruim 2500 meter.
Daar vonden we het leuke hostel waar we naar op zoek waren! Een hele gezellige plek met een mooi uitzicht over de stad. Een mooi verjaardags cadeau! We boekten er gelijk twee nachtjes om de volgende dag de stad te bekijken en te genieten van deze mooie plek! We hebben er ’s avonds in de stad heerlijk op geproost!
De volgende dag in Pasto was heerlijk, lekker rondwandelen in het historische gedeelte van de stad en de kerken bekijken. De plaats staat bekend om zijn vele kerken. Een taartje eten, nog ter ere van de verjaardag en genieten vanaf onze mooie balustrade bij het hostel. Onze kleren werden weer een keertje met de machine gewassen en de fietsen nagekeken.

Ondertussen waren we bijna bij de grens met Ecuador, zouden we ons avontuur kunnen vervolgen in dit land?
17 december 2021 hebben Colombia en Ecuador de grens bij Ipiales weer heropend. Sinds maart 2020 was de grens door de pandemie gesloten.
We hebben uit het bericht dat we hebben gelezen, begrepen dat de grens eerst voor 30 dagen open is en dat er dan een evaluatie komt.
Zouden we nu net het geluk hebben en de grens over kunnen?
De afgelopen paar weken zaten die 30 dagen steeds in ons achterhoofd, we wilden vóór 17 januari bij de grens zijn. Maar in Pasto bedachten we dat 30 dagen vanaf 17 december niet 17 januari is maar waarschijnlijk al 15 januari!
We hadden nog maar een paar dagen om de grens over te gaan vóór die datum. En we moesten ook nog een pcr-test doen, waarvan we de uitslag pas 36 uur later kregen.
Dat deed ons besluiten om niet in 2 dagen naar Ipiales te fietsen maar om het laatste stuk met de bus te doen. De volgende ochtend stonden we al vroeg bij het busstation. Eén fiets pastte achterin de laadruimte,  de andere fiets mocht mee naar binnen en stond in het gangpad. Dat is het mooie van Colombia, ze denken altijd in oplossingen en kennen geen problemen. Ze proberen iedereen te helpen. Colombianen zijn ontzettend sociaal en vriendelijk.
Na een prachtige busrit door de bergen, waren we al om 1.00 uur in Ipiales. We gingen diezelfde middag naar het laboratorium voor de pcr-test. We moesten mega lang wachten maar uiteindelijk stonden we om 16.30 uur weer buiten en waren we getest. De uitslag zou 36 uur later per email naar ons toegestuurd worden.
We hadden dus nog een hele dag in Ipiales tegoed voordat we naar de grens konden.

Acht kilometer buiten Ipiales ligt het heiligdom van Las Lajas. Het wordt beschouwd als een architectonisch wonder. Wij dachten dat het bij Pasto lag maar het ligt veel dichter bij Ipiales. Een mooie gelegenheid om deze wonderschone basiliek te bezoeken.
De basiliek is gebouwd in een kloof waardoor de rivier de Guaitara stroomt. Reden dat het tot de mooiste van Amerika behoort. We fietsten richting de basiliek toen we zagen dat je er het laatste stuk met een kabelbaan naar toe kunt. De kabelbaan is 1400 meter lang en doorkruist tot tweemaal toe de Guaitara-rivierkloof,  met uitzicht op de prachtige landschappen van het Nariño gebied. Na een kwartiertje stonden we beneden bij de basiliek. Vanuit de kabelbaan hadden we er al een prachtig uitzicht op gehad.
We hebben er een heerlijk rondgewandeld, er was een dienst, we konden naar binnen en hoorden de prachtige muziek. Een mooi moment van bezinning!


Deze mooie dag was een geweldige afsluiting van onze ruim zes weken in Colombia. We hebben ruim 2300 kilometer gefietst in dit bijzonder mooie land met zijn bijzonder open en hartelijke bevolking.
Het land heeft alles: mooie stranden, prachtige meren, de indrukwekkende Andes, de kleurrijke dorpen. Het heeft, anders dan bijvoorbeeld Costa Rica en Panama waar de Amerikaanse invloeden heel groot zijn, zijn eigen authenticiteit behouden.
En de vele mooie en bijzondere ontmoetingen onderweg, maakte Colombia ons favoriete land tot nu toe in Amerika!

’s Avonds ontvingen we de uitslag van de pcr-test in onze mail en de volgende ochtend togen we naar de grens. We gingen eerst nog even langs het laboratorium omdat we onze uitslag ook op papier nodig hadden. En toen op naar de grens met Ecuador!
Spannend bleef het wel, we hadden gelezen dat Ecuador maar vijf vaccins erkend en daar zat het vaccin van Janssen niet bij..
Gelukkig ging alles goed en keken ze meer naar de pcr-test.
En zo stonden we met een stempel van Ecuador in ons paspoort in ons 27e land! 🇪🇨 🇪🇨
We kunnen in ieder geval weer één land door, wat een goed gevoel! 🎉🎉🎉
Peru heeft zijn landgrenzen nog gesloten.

Panama & San Blas Islands.

We begonnen onze fietsreis in Panama uiterst relaxed…. Nadat we ’s ochtends de  grensovergang bij Sixaola hadden gepasseerd, fietsten we ’s middags naar Almirante.

Vanuit Almirante vertrekken boten naar een Caribische eilanden archipel.
Bocas del Toro is de hoofdstad en van daaruit kun je ook de andere eilanden bezoeken.
Daar wilden we onze beentjes graag een aantal dagen rust gaan geven.
Het was die middag te laat om de oversteek nog te maken, we hebben een hostel gezocht in Almirante zodat we de volgende ochtend al vroeg op een boot konden stappen richting Bocas del Toro. We waren de enige op het bootje, de fietsen pasten er prima op.
Na een half uur stonden we al op het eiland. Op de i-Overlander-app hadden we een leuke plek gezien waar we onze tent konden neerzetten, naast een restaurant aan zee.
Op onze laatste camping in Costa Rica hadden we een leuk Spaans gezin onmoet en ze waren een dag voor ons naar Bocas vertrokken met hun camper. We kregen al leuke foto’s doorgestuurd van deze prachtige plek, pal aan zee.
We waren van harte uitgenodigd door een Braziliaans echtpaar, de eigenaren van het restaurant.
We fietsten na aankomst op het eiland, nadat we wat boodschappen hadden gedaan, rechtstreeks naar Paki Point. Het restaurant ligt een kilometer of zeven buiten de drukte van de plaats, aan een rustig zandweggetje.
Bij aankomst werden we hartelijk ontvangen door het Spaanse gezin, super gezellig om ze weer te zien. De plek was inderdaad fantastisch, een geweldige plek om je tent neer te zetten. We mochten gebruik maken van de buitendouche en het toilet van het restaurant dus dat was helemaal top voor de komende dagen!


Genieten, relaxen, een beetje fietsend het eiland verkennen en mooie strandwandelingen maken, wat een leven op dit heerlijke eiland met z’n relaxte Caribische sfeer. Helaas was het weer niet altijd even goed, we hebben heel wat buien gehad maar omdat de temperatuur zo heerlijk blijft, is dat toch minder erg dan bij ons in Nederland.
Na 3 dagen genieten en ‘vakantie vieren’ begon het weer te kriebelen en wilden we onze fiets graag weer op, Panama ontdekken!
We werden uitgezwaaid door het lieve Spaanse gezin waar we het de afgelopen dagen super gezellig mee hadden gehad. Een prachtig gezin, ze trekken met hun 3 kinderen in een campertje door Midden- en later ook Zuid-Amerika. Zij is lerares en geeft haar kinderen elke ochtend les. Mooi om te zien hoe ze dat allemaal klaarspelen!

We stapten in Bocas weer op de ferry en zetten een half uurtje later voet aan vaste wal.
Om onze route te vervolgen moesten we een bergketen over. We wisten dat het de komende dagen pittig zouden worden.
De hoeveelheid klimmetjes bleken ontelbaar, we bleven maar klimmen en dalen.
De route was echter fenomenaal, wat een prachtig oerwoud. Onzettend gaaf om dit stuk van Panama te zien. Het was een hele rustige weg, door de stilte hoor je de indringende oerwoud geluiden, de brulapen lieten zich weer goed horen. Ook de zee zagen we steeds in de diepte liggen, wat steeds uitbundige kreten van ons opleverde: aaahh, kijk hier of wow, zie je dat……


We zagen kleine gehuchtjes en schooltjes, overal hingen vlaggetjes van Panama, een heel vrolijk gezicht. In deze omgeving wonen de meeste mensen in houten huizen op palen.
Het zijn vaak huizen met een grote veranda er omheen. Prima woonplekken, in een bijzonder mooie omgeving.
Na twee pittige klimdagen kwamen we aan in een klein dorp Gualaca. Gualaca was tevens het hoogste punt, de volgende dag konden we gaan dalen.
We zochten naar een hostel dat door vrijwilligers gerund wordt maar bij aankomst bleek er niemand aanwezig, er zat een dik slot op het hek. Dat was een tegenvaller….
We fietsten nog een stukje verder en moesten weer klimmen (en daar heb je geen zin meer in als je denkt dat je er bent…)
Uiteindelijk vonden we een geweldig leuk huisje. Een huisje wat normaal via Airbnb wordt verhuurd. Het was nu niet verhuurd en we mochten er voor een mooi prijsje een nacht in slapen. Super lief! Het was een huisje van natuursteen, in de bergen met een magnifiek uitzicht. Iedere 10 minuten was het uitzicht weer anders. De wolken gleden tussen de bergen, de zon kleurde de hemel oranje, een fantastisch gezicht. En dat allemaal vanaf onze veranda…. wat een luxe!

En ja, de volgende ochtend konden we aan onze heerlijke afdaling beginnen. We zoefden 20 kilometer lang door een prachtige omgeving, haalden soms een snelheid van 80 kilometer per uur. Wat is dat genieten! De volgende 20 kilometer brachten ons naar de Pan-American Highway. Het was gedaan met de mooie, rustige weg.
Er is eigenlijk maar één weg die naar Panama-City loopt en dat is de Pan-American Highway, een brede vier-baansweg. Deze weg verbindt de uiteinden van het Amerikaanse continent met elkaar, van Alaska tot Vuurland.
Deze weg zouden we de komende 400 km. grotendeels moeten volgen om in Panama-City te komen. Gelukkig viel het mee met de drukte en konden we prima fietsen. De weg liep glooiend door een groen landschap.
Na een lange fietsdag kwamen we aan in San Felix. We wilden die dag graag de kust bereiken, we waren Panama ondertussen overgestoken en waren bijna aan de Pacifische kust, het was nog maar 12 kilometer. Maar regen gooide roet in het eten, we kregen een geweldige bui over ons heen. Dat werd geen tentje opzetten aan de kust….
We vonden in San Felix een leuk hostal en na een douche en droge kleren, konden we op het buitenterras heerlijk ons potje koken.

De volgende dag hadden we de mogelijkheid om de Pan-American Highway af te gaan, we sloegen rechtsaf een kleine weg in. Deze weg zou ons ruim 100 kilometer verder met een omweg bij Santiago de Veraguas weer op de Pan-American Highway brengen.
Het bleek een hele goede keuze, het was een spectaculaire mooie route, veel mooier dan de Pan-American Highway. Het was een en al natuur, bijna geen dorpen en bebouwing. Natuurlijk bracht zo’n mooie weg ook weer veel klimwerk met zich mee maar het was geweldig fietsen. Wat is Panama prachtig!
Mogelijkheden om te overnachten waren er bijna niet, we kwamen na bijna 100 kilometer moe aan in Sonà, de eerste echte plaats. Daar vonden we een prima kamer om lekker uit te rusten.


De volgende dag hadden we nog een kleine 50 kilometer tegoed op deze mooie rustige weg, voordat we bij Santiago de Veraguas de Pan-American Highway weer opreden.
De Pan-American Highway loopt op een aantal plekken vlak langs de Pacifische kust. Een leuke mogelijkheid om nog een nachtje aan zee te slapen.We hadden gezien dat je in San Carlos bij een surfschool kon kamperen. Dat leek ons een leuke plek, vlak aan zee.
Aangekomen op de plek van bestemming zag het er inderdaad gaaf uit. Een surfschool met een klein restaurantje en mogelijkheden om je tent op te zetten onder rieten palapas.
Helaas hoorden we dat ze gesloten waren wegens Covid. Maar toen de dame hoorde dat het maar voor één nachtje was, ging ze toch haar baas bellen.
We kregen toestemming en stonden op een prachtig plekje aan zee, heerlijk met de voetjes in zand. Het werd een prachtige avond, lekker ons potje koken met de geluiden van de branding voor onze neus en dan de volgende ochtend wakker worden door de zon en de zee… dat is kamperen op z’n best! Het had die nacht niet geregend dus we konden
’s ochtends heerlijk droog inpakken.


Het werd onze laatste dag op de Pan-American Highway, we wilden die dag over de bekende brug, de Puente de las Americas, over het Panama kanaal, Panama-City binnen fietsen.
Een bijzonder gevoel om deze grote stad te bereiken. Het was nog niet helemaal het einde van onze reis in Panama en daarmee onze reis in Midden-Amerika, maar deze grote stad is wel een ijkpunt. We hebben Panama-City bereikt! Wow….
De lucht kleurde het laatste stuk voor we de brug bereikten echter steeds donkerder en donkerder. We waren net op tijd om nog wat leuke foto’s te maken voordat de regen opnieuw met bakken uit de hemel kwam. Midden op de brug snel ons regenjack uit de tas gehaald en op de fiets gesprongen om naar het hostal te fietsen waar we 3 nachtjes hadden geboekt.


We waren in Panama-City, de grote wereldstad met zijn imponerende skyline.
Onze reis in Midden-Amerika na ruim 6.000 kilometer al bijna ten einde.
Hoe snel gaat het allemaal, onvoorstelbaar……
Maar eerst gingen we 3 dagen genieten van de stad.

Casco Viejo is Panama-stad zoals het er meer dan een eeuw geleden uitzag. Tegenwoordig is deze oude wijk werelderfgoed en het mooiste stukje van de stad. In de smalle straatjes staan opgeknapte gebouwen naast ruïnes. Gietijzeren balkonnetjes en gebogen ramen. We zijn de eerste ochtend gelijk naar het historische centrum gewandeld. Het was leuk om door de straatjes te wandelen en de mooie gekleurde panden maar ook de ruïnes te zien. Helaas vonden wij de wijk een beetje te luxe, het is een super dure wijk geworden. De ziel van een oude, gezellige wijk is eruit. Dat was de reden dat we bijvoorbeeld zo ontzettend hebben genoten van Antigua Guatemala. Daar is het allemaal in stijl gerenoveerd met behoudt van de sfeer en het ‘gewone leven’ van de mensen in de stad. Dat misten we hier.
Antigua Panama ligt aan zee, er is een rondweg met fietspad gemaakt over het water, rondom de oude stad. Het fietsgedeelte is afgescheiden door boompjes en bloemen.
’s Middags hebben we met een heerlijk zeewindje de stad fietsend verkend. Het was super leuk fietsen, je kijkt tegen de oude stad aan en tegelijkertijd zie je de skyline van de stad. Wat een enorm verschil….
Er is ook nog een fietspad langs een schiereiland, de Amador Causeway. Een erg leuk stuk, er staan diverse bankjes waar je even kunt genieten van het mooie uitzicht op de vele boten met daarachter de skyline van Panama.

Zeg je Panama, dan zeg je Panamakanaal. Daar moesten we natuurlijk ook naar toe. Ten noorden van de stad ligt bezoekerscentrum Miraflor. Hier heb je een prachtig uitzicht op de sluizen en de mega grote schepen die door de sluis komen en er maar net doorpassen.
We stapten ’s ochtends op onze fiets maar hadden helaas geen geluk, toen we aankwamen was er net een grote boot gepasseerd en er zou pas rond 14.00 uur weer een schip komen.
We besloten om dan eerst naar Parque Natural Metropolitano te fietsen en ’s middags terug te gaan naar de sluizen.
Parque Natural Metropolitana is een tropisch regenwoud in de stad. Je kunt er wandelingen maken en genieten van de vele dieren en vogels.
Het was bijzonder om midden in zo’n grote stad in een tropisch bos te lopen. We zagen verschillende dieren en beklommen een heuvel waar we een heel mooi uitzicht hadden over de skyline van de stad.
We liepen terug om weer naar de sluis te fietsen, toen we werden overvallen door een mega bui. Gelukkig konden we daar schuilen.
De regen duurde echter zo lang dat het te laat werd om terug te fietsen naar de sluizen.
We hadden de boot gemist…

De volgende ochtend stapten we weer op onze fiets om aan onze laatste kilometers in Panama te gaan beginnen. Via Colon, Portobello naar Puerto Lindo. De plek waar onze zeilboot naar Colombia vertrekt. Maar eerst gingen we weer even langs Miraflor, het bezoekerscentrum. Het lag op onze route en we wilden het nogmaals proberen, kijken of we die dag meer geluk hadden.
Helaas komen de schepen niet op vaste tijden en zou er pas ’s middags een schip komen.
Dat was pech…
We besloten om verder te fietsen. Na een kilometer of vijftig kwamen we bij een stuwdam van het Panamakanaal. Een indrukwekkend gezicht om het enorme hoogteverschil van het water te zien.
Nadat we het kanaal verlieten, fietsten we een geweldig stuk door het tropisch regenwoud. Dat is het bijzondere van Panama, ’s ochtends waren we nog in de stad tussen de torenhoge flats en een paar uur later weer in het regenwoud. Zo dicht ligt dat bij elkaar!
De laatste tien kilometer fietsten we door de jungle naar Eco Jungle Reserve, aan het meer van Gatún. Een bijzonder mooie plek om in de jungle te kamperen.
Net voordat we er aankwamen brak de hemel weer open en werden we het laatste stukje nog zeiknat.
We konden onze tent onder een hele grote overkapping neerzetten met een geweldig uitzicht op het meer. Omdat het er zo vochtig is, zaten er ontzettend veel muggen.
We hebben onze klamboe rondom onze stoeltjes opgehangen en konden ’s avonds rustig genieten van de mooie plek en de jungle geluiden zonder die irritante muggen.
Toen we de volgende ochtend onze tent uitkwamen, was de zon terug en genoten we van een mooie zonsopkomst boven het meer. Dat was nog eens mooi ontbijten!
Nadat we nog even langs het meer hadden gewandeld, namen we afscheid van de Canadese eigenaar van dit mooie Eco Reserve. Hij heeft grootste plannen om nog heel wat nieuwe eco reserves te openen, van Brazilië tot zelfs in Azië.

We wilden die dag naar Portobello, net een stukje voor Puerto Lindo. Portobello is een mooi gekleurd havenstadje met veel oude ruïnes. De vestingwerken vallen onder UNESCO erfgoed.
Nog maar net op de fiets of de zon verdween al weer, de regenjas moest weer aan. De jassen waren nog niet eens droog van gisteren.
Het bleef dit keer echter niet bij een bui, het bleef maar regenen. En dat was erg jammer want de route was o zo mooi! We reden grotendeels langs zee en hadden geweldige uitzichten. Foto’s maken was echter geen optie, het was tassen goed dichthouden en trappen maar.
Aangekomen in Portobello vonden we een hostal middenin het gekleurde stadje. Toen het even droog was, konden we uiteindelijk tóch het stadje nog even in wandelen om de gekleurde huizen met de oude ruïnes te bekijken. Ze hebben zelfs de satellietschotels op de daken in allemaal vrolijk kleuren geschilderd.

Er is geen grensovergang over land van Panama naar Colombia. Dat is het oerwoud waar de Farc jarenlang actief was. Er lopen geen wegen, de enige mogelijkheid om van Panama naar Colombia te gaan is per vliegtuig of boot.
We hadden gehoord dat je met een zeilboot via de paradijselijke San Blas eilanden naar Colombia kunt zeilen. We zijn gaan informeren en vonden een bedrijf gevonden die dat regelt.
We reserveerden een plekje op zeilboot Quest en we zouden 26 november voor 5 dagen aan boord stappen. Het startpunt van die zeilreis was in Puerto Lindo.
Vanaf Portobello was het nog maar 20 kilometer naar Puerto Lindo. We zaten ruim in onze dagen, het duurde nog 4 dagen voordat de Quest vertrok. We waren van plan om het kleine havenplaatsje even in te fietsen om te kijken waar we 26 november zouden vertrekken en dan door te fietsen om de kustlijn nog een stukje te volgen.
We zagen in de baai een mooi plekje, een restaurantje pal aan het water. Toen we er even een kopje koffie dronken, hoorden we dat het echtpaar ook een paar appartementjes in de verhuur had boven het restaurant, waren we gelijk verkocht.
Wat een mooie plek voor de resterende dagen voor vertrek. We besloten om de omgeving vanuit deze plek te gaan bekijken en niet door te fietsen. Achteraf een heel goed besluit want er stond ons veel regen te wachten. We hoorden van de eigenaar dat het hier in dit gebied ‘Sierra Desgarradora’ heet: tranende berg….
De regentijd stopt rondom deze tijd in Panama maar hier regent het door die bergen het hele jaar door. En dat hebben we geweten….. 💧💧💧

De 4 dagen in Puerto Lindo gingen snel voorbij. Het regende heel veel, we waren erg blij met onze grote veranda waar we heerlijk droog zaten. We konden er iedere avond koken en genieten van ons prachtige uitzicht op de baai met verschillende zeilboten voor anker. Tussen de buien door fietsten en wandelden we wat om de omgeving te verkennen en zijn we naar eiland Isla Grande geweest.
Isla Grande is een klein eilandje en maar 500 meter verwijderd van vaste wal. We hebben er gewandeld en zagen het beeld wat we tijdens onze reis nu al vaker hebben gezien: geen toeristen, alles leeg en stil. En dan zie je, nu er al bijna 2 jaar geen toeristen komen, het verval van de leuke gekleurde huisjes en hostals.
Het water staat de mensen werkelijk tot aan de lippen.Tuintjes staan blank, we zagen zelfs planken voor de deuren om het water enigszins buiten de deur te houden.
Er is hard onderhoud nodig maar daar is geen geld voor, er zijn geen inkomsten.
Erg naar om te zien!

En toen werd het vrijdag 26 november, de dag van vertrek voor onze grote zeilavontuur richting Colombia en kwam er bij de aanlegsteiger in Puerto Lindo een einde aan onze fietsreis in Midden-Amerika. We zijn weer een hele ervaring rijker!
De indrukwekkende jungle, het tropisch regenwoud met alle oerwoud geluiden, de prachtige eilanden die we hebben bezocht, de mooie plekjes aan de kust, de indrukwekkende Maya-tempels, de imponerende vulkanen, het barrièrerif, de mooie begroetingen onderweg, de leuke contacten, het is teveel om op de noemen. We hebben ruim 6.000 kilometer getrapt en ongelofelijk veel gezien en beleefd!

San Blas is een eilanden archipel met ongeveer 350 eilandjes. Er zijn er maar ongeveer 40 bewoond door de Kuan-stam. Deze stam heeft als enige permissie om hier te mogen wonen. Het zijn paradijselijke eilandjes met mooie strandjes. Er kan vooral ook prachtig gesnorkeld worden door het omliggende rif.
Onze zeilreis gaat via de San Blas eilanden richting Colombia. De eerste 3 dagen wordt er rondom de eilanden gezeild, je kunt zwemmen, snorkelen en de eilandjes bezoeken. De laatste 2 dagen wordt er echt koers gezet richting Colombia. Na 5 dagen kom je aan in Cartagena. Daar gaat onze fietsreis in Zuid-Amerika beginnen!

’s Ochtends om 11.30 uur hadden we een ‘meeting’ met de captain. We ontmoeten daar ook de andere 8 opvarenden. Het was gelijk een goed gevoel, de captain was open en vriendelijk en ook met de andere koppels hadden we leuk contact. Ook luitjes die al lang op reis zijn en hun reis in Zuid-Amerika willen voortzetten. De ene als backpacker, de ander met een camper. De camper wordt in een container verscheept naar Colombia, zelf doen ze het per zeilboot. Leuke verhalen om te horen.
Om 18.30 uur gingen we aan boord van de Quest. Het is een prachtige zeilboot, de schipper zeilt al ruim 10 jaar hier in het Caribisch gebied. Het was donker toen alle bagage ingeladen werd. Onze fietsen kregen een prima plekje op het voordek, stevig met touwen vastgemaakt.
Rond 22.00 uur vertrokken we uit de haven en gingen we richting de San Blas eilanden. Wij zochten ons bedje op, de schipper had een lange nacht te gaan. De zee was behoorlijk onrustig, slapen viel niet mee. Ming had behoorlijk last van de deining en heeft een tijd buiten gezeten, het was een pittige eerste nacht.
Maar toen het licht ’s ochtends door het luik naar binnenviel en we de kajuit uitkwamen, zagen we de prachtige eilandjes. De zon kwam er, ondanks de zware bewolking, nog even door en wilde ons even verwelkomen. We gingen voor één van de eilandjes voor anker, onze eerste stop. Welkom in het paradijs….

Het weer was die eerste dag net zo slecht als aan vaste wal, het regende bijna de hele dag. Dit had de kapitein in de 10 jaar dat hij in dit gebied zeilt, nog niet eerder zo meegemaakt, zoveel regen op één dag.
We zijn daardoor die dag het eiland niet opgeweest maar ’s middags hebben we onze snorkelspullen toch opgezocht en zijn de warme zee ingesprongen.
Het koraal was prachtig, we zagen vissen in de mooiste kleuren, schitterend om te zien.
De regendruppels vielen hard op onze rug maar het was toch niet koud. De temperatuur van het water is hier ongeveer 27 graden!
’s Avonds werd het gelukkig droog en kregen we op het achterdek een heerlijk gerecht voorgeschoteld. We hebben een super kokkin aanboord!
We hebben met z’n allen geproost op de mooie avond met kokosnoot en rum!

De volgende 2 dagen was het écht genieten. Het weer was goed, de zon kwam er lekker bij. We zeilden allebei de dagen naar een nieuw plekje waar we voor anker gingen bij een aantal eilandjes. We konden de boot af, wandelen, zwemmen en prachtig snorkelen. Het rif is hier fantastisch! Met de zon erbij zijn dit echte bounty-eilanden met de mooie witte strandjes.


Ming knapte lekker op, had nu we veelal voor anker lagen veel minder last van zeeziekte.
En tussendoor kregen we steeds een heerlijk ontbijt, lunch en diner voorgeschoteld.
Volop vakantie!

Maar toen moest er toch echt aan de overtocht naar Cartagena begonnen worden, dat was natuurlijk ons doel!
Rond 17.00 uur werd het anker gelicht, de zeilen gehesen en vertrokken we voor 2 nachten en 1 volle dag de zee op. Geen uitstapjes meer, volle kracht vooruit.
Rond 19.00 kregen we ons avondeten, het was ondertussen donker en de zee was behoorlijk onrustig.
We aten de afgelopen dagen steeds gezamenlijk op het achterdek maar nu we zeilden ging dat niet en kregen we ieder een bakje op schoot.
En toen bleek dat de deining er al flink had ingehakt: uit sommige bakjes werd iets gegeten, andere werden niet aangeraakt. Meer dan de helft van de luitjes werd ziek, waaronder Ming.
De pillen tegen zeeziekte werden netjes geslikt maar het bleek niet genoeg.
Slapen in de kajuit was geen optie, als er werd gevaren mochten de luiken niet open. Het was snikheet binnen en dan ook nog eens een schommelende boot, dat kwam niet goed. De meesten probeerden daardoor op het buitendek een plekje te vinden, proberend nog wat te slapen maar dat viel helaas niet mee. Het werd een lange nacht….
De volgende dag knapten iedereen in de loop van de dag gelukkig wat op, de zee werd iets rustiger. Het zonnetje kwam erbij en er werd weer wat gegeten.

Ondertussen kregen we ’s middags tot 3x keer toe een prachtige dolfijnenshow te zien, een grote groep zwom voor de boot uit met ons mee. Eén keer zelfs meer dan een half uur, ze kregen er geen genoeg van (en wij ook niet..) Fantastisch!


We hadden gedacht dat we 2 volle nachten op zee zouden zijn maar de wind was ons echter goedgezind zodat we ’s avonds om 24.00 uur in plaats van de volgende ochtend de haven van Cartagena binnenkwamen.
Daar ging de boot voor anker, temidden van de indrukwekkende skyline ‘by night’.
Zo konden we onze laatste nacht op de boot tóch even lekker slapen. In onze kajuit, de luiken open en in rustig vaarwater!

En toen werden we de volgende ochtend wakker in Colombia, hoe gaaf was dat!
Na een gezamenlijk ontbijt was het tijd om afscheid te nemen van elkaar. De kapitein had alle immigratie formaliteiten voor ons geregeld, we konden zo van boord.
We werden met een bijbootje naar de kade gebracht en stonden na 5 dagen op zee weer aan vaste wal.
We hebben een fantastische trip gehad, écht een unieke ervaring om zeilend naar Zuid-Amerika te gaan. De San-Blas eilanden waren gewéldig, ook de onderwaterwereld was fantastisch!
Maar nu gaan we aan een nieuw hoofdstuk beginnen, we hebben het fietsen echt gemist. We hebben ontzettend veel zin om aan ons nieuwe avontuur te beginnen.
In Cartagena hebben we in het oude gedeelte van de stad, binnen de stadsmuren, een leuk hostel gevonden voor 2 nachten. Middenin een heel gaaf straatje met allemaal gekleurde vlaggetjes, wat een gezelligheid. De hele wijk is hier zo kleurrijk, we konden de Colombiaanse sfeer gelijk proeven.
Cartagena schijnt de mooiste stad van Colombia te zijn, we gaan de stad vandaag nog één dag bekijken en stappen dan weer op de fiets.
Samen fietsend Zuid-Amerika ontdekken,  het mooiste wat er is!

EL SALVADOR, HONDURAS, NICARAGUA EN COSTA RICA.

Wij zijn in Bocas del Toro, een eilanden archipel in Panama. Op een tropisch eiland waar we een aantal dagen ‘vakantie vieren’ voordat we Panama gaan verkennen.

De afgelopen weken hebben we maar liefst 4 landen doorkruist. De landen volgden elkaar in rap tempo op.
Na Guatemala begonnen we als eerste in El Salvador. In dit land wilden we de kust graag zien.
De grensovergang verliep heel soepeltjes, dat was alvast een goed begin in dit nieuwe land.
Net over de grens klapten we onze stoeltjes uit om een broodje te eten. Gelijk werden we geconfronteerd met de gastvrijheid van de bewoners. Er kwam een mevrouw naar ons toe met een bordje met rijst en kip. Welkom in El Salvador!
De volgende dag fietsten we richting de kust. Na 65 kilometer kwamen we in Mizata aan zee. We besloten te stoppen omdat we een geweldig plekje zagen om te overnachten.
Een rieten cabanas aan zee, tegelijkertijd ook een strandtent.
Het was gezellig druk op zondagmiddag, een heerlijke relaxte sfeer. Vanuit ons bedje hoorden we ’s avonds de branding, wat slaapt dat lekker.
De volgende dag liep de route vlak langs zee, een prachtige weg met steeds mooie uitzichten op de Stille Oceaan met zijn hoge golven. Pittig was het ook, de kustweg klom, en daalde dan weer naar zee.
Ook deze nacht vonden we weer een mooie plek aan zee. We wilden niet te ver fietsen, de route liep daarna weer landinwaarts en we wilden graag nog één nachtje aan zee slapen.
We vonden een plekje waar eigenlijk alles gesloten was door de Covid maar na een telefoontje mochten we er tóch overnachten. Wat een rust, op een paar locals na, zagen we niemand.
Er wordt op de Stille Oceaan heel veel gesurfd, we snappen goed waarom, er zijn geweldige hoge golven, de zee is een echt surfparadijs. Meerdere dorpen waren helemaal gericht op het surfen.


We fietsten vervolgens landinwaarts, vrij rechtstreeks naar de grens met Honduras.
Na een paar uur fietsen kochten we in een dorpje een koud colaatje. We zaten op de stoep te drinken, toen we werden uitgenodigd om verderop op stoeltjes te komen zitten. En voor we het in de gaten hadden, stond er al weer een bordje tortilla’s voor onze neus, wat een verwennerij! Na zo’n stevige maaltijd konden we er weer uren tegenaan.
We genoten onderweg van de prachtige vulkaan San Miguel, tientallen kilometers lang hadden we een geweldig uitzicht. De wolken hingen prachtig om de vulkaan.
In Santa Rosa de Lima stopten we voor onze laatste nacht in El Salvador, het was een levendige plaats met veel marktkramen. Altijd leuk om even gezellig op de markt onze groenten en fruit te halen en de sfeer te proeven.


We hoefden de volgende dag maar 20 kilometer te fietsen om bij de grens naar Honduras te komen. Helaas ging het niet zo snel als bij de grens van El Salvador. Er moest schijnbaar vooraf online een formulier ingevuld worden, wat we niet wisten. Het moest terplekke maar we hadden geen internet. Gelukkig konden we op de Wifi van iemand het formulier invullen en stonden we alsnog in Honduras, ons 22e land!

We hebben maar een paar daagjes gefietst in Honduras, alleen het kleine stukje tussen
El Salvador en Nicaragua.
De eerste kilometers in dit nieuwe land waren gelijk erg mooi. We kwamen op een kleine weg terecht richting San Lorenzo. Het was zowaar een keertje vlak, we zagen maïs en koetjes, de locals deden de was in de rivier, we hadden heel veel te bekijken onderweg.
In San Lorenzo zijn we helemaal doorgefietst naar de kust met een geweldig uitzicht over het water en de mangrove.
We zagen leuke gekleurde bootjes liggen en konden de volgende dag via een local een bootje huren om de mangrove te gaan bewonderen. Wat een geweldige natuur, echt een prachtig gebied.


In Choluteca hebben we een afspraak gemaakt voor een PCR-test. Helaas is dat voor onze trip naar Nicaragua nodig, ondanks onze vaccinatie.
We fietsten de volgende dag een kort ritje naar Choluteca. De zon kwam er al vroeg door, het werd een erg warme dag. We genoten van de mooie heuvels om ons heen.
We vonden een leuk ouderwets hotel, dichtbij het laboratorium waar we ’s avonds onze test kregen.
Om 19.00 uur liepen we naar het laboratorium. Drie uurtjes later konden we al terugkomen voor de uitslag.
Het regende ondertussen gigantisch, het water stroomde over de straten. We hadden onze regenjassen aangedaan, kregen een paraplu mee maar werden toch doornat in dat kleine stukje. Er komen hier af en toe van die gewéldige buien, onvoorstelbaar wat er in korte tijd naar beneden komt. Tropische buien die wij in Nederland niet kennen.

De volgende ochtend vertrokken we naar grensplaats Guasaule. Het is bij grensovergangen altijd een chaotisch gebeuren. Alle verkopertjes, de geldwisselaars, het is er een drukte van belang, iedereen wil wat van je.
Maar uiteindelijk komt het altijd weer goed en stonden we na een paar uurtjes in vulkanenland Nicaragua.
De route was rustig en prachtig, we fietsten lange tijd langs vulkaan Christobal, de hoogtste vulkaan van Nicaragua. Overnachtingsplekjes waren er niet, we bleven maar doorfietsen. Net voor donker kwamen we in Chinandega, de eerste grotere plaats na de grens. Daar hadden we op de i-Overlander-app een hostel gezien waar we rechtstreeks heen fietsten. Onze kilometerteller stond op 122 kilometer, genoeg voor vandaag!


Nicaragua heeft een aantal mooie oude koloniale steden. Er restte ons de volgende dag nog een kort ochtendritje naar Leon, de eerste koloniale stad.
We waren er al vroeg en hadden de hele middag om de mooie, oude stad te bekijken. Het hoogtepunt is de kathedraal, het is de grootste van Centraal-Amerika en staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO.
De kathedraal is prachtig, je kunt hem beklimmen en dat leverde geweldige uitzichten op over de stad en de omgeving met de vulkanen.
We werden op het dak van de kathedraal aangesproken door een jongeman. Hij bleek fotograaf te zijn en vroeg of hij wat foto’s van ons mocht maken. Hij heeft de foto’s gebruikt op zijn Instagram en Facebook account, heel grappig…..
We zagen in de stad weer heel veel fietstaxi’s en dat was al weer even geleden. Ook wordt hier heel veel met paard en wagen vervoerd, erg leuk dat ze dat nog zoveel doen. Alles gaat op de wagen, je kunt het zo gek niet bedenken of je ziet het voorbij komen.
Aan het einde van de middag was het weer zover, voor de vijfde dag op rij: de lucht kleurde bijna zwart achter de kathedraal, er kwam een mega onweersbui. We konden net schuilen op een leuk overdekt terras en genietend van een biertje de bui afwachten.

We zagen op de kaart een mooi klein weggetje lopen richting Managua. De verleiding is dan altijd erg groot om te kiezen voor dat weggetje ipv. de doorgaande weg. Tegelijkertijd weten we dat die kleine weggetjes na een enorme bui kunnen veranderen in grote modderpoelen. Toch namen we de gok…
En stukken waren inderdaad bijna onbegaanbaar maar het was ook ongelofelijk genieten want het was een fantastisch mooi stuk! Puur natuur, zonder auto’s, alleen af en toe paard en wagen en een fietser. We kregen steeds doorkijkjes op de vulkaan, zagen de koetjes langs de weg en genoten van de mooie wereld om ons heen.
Via Managua gingen we naar Masaya. Masaya is beroemd om zijn vulkaan. Bij deze actieve vulkaan kan je vanaf de kraterrand helemaal naar beneden kijken en het lava zien.
Rond 17.00 uur waren we bij de vulkaan om met zonsondergang de indrukwekkende krater te zien.
Het was een waar spektakel, de zon gaat onder en tegelijkertijd kijk je in de krater en zie je het indrukwekkende lava, borrelend uit het diepst van de aarde. Het werd steeds donkerder en dat leverde een magnifiek schouwspel op. Een geweldige belevenis!
Wat voel je je dan toch klein bij zoveel oergeweld.


Na vulkaan Masaya kwamen we de volgende dag langs Laguna de Apoyo. Dit kratermeer ligt op de weg tussen Masaya en koloniale stad Granada.
We konden naar Granada over de doorgaande weg maar konden ook over een klein weggetje, langs Laguna de Apoyo naar Grananda.
Het werd 23 kilometer lang genieten van dit mooie ritje langs het meer.
We zigzagden over het weggetje om de kuilen en keien heen maar genoten ook weer van de fantastische route.
We genoten van het leven van de mensen langs de route. De huisjes, de kindertjes bij school, het vervoer met paard en wagen. En iedereen is zo ontzettend vriendelijk, we worden zoveel toegezwaaid en begroet.
En dan onderweg ook nog een prachtig uitzicht krijgen over Laguna de Apoyo, er zijn van die stukken die nooit mogen ophouden, daarvoor zitten we op de fiets!

Koloniale stad Granada is kleurrijk en gezellig. Niet te groot, we hebben op ons gemak door alle straatjes gewandeld en de Kathedraal Iglesia Merced bezocht. Via smalle trappen kom je uit bij de klokkentoren waar je een mooi uitzicht hebt over heel Granada en Lago de Granada.
We hadden middenin het oude gedeelte van de stad een leuke plek gevonden bij een lieve familie. We besloten om nog een dagje extra in Granada te blijven om de stad ook per paardenkoets te verkennen. Onze gids was een enthousiaste jonge knul die geschiedenis studeert aan de universiteit van Granada. Hij wist erg veel te vertellen over de geschiedenis van de stad. We kwamen langs verschillende kathedralen, langs vele mooie koloniale panden en reden langs het meer van Nicaragua.
Granada is een schone stad en dat is echt opvallend omdat we steeds zo ontzettend veel afval zien onderweg. Alle landen hebben hetzelfde probleem: waar laat je het afval….
Het was mooi te zien dat alles hier opgeruimd wordt en er zelfs een afvalophaaldienst was!
We hadden in ons hostel een goede Wifi-verbinding en hadden tijd om onze reis in Costa Rica een beetje voor te bereiden. De grens kwam al weer inzicht.

Maar voordat we Nicaragua gingen verlaten, wilden we eerst nog naar vulkaaneiland Ometepe. Na 75 kilometer kwamen we aan in San Jorge, waar de ferry’s naar eiland Ometepe vertrekken.
Ometepe ligt in het immense Meer van Nigaragua en bestaat uit twee gedeeltes die met elkaar verbonden zijn. Beide gedeeltes worden gevormd door een vulkaan.
Bij aankomst in Moyogalpa, vonden we net buiten de plaats een rustig plekje met een heerlijke grote tuin en uitzicht op de vulkaan.
Een mooi uitgangspunt om het eiland te gaan verkennen. De volgende dag zijn we zonder onze bagage op onze fietsjes gestapt en hebben we een rondje rondom de vulkaan gefietst.
Het was een heerlijke route, we fietsten het eerste gedeelte over een klinkerweg en genoten van het leven op het eiland. Dwars door het groene oerwoud met de indrukwekkende geluiden van de brulapen. Steeds vanuit een andere plek kijkend naar de mooie vulkaan en aan de andere zijde de uitzichten over meer Nicaragua.
We genoten van het zondagse leven van de bevolking op dit relaxte eiland.
Een heerlijk eindpunt van onze geweldige fietsreis in Nicaragua. Dit land was voor ons een echt hoogtepunt op onze reis! Het heeft ontzettend veel indruk op ons gemaakt: de super lieve, behulpzame mensen, we hebben hele leuke, sfeervolle overnachtingsplekjes gehad, de wegen waren opvallend goed en we zagen vooral op het laatste gedeelte van de route veel minder afval langs de wegen. En last but not least: de vele vulkanen, die uitzichten vervelen nooit!

De pont bracht ons de volgende ochtend weer aan vaste wal voor onze laatste kilometers. En tot het laatst toe bleven we genieten van de mooie route. Links het meer Nicaragua met de twee imponerende vulkanen, rechts glooiende, groene heuvels.
Een prachtig eindpunt in een fantastisch land!

De grensovergang met Costa Rica verliep heel soepeltjes. We hadden vooraf een online formulier ingevuld en een QR-code per mail gekregen. Een heel goed systeem, het was nu bij de grens alleen nog maar een formaliteit: code scannen, paspoort controle en we kregen ons stempel.
Costa Rica kennen wij als tropisch regenwoud van de prachtige foto’s die altijd erg tot de verbeelding spreken. Het land van de overweldigende groene natuur, van laagland regenwouden tot vulkanen maar ook van tropische stranden tot nevelwouden.
De regentijd is nog steeds niet ten einde dus we waren benieuwd wat dit nieuwe land voor ons in petto had.
De eerste kilometers hadden we het gevoel van tropisch regenwoud al gelijk te pakken. Het had net geregend, het was vochtig, warm, overweldigingd groen en een uitbundige natuur.
En daardoor natuurlijk ook gelijk weer enorm zweten……

We hadden een route gemaakt die eerst een stuk langs de kust van de Stille Oceaan liep, daarna het binnenland overstak via Lake Arenal om uiteindelijk aan de andere kant van het land bij de Carabische kust uit te komen en daar bij kleine grensovergang Sixaola naar Panama te gaan.
Ons tweede dag kwamen we al bij de kust. Na een route door de groene heuvels, kwamen we aan in de baai van Culebra.
We stonden op Eco Camping Papagayo, een camping vlak aan zee. We hoorden vanuit onze tent de branding, dat is altijd zo’n heerlijk geluid!
We hebben de kust van dit schiereiland een stuk gevolgd. Een prachtige kustlijn maar het was wel erg zwaar.
We kregen hele pittige klimmetjes voor onze kiezen, het eerste stuk was nog asfalt en dat ging prima, later werd de weg erg slecht, we hobbelden en bobbelden over de grote keien en kuilen. Af en toe moesten we zelfs van de fiets om de fiets duwend op de top van de heuvel te krijgen.
Tot onze verbazing zagen we heel veel Amerikanen. We hoorden later dat aan dit gedeelte van de kust 80% van de investeringen van Amerikanen zijn. We kwamen in de ‘Westerse wereld’. Mooie winkels, grote auto’s en stranden vol met strandtentjes en barretjes.
Na een paar dagen fietsen met steeds mooie uitzichten op de Stille Oceaan, besloten we het binnenland in te gaan.
We hoopten weer op asfalt te komen. Gravelwegen zijn vaak de mooiste en rustigste weggetjes maar op een gegeven moment is het hobbelen en bobbelen genoeg geweest. Dan is het heerlijk om weer op glad asfalt te rijden.


Na 15 kilometer kwamen we weer op asfalt en trokken we door de overweldigende groene heuvels richting Lake Arenal.
Wat ons vooral opviel deze eerste dagen in Costa Rica, is dat dit land veel verder is. Alles beter georganiseerd, goede wegen, verzorgde huizen en tuinen en volle supermarkten.
Het paard en wagen heeft plaatsgemaakt voor auto’s, sommige zelfs luxe en groot.
De levensstandaard lijkt hoger. De prijzen in de supermarkten zijn ook veel hoger, vergelijkbaar met Nederland.

Lake Arenal is het grootste meer van Costa Rica en ligt aan de voet van de Arenal vulkaan. Er werd ons verteld dat we dit meer zeker moesten bezoeken. Niet alleen het meer moest prachtig zijn maar ook het gebied rondom het water zelf, heuvels van grasland en bebost land met in de verte de top van de vulkaan.
We klommen vanuit Cañas gestaag richting het meer. Het was bewolkt met af en toe een spettertje regen maar dat is met klimmen juist lekker.
De route was rustig en inderdaad prachtig door de mooie heuvels.
Na ongeveer 25 kilometer zagen we Lake Arenal beneden in het dal liggen, een fantastisch gezicht. We daalden over gravel naar het meer en vervolgden onze route langs het meer. Steile korte klimmetjes, steeds op en af langs het meer met geweldige uitzichten.
In Nuevo Arenal hebben we overnacht. We vonden er via Airbnb een klein tuinhuisje achter een woning. Het bleek een super leuk plekje, we hadden zomaar een heel huisje tot onze beschikking met zelfs een koelkast…. Wat een luxe!
Na een gezellige avond in het knusse huisje, trokken we de volgende dag verder langs het meer. Al snel moest de regenjas aan en dat veranderde eigenlijk niet meer de komende dagen. Wat hebben we een regen gehad. Ook dat hoort in de regentijd bij het tropisch regenwoud. Helaas hebben we daardoor bijna niets van vulkaan Arenal kunnen zien, alles zat in een dichte mist gehuld.
Slapen in de tent was ook geen optie, gelukkig konden we steeds cabinas huren. Vaak zijn het leuke, kleine houten hutjes, prima plekjes om lekker droog te kunnen overnachten.

We zagen onderweg enorme velden met ananassen. Heel mooi om te zien. Het lijkt op afstand zelfs wel een beetje op velden met lavendel, ook die grijzige kleur.
We hebben het later opgezocht en het blijkt dat twee van de drie ananassen die internationaal verhandeld worden, afkomstig is uit Costa Rica. Nu weten we dus waar al die lekkere ananassen in Nederland vandaan komen…

Na de regen in het binnenland wilden we graag zo snel mogelijk naar de Caribische kust, daar hoopten we op beter weer.
En dat klopte helemaal, aangekomen in Limon was het heerlijk weer. We aten  ’s avonds aan zee en zagen de zon in de zee zakken. Een heerlijke, relaxte avond.
We proosten op onze eerst 5.000 kilometer in Midden-Amerika, we hebben sinds onze start in Mexico alweer 5.000 kilometer getrapt! En dat was zeker een biertje waard!!
Het leuke is, dat we zittend op het strand, de afgelopen maanden weer een beetje gingen terughalen: ‘Weet je nog dit en hoe gaaf was dat?!?’
Wat hebben we al weer veel gezien en wat hebben we veel indrukken opgedaan.
Mooie mensen, mooie natuur, mooie ontmoetingen, zonder vervelende dingen, wat zijn we dankbaar dat we weer in zo’n mooi continent kunnen fietsen.

Vanaf Limon was er nog een laatste stukje over van onze route in Costa Rica. Een route langs de Caribische zee, richting grensplaats Sixaola.
Voordat we op de fiets stapten, zijn we met een bootje het Tortuguero Canal opgeweest, de jungle in. We zagen vanaf het water de flora en fauna van Costa Rica, de vele dieren en vogels. Het was een prachtige tocht.


Tegen elven stapten we op de fiets om met dit mooie weer nog een nachtje op een camping te slapen in Costa Rica. We hadden op de i-Overlander-app gezien dat er een geweldige leuke camping moest zijn vlakbij National park Cahuita.
In de loop van de middag kwamen we aan bij camping Maria.We werden super hartelijk ontvangen door een enthousiast echtpaar. Ze hadden ons de dag ervoor al zien fietsen en hadden tegen elkaar gezegd: die zullen wel bij ons op de camping komen. Hoe leuk….
De camping ligt op een geweldige plek aan zee. Echt een paradijsje, een juweeltje om je tentje op te zetten.
Er was ook nog een Frans koppel en een Spaans gezin, ’s avonds zaten we met zijn allen rondom een grote tafel reisverhalen uit te wisselen, een top avond!
We besloten nog een nachtje extra te blijven en de volgende dag hebben we heerlijk gewandeld in National Park Cahuita.
Aan de ene zijde loop je langs witte zandstranden en tegelijkertijd loop je door een bosrijk, moerasgebied waar we wasberen, luiaards en leguanen tegenkwamen. Een bijzondere combinatie, de jungle loopt echt tot aan de zee.
Het waren heerlijk ontspannen dagen om lekker bij te komen van de regenachtige dagen die we de afgelopen week hadden gehad bij de oversteek op Costa Rica.

En toen kwam er toch echt een einde aan ons Costa Rica avontuur, we namen afscheid van ons paradijsje aan zee en fietsen de laatste 50 kilometer naar de grens.
Sixaola is een kleine grensplaats, er stond deze keer geen lange rij vrachtagens, we waren snel aan de beurt en voor we het wisten stonden we in Panama, ons 25e land.

In Panama ligt vlakbij de grens van Sixaola de eilanden archipel Bocas del Toro.
Daar wilden we als eerste naar toe. Afgelopen zondag hebben we de ferry genomen naar het eiland Bocas del Toro.
We genieten deze dagen van een vakantie op dit tropische eiland.🌴🏖☀️🍻🌴
Onze tent staat pal aan zee, we horen de indrukwekkende branding, een heerlijke plek!
Een goed moment om een aantal dagen te relaxen en te genieten van dit bijzondere eiland.

We bereiden ons ondertussen voor op ons laatste land in Midden-Amerika voordat we onze reis in Zuid-Amerika kunnen voortzetten, beginnend in Colombia.
Een grensovergang tussen Panama en Colombia is er niet. Het is gelukt om gisteren een zeilboot te huren om straks de oversteek naar Colombia te maken.
We stappen 26 november in Puerto Lindo, Panama aan boord van zeilboot Quest om in
5 dagen, via de prachtige San Blas eilanden zeilend naar Cartagena Colombia te gaan.

Maar tot 26 november hebben we eerst de tijd om te genieten van onze fietsreis in Panama en daarmee onze reis in Midden-Amerika mooi af te sluiten.

Belize & Guatemala.

Belize is maar een heel klein landje, het heeft ongeveer 400.000 inwoners. Onze route door Belize was nog geen 400 kilometer, we dachten er hooguit een weekje te zijn. Dat liep tóch een beetje anders dan gedacht…

Belize is beroemd om zijn kustlijn. Het land heeft het op één na grootste koraalrif ter wereld en dat wilden we heel graag zien!
Maar Belize heeft nog wel strenge regels om het land binnen te komen. Ondanks dat we gevaccineerd zijn, moesten we aan de grens opnieuw een PCR-test laten doen. Ze accepteren alleen hun eigen testen. Ook moesten we een bewijs kunnen tonen van 3 nachten in een door de overheid goedgekeurd hotel. Het duurde een hele tijd maar gelukkig konden we na een aantal uurtjes de fiets op in Belize.
Welkom in vriendelijk en gastvrij Belize, de mensen zwaaiden ons gelijk van alle kanten toe! Omdat Belize een Engelse kolonie is geweest, ze vierden juist toen wij er waren hun 40-jaar onafhankelijkheid, is dit het enige land in Midden-Amerika waar ze Engels spreken. Ook wel weer even fijn, kunnen we weer gezellig een praatje maken onderweg.😉
We fietsten onze eerste dag naar Orange Walk, daar bleven we 3 nachtjes bij Casa Ricky’s. Het was gelukkig een super leuk en gezellig hostel, een fijne plek om 3 nachten te blijven. Een echt backpackers adres met een gezamenlijke keuken. De eerste dag bij Ricky werd een echte rustdag voor ons, weer eens even een dagje om onze kleding te wassen en onze fietsen na te kijken. Maar óók een dag om heerlijk op het grote dakterras te genieten met een koud biertje.


De volgende dag gingen we naar Mayaruïnes van Lamanai. Lamanai ligt verborgen in de jungle en is alleen per boot bereikbaar. De boottocht over de New River was prachtig. De rivier kronkelt door de jungle en onze captain wist erg veel te vertellen over de natuur en de prachtige vogels. Na 1.5 uur kwamen we aan in Lamanai, het schijnt vroeger een hele grote Mayastad geweest te zijn, er is maar een klein gedeelte uit de dichte jungle naar boven gekomen. Het fijnste is om de Mayatempels te kunnen bekijken als er verder niemand is. Dan hoor je de geluiden uit het oerwoud en voel en beleef je de prachtige oudheid van de tempels op z’n mooist! Ook de bomen zijn zo ongelofelijk indrukwekkend, écht bijzonder mooi.


Na 2 dagen hadden we heel veel zin om weer op de fiets te stappen, we wilden graag naar Caye Caulker, het eiland waar vandaan je naar het koraalrif kunt om te snorkelen. De boten naar het eiland vertrekken vanaf Belize-City dus fietsten we eerst naar de stad. Het lukte om op tijd bij de boot te zijn en gelijk door te varen naar Caye Caulker. Overnachten in Belize-City wilden we liever niet.
En als je dan eenmaal op de boot zit, geeft dat gelijk zo’n heerlijk gevoel! Net zoals je de boot neemt naar Terschelling, dat begint ook al op de boot!
Caye Caulker is écht een relaxed eiland; go slow! Alleen maar zandweggetjes, houten huisjes op palen en strandtentjes. Normaal zal het er te toeristisch zijn maar nu was het erg leuk om door de straatjes te dwalen. Een soort minivakantie….
We vonden er zelf ook een hotel met huisjes op palen, pal aan zee. Een super plek.

Het barrièrerif van Belize is met 256 kilometer het op één na grootste koraalrif ter wereld. Het wordt bevolkt door maar liefst 350 soorten vis.
We voeren de volgende ochtend met een bootje naar het rif. We hadden drie keer een stop om te snorkelen, de boot werd voor anker gelegd en we konden het water in.
En wat je dan ziet is onbeschrijflijk mooi! Wat een fantastische onderwaterwereld, wat een verschillende vissen, allemaal práchtige kleuren, de één nog mooier dan de andere. En het koraalrif is zo indrukwekkend en ongerept, het water is zo kristalhelder, je kunt alles prachtig zien. We hadden onze GoPro mee dus konden onder water filmen en foto’s maken. Een fantastische dag!

We fietsten de volgende ochtend nog even door de straatjes van Caye Caulker voordat we weer op de boot stapten richting Belize-City. We zetten voet aan vaste wal en gingen richting Belmopan, de hoofdstad van Belize.
Vanuit Belmopan hadden we de keuze: nu al fietsen naar de grens van Guatemala, het lag maar 50 kilometer verderop en dan kwamen we langs beroemde Mayastad Tikal of zuidwaarts fietsen en bij Punta Gorda een watertaxi nemen die ons in Livingstone Guatemala zou brengen. We wilden graag meer van Belize zien, hadden al vele mooie Mayasteden bekeken dus besloten vanuit Belmopan naar het zuiden te fietsen. En het werden práchtige dagen door de groene jungle: groen, groener, groenst. Het was klimmen en dalen met uitzichten op de fantastische groene bergen. Palmbomen, bananenbomen, kokosnootbomen en advocadobomen; het kon niet op. We kwamen aan de kust in Hopkins bij het Wetlands Nature Reserve. Een prachtig waterrijk gebied met een bijzondere flora en fauna en heel veel watervogels. Schitterend om te zien.

Na 43 kilometer bereiktte we de volgende dag de magische grens van 30.000 kilometer.
Wat een afstand zeg, daar zijn we best wel een beetje trots op! Als je bedenkt dat een rondje om de evenaar 42.075 kilometer is en wij nu dus al driekwart om de aarde hebben gefietst, dan zijn de trappers al heel wat keertjes rond gegaan…😂


In de middag was het steeds enorm heet om te fietsen, de gevoelstemperatuur lag rond de 44 graden dus dan weet je het wel als je moet klimmen….. Zweten, zweten, zweten…. We startten steeds heel vroeg in de ochtend maar dan nog was het rond de middag bijna niet meer te doen.
Maar de route was fantastisch, we zagen nu echt het binnenland van Belize, het is een grote jungle met veel mooie Maya gehuchtjes. Veel rieten hutjes met mensen in hun traditionele kleding.
Aangekomen in Punta Corda wachtte ons bij de pier, waar de watertaxi vertrekt naar Livingstone Guatemala, een verrassing: de grensovergang was gesloten! Het bleek dat er  sinds de Covid alleen nog goederen werden vervoerd per boot, geen personen meer. Tsja, daar stonden we dan…
We besloten eerst maar eens een overnachting in Punta Gorda te zoeken en dan te bedenken wat we gingen doen. Eigenlijk was er maar één optie en dat was 300 kilometer terugfietsen naar Belmopan en van daaruit de grensovergang bij Benque te nemen. Dat was volgens de douane de enige grens naar Guatemala die op dit moment open is voor toeristen.
Na een nachtje slapen aan zee hadden we de knop omgezet en begonnen we aan onze terugreis naar Belmopan. Eén groot voordeel: nu konden we toch oude Mayastad Tikal gaan bezoeken. Dat ligt maar 100 kilometer voorbij de grens bij Bengue en lag nu dus op onze route.


We fietsten in 3 dagen terug naar Belmopan, waarna we de volgende dag de laatste 50 kilometer naar de grens van Guatemala fietsten.
En dan blijkt een ongeluk soms in een klein hoekje te zitten. We waren bijna bij de grens toen ons een vrachtwagen passeerde met een lading zand/puin. Bij het passeren van Ming vloog er een kei tegen zijn hoofd. Het bloedde enorm, hoofdwonden bloeden altijd zo heftig.
Jacoline wist een auto aan te houden en de bestuurder van de auto was erg behulpzaam.
Hij bracht Ming gelijk naar het ziekenhuis in Bengue. Met 3 hechtingen in zijn hoofd kwam hij het ziekenhuis weer uit. Dan besef je weer even hoe kwetsbaar we als fietsers zijn.
We wilden de grens die dag nu niet meer over en besloten in Bengue een plekje te zoeken. Gelukkig ging het de volgende dag goed en besloten we naar de grens te gaan.
Ondertussen waren we bijna 2 weken in Belize geweest ipv de kleine week die we in gedachten hadden. We hadden veel meer gezien van dit kleine, prachtige land gezien dan vooraf gedacht.


Bij de grensovergang ging alles prima, het ging veel vlotter dan in Belize. Het was nu alleen paspoort en vaccinatiebewijs laten zien en het stempel van Guatemala stond al in ons paspoort. We waren in Guatemala, ons 20e land, er stond ons weer een nieuw avontuur te wachten……

Ons eerste hoogtepunt in Guatemala was Tikal. We fietsten door het indrukwekkende regenwoud naar het afgelegen Tikal. Er zijn een aantal overnachtingsplekken bij de ingang van het park. Het fijne is dat je dan ’s ochtends als eerste het park in kunt, de mensen die een dagje naar Tikal komen zijn er allemaal veel later.
National Park Tikal is 576 km2 groot en werd in 1979 door UNESCO tot werelderfgoed verklaard. Het was een van de grootste steden van de Maya’s en ligt in een dicht regenwoud.
We stonden om 06.30 bij de ingang en hadden het park de eerste uren voor ons alleen. En dat is ontzettend gaaf!! Alleen met de fascinerende tempels en de indrukwekkende geluiden van de dieren in het oerwoud. De brulapen waren weer goed vertegenwoordigd!
Drie tempels mag je beklimmen, wat een geweldig uitzicht opleverd over het enorme regenwoud. Het was een magische ochtend!


’s Middags stapten we weer op de fiets en lieten we het regenwoud langzaam achter ons. We kwamen uit op het eiland Flores. Het oude gedeelte van de stad is gelegen in het meer van Peten Itzá. Het is een pittoresk dorp met leuke staatjes en vele gekleurde pandjes. Normaal is het super toeristisch maar nu durfden we het aan. We verbleven bij een erg leuk hostel waar we een hele gezellige avond hadden in een prachtige verborgen tuin. De eigenaar van het hostel bleek een Nederlander te zijn. Hij had het erg goed voor elkaar, het was een super gezellige plek waar veel backpackers bij elkaar komen.
We hebben de volgende dag heerlijk een aantal uurtjes door de leuke straatjes van Flores gedwaald en genoten van het kleurrijke dorp.


Na Flores ging onze route zuidwaarts, richting Rio Dulce. We dachten deze plaats via Belize te bereiken maar nu gingen we er alsnog naar toe. De 300 kilometer die we in Belize noordwaarts zijn gefietst omdat de grens gesloten was, fietsten we nu in Guatemala weer zuidwaarts. Aan de andere kant van de grens….
De regen blijft ons nog altijd vergezellen, de regentijd is nog steeds niet voorbij. Af en toe komen er van die heftige buien, het water komt dan met bakken uit de hemel. Soms waren we net op tijd ‘binnen’, soms probeerden we eerst nog te schuilen maar lieten we ons vervolgens tóch maar nat regenen. Warm blijft het dus dan is nat worden niet zo erg.
In Chacte, een leuk dorp met mensen in prachtige traditionele kleding, waren we net op tijd ‘binnen’. We hoorden de harde regen tijdens het douchen op ons dak.
We besloten na het douchen een biertje te gaan drinken. Het was vrijdagmiddag vijf uur, een mooi moment om het weekend in te luiden. We bestelden een biertje maar kregen vervolgens van de locals vele biertjes toegeschoven, onze tafel werd voller en voller…
Kom dan nog maar eens weg……..😜


Ook de volgende ochtend regende het pijpenstelen en dan is het moeilijk vertrekken.We stelden het steeds uit, geen zin om met regen te beginnen. Tegen tienen werd het gelukkig droog en stapten we op onze fiets. Het werd vervolgens een prima dag, de zon en wolken wisselden elkaar af en de route was wederom schitterend. Er was geen stukje vlak, het was klimmen en dalen maar doordoor hadden we steeds weer van die verrassende uitzichten.
Het was weekend en dan is het altijd erg leuk om het dorpsleven te volgen. Veel mensen zijn vrij en dat wordt samen met de familie gevierd. Eten is altijd een sociaal gebeuren, we zagen de tortilla’s, torta’s, biertjes en Coca Cola aan alle kanten voorbij komen.
In de loop van de middag kwamen we aan in Rio Dulce, aan de gelijknamige rivier. De rivier stroomt van het Izabalmeer (het grootste meer van Guatemala) naar de Golf van Honduras. We fietsten de torenhoge brug over en zagen het stadje aan beide zijden van de rivier onder ons liggen. Het hostel wat we in gedachten hadden, lag op een prachtige locatie aan het meer, net onder de brug. Het bleek een heerlijk simpel hostel, waar we nog een extra nachtje zijn gebleven. We zijn met een bootje het meer op geweest en hebben genoten van een ontspannen dagje aan het water.


Guatemala heeft veel vulkanen en bergen en daarom wilden we graag naar Antigua Guatemala wat tussen de vulkanen in ligt. Dat hield in dat er veel geklommen moest worden de komende dagen. We hadden twee keuzes: of boven het meer langs fietsen, waarschijnlijk de mooiste route maar ook heel veel klimwerk. Of onder het meer langs fietsen en dat betekende fietsen over een drukke weg maar minder heftig klimmen, de klim liep veel gestager. Door de hitte van elke dag kozen we voor de drukke weg en dus gestager klimmen. Het zou evenwel zwaar genoeg worden.
De eerste 30 kilometer gingen nog prima maar toen we eenmaal de vrij rustige CA13 verlieten en we op de CA9 kwamen, was het gedaan met de rust.
De vrachtwagens denderden aan ons voorbij. De route was prachtig, links en rechts steeds mooie uitzichten op de omliggende bergen maar die ronkende vrachtwagens, daar wordt je niet blij van op je fietsje…. Bovendien voelden we ons ook niet echt veilig meer, je wordt af en toe bijna van de weg afgereden.
Gelukkig ging het de volgende dag een stuk beter, er kwam namelijk een brede strook naast de weg te liggen. De vrachtwagens bleven maar we voelden ons wel veel veiliger. En bovendien zagen we op de kaart dat er aan de andere kant van de rivier een rustige, kleine weg lag. Daar konden we 50 kilometer lang genieten van de rust. Er werd veel langs de rivier verbouwd, we zagen mooie grote velden met de rivier en de bergen steeds op de achtergrond. Vijftig prachtige kilometers.

Om in Antigua Guatemala te komen moesten we helaas eerst door grote stad Guatemala fietsen. En dit is een enorme stad, niet echt fijn om doorheen te fietsen.
We klommen ’s ochtends gestaag richting de stad. Er was wat bewolking en dat kwam ons goed van pas. Tegen de middag kwamen we steeds dichter bij de stad en werd het steeds drukker. We aten een broodje langs de weg en spraken een man die met een vrachtwagentje op weg was naar de stad. We mochten met hem meerijden, wat een geluk zeg! Hoefden we de grote stad niet helemaal te doorkruisen. We zaten in de laadruimte bij onze fietsen en zagen hoe groot en druk Guatemala-stad is. Middenin de stad was onze eindbestemming, het tochtje zat erop. We waren erg blij met onze lift. De meneer van de vrachtwagen was echter zeer behulpzaam en hoorde dat wij naar Antigua wilden. Hij vond het veel te druk om dat fietsend te doen en liep ons voor naar het busstation. Voor we het wisten werden onze fietsen op het dak van de bus gelegd en al rijdend konden we nog net instappen. We hadden zelfs geen kans meer om de vrachtwagenchauffeur te bedanken.
Het was inderdaad een drukte van belang op de weg, het duurde nog een aantal uren voordat we in Antigua waren. Rond 17.00 uur kwamen we na twee flinke klimmen aan in Antigua, waar we net voor donker nog een hostel konden vinden. Wat een tref dat dit vandaag allemaal op ons pad kwam!

Antigua is een koloniale stad en werd in 1979 door UNESCO aangewezen als werelderfgoed. De stad ligt in een prachtige vallei met uitzicht op machtige vulkanen. Als je naar de beroemde Santa Catalina boog kijkt, zie je op de achtergrond de Agua-vulkaan.
We hebben de eerste twee dagen heerlijk rondgedwaald in de vele straatjes en steegjes, hebben de prachtige historische gebouwen bewonderd en zijn naar de markt geweest. De mensen, de potten en pannen, het fruit en de groentes, alles is even kleurrijk!


Ondertussen verhuisden we een klein stukje vanuit het hostel naar een camping net buiten het historische gedeelte van de stad. Nu we op een hoogte van 1500 mtr. zaten, konden we ook weer heerlijk kamperen. Het was hier veel minder warm en er zaten ook veel minder muggen.
De temperatuur was heel aangenaam, overdag rond de 24/25 graden en ’s avonds was het zelfs koel en deden we voor het eerst sinds we in Midden-Amerika zijn een vestje aan.
Een van de redenen waarom we naar Antigua wilden is dat je van hieruit vulkaan Acatenango kunt beklimmen. We hadden er prachtige verhalen over gelezen en er nog mooiere foto’s van gezien.
Bij de beklimming van de Acatenango, heb je uitzicht op vulkaan Fuego. Deze vulkaan is nog actief en om een vulkaan op korte afstand te zien spuwen, moet een fantastische ervaring zijn.
We gingen naar een Travel-agency en boekten een 2-daagse hike naar de top van vulkaan Acatenango. (3980 mtr. hoogte)
De volgende dag werden we om 9.00 uur opgehaald en werden naar het beginpunt van onze beklimming gebracht. We waren met nog 2 stellen en een man alleen dus we hadden een groepje van 7 en de gids.
Het weer was goed, we vertrokken lekker in korte broek. Onze rugzak (die we konden lenen) was zwaar. Dikke kleding voor de nacht, 3 maaltijden maar ook 5 liter water. Dat was best even wennen. Het klimmen ging prima, af en toe hadden we een stop. In de middag werd het helaas steeds bewolkter. Aangekomen op ons Base-Camp, op een hoogte van 3400 mtr., zagen we helaas niet veel. We konden weinig van de prachtige omgeving zien. Het was koud en zelfs een beetje nat, we kleden ons lekker warm aan en er werd een vuurtje gemaakt. Gelukkig trok het rond zonsondergang open en konden we genieten van de prachtige vulkaan. Om de 20 minuten spuwt de vulkaan rook en gloeiend as. Wat een fantastisch schouwspel is dat! Het gaat gepaard met een donderend en roffelend geluid, super indrukwekkend. Onze avond kon niet meer stuk! Je blijft maar kijken, je krijgt er geen genoeg van. Rond 22.00 uur kropen we in onze tenten, we wilden proberen nog een tijdje te slapen voordat we de volgende ochtend om 03.30 uur gewekt zouden worden.


We vertrokken in pikkedonker naar de top. We waren vannacht meerdere malen wakker geworden van het oorverdovende kabaal van de spuwende Fuego.
Het was prachtig helder maar ook heel koud. Dik ingepakt in ons donsjack klommen we rustig naar boven.
Eenmaal boven was de euforie heel groot! We hadden het geflikt, we stonden op een hoogte van 3980 mtr. op een vulkaan met het meest fantastische uitzicht wat je kunt bedenken. Uitzicht op meerdere vulkanen, de zon die opkomt achter een vulkaan, het was fantastisch! Wat geeft dat een kick!

Na een tijdje was het weer tijd om te gaan dalen. We daalden eerst terug naar ons basiskamp waar we gezamenlijk ontbeten. Ook vanaf het basiskamp hadden we nog steeds een geweldig uitzicht! Het was helder en we konden zo ver kijken, bizar mooi!
Rond een uurtje of negen werd het tijd om aan onze afdaling te beginnen. En dat was nog best pittig, dalen klinkt zo makkelijk maar dalen in lavagrind is lastig, je glijdt veel weg.
We waren blij dat we rond de middag beneden waren.
Wat hebben we enorm genoten van ons grote avontuur, dit was een hele bijzondere belevenis!


Voordat we weer op de fiets stapten richting El Salvador, wilden we graag eerst nog naar Lake Atitlán. Kratermeer Atitlán ligt op 1500 mtr. hoogte en wordt omgeven door maar liefst 12 vulkanen. Er liggen verschillende bergdorpjes aan het meer en wij zijn met de bus naar Panajachel gegaan. Een prachtige route over verschillende bergtoppen boven de 2000 mtr. Omdat de dorpen onderling over de weg heel moeilijk bereikbaar zijn, zijn er watertaxi’s/bootjes die je naar andere bergdorpjes brengen. Het is prachtig om met een bootje over het kratermeer verschillende dorpjes te bezoeken. De uitzichten op de omliggende vulkanen zijn geweldig.
Ieder bergdorp maakt een verschillend lokaal product. Wij zijn met de watertaxi naar twee dorpjes geweest. Naar Santiago Atitlán, een authentiek bergdorp waar de mensen in traditionele klederdracht lopen. We zijn er naar de markt geweest en keken er onze ogen uit. Wat een plaatselijke producten, heel bijzonder! Allemaal weer zo kleurrijk, dat geeft echt zo’n feestelijk gevoel! Bijzonder mooi om te zien.
De volgende dag zijn we naar San Juan gegaan. Dit dorp staat bekend om haar mooie handwerk en schilderkunst. Overal vind je winkeltjes waar je locale kunst kunt kopen. We zagen ook heel veel muurschilderingen op de panden, heel mooi gedaan.
Na terugkomst in Panajachel zijn we weer in de bus gestapt naar Antigua.


Na bijna een week ‘vakantie’ stapten we weer op onze fiets voor de laatste 150 kilometer in Guatemala.
Het werd een dag van heerlijk dalen langs de prachtige vulkanen Acatenango, Fuego en Agua, we keken er al dalend prachtig tegenaan.
We daalden van 1500 mtr. terug naar 20 mtr. hoogte en we kwamen weer terug in de hitte. Het werd weer heel veel zweten.
Na bijna 100 kilometer vonden we een bijzonder leuke camping die we hadden gezien op de iOverlander-app. Een gezellige chaos camping! Het was een super lief echtpaar en ze verwenden ons grandioos.
Ze hebben een geweldig terrasje bij de camping gemaakt met een originele T3 Volkswagen als drank- en foodtruck.
Een super leuke afsluiting van onze laatste avond in Guatemala. De ochtend van vertrek stond het ontbijt voor ons klaar en kregen we van alles mee voor onderweg.
Helaas werden we op hier wél weer helemaal lek gepikt door de muggen, kamperen is in de regentijd op zeeniveau eigenlijk niet te doen…😪

Na het heerlijke ontbijt begonnen we aan onze laatste 50 kilometer in Guatemala, op naar de grens van El Salvador. 🇸🇻 🇸🇻
We hebben eerst in Belize en daarna in Guatemala genoten van de super vriendelijke en gastvrije mensen! Genoten van de weelderige groene natuur, het is prachtig om daar doorheen te fietsen. De natuur explodeert met zoveel warmte én regen.
Het koraalrif in Belize, de beklimming van vulkaan Acatenango, het waren bijzondere hoogtepunten van deze mooie weken.
We kijken weer uit naar het vervolg van onze reis…….🚴‍♂️🚴‍♀️

Mexico.

Ruim 3 weken hebben we na ons Afrika-avontuur vakantie gevierd in Nederland. Een heerlijke tijd samen met ouders, familie en vrienden. Wat was het fijn om weer even te genieten van al die gezelligheid. We werden ongelofelijk verwend, de kilo’s vlogen er weer aan, het was tijd om aan ons nieuwe avontuur te beginnen!


Vrijdag de 13e werd onze vertrekdatum naar Mexico, een mooie datum voor een nieuwe start, in een nieuw continent.
We hadden een prima vlucht, na een korte tussenstop in Lissabon, landen we ’s avonds om 22.00 uur plaatselijke tijd in Cancun. Het tijdsverschil met Nederland is 7 uur dus voor ons gevoel was het al lang na middernacht. We hadden door onze late aankomst thuis al een hotel geboekt, vlakbij de luchthaven. 24.00 uur was onze uiterste inchecktijd, we dachten nog net tijd genoeg te hebben om onze fietsen weer rijklaar te maken en de 5 kilometer naar het hotel te kunnen fietsen. Helaas duurde het zo lang voordat onze bagage en fietsen van de band kwamen, dat dat niet meer ging lukken.
We liepen naar buiten en de warmte viel over ons heen, het zweet stond op onze voorhoofden. Gelukkkig konden we nog een taxibusje regelen zodat we net voor 24.00 uur konden inchecken. Wat een heerlijkheid om dan je bed in te duiken!


De volgende ochtend hadden we alle tijd om onze fietsen uit te pakken en weer rijklaar te maken. We hoefden pas om 12.00 uur uit te checken.
We deden wat boodschapjes en kochten een simkaart voordat we rond de middag op pad gingen. De lucht werd steeds dreigender en donkerder, nog maar net een aantal kilometers onderweg of we kregen onze eerste tropische bui over ons heen. De regen stroomde over de straten. Heel erg is het niet, de regen is gewoon warm.
We zullen hier in onze weken in Mexico vaker mee te maken krijgen, we starten in de regentijd.
Na 50 kilometer kwamen we aan in Playa del Carmen, een mooi ritje om mee te beginnen, goed om te wennen aan de warmte en de hoge luchtvochtigheid.
We vonden een leuk plekje bij een familiehotelletje, midden in het centrum. Nu waren we écht in Mexico, we hoorden Mexicaanse muziek en zagen de leuke stalletjes vanaf ons balkon. Welkom in Mexico!

We zouden vanuit Mexico met een aantal dagen richting Belize kunnen fietsen maar we willen graag eerst meer zien van het schiereiland Yucatan voordat we naar Belize gaan.
Yucatan staat bekend om zijn prachtige stranden en de vele Mayatempels. Daarnaast zijn er meer dan 1000 cenotes; ondergrondse grotten waar je vaak kunt snorkelen en zwemmen.
Mooie vooruitzichten voor de komende weken in Mexico.
We vervolgden onze route van gisteren langs de kust richting Tulum. We vonden een prachtig plekje voor onze tent op Playa Roca met een geweldig uitzicht op de felblauwe zee. Dit zijn de juweeltjes om te kamperen!


Het werd een warme, zwoele nacht in onze nieuwe tent, het blijft ook ’s nachts erg warm in Mexico.
De volgende dag gingen we op pad naar Mayastad Coba. Deze Mayastad heeft meerdere ruïnes met Nohoch Mul als hoogste in dit gebied.
We hebben uren rondgewandeld langs de indrukwekkende tempels, heel bijzonder om een indruk te krijgen van de mooie Mayacultuur.
Natuurlijk wilden we ook graag één van die vele cenotes bezoeken. We fietsten naar Cenote Cuytun, een indrukwekkende cenote waar het zonlicht als een prachtige straal naar binnen valt. Het was heel bijzonder om in de prachtige grot te zwemmen met die zonnestraal naast je. Het water is kristalhelder en de visjes zwemmen om je heen. Een prachtige ervaring.

Na geweldige Mayastad Coba stond ons volgende hoogtepunt alweer op het progamma: Chichén Itzá.
Chichén Itzá is onderdeel van de Unesco werelderfgoedlijst én uitgeroepen tot één van de zeven wereldwonderen. Bij vertrek ’s ochtends was het al drukkend warm. De afgelopen dagen waren mooi droog en zonnig geweest, nu waren er weer buien opkomst.
Na 45 kilometer  kwamen we aan bij de ingang van Chichén Itzá. Tot onze verbazing werden we staande gehouden en mochten we niet naar binnen. We kregen te horen dat er een orkaan opkomst was en dat alles uit voorzorgsmaatregelen al gesloten was. We wisten dat er veel regen en harde wind was voorspeld maar van orkaan Grace waren we niet op de hoogte.
Dat hield in dat we een veilige plek voor de komende 2 dagen moesten zoeken om hopelijk daarna alsnog Chichén Itzá te kunnen bezoeken. De tent opzetten was nu geen optie.
We vonden gelukkig een gezellige ‘casa’ bij een lieve familie. Mooi beschut, waar we op een lekker plekje de orkaan konden afwachten. We wisten niet goed wat we ervan konden verwachten.
De volgende ochtend was het nog aardig rustig, we hadden op het nieuws gezien dat orkaan Grace rond zeven uur aan land zou komen dus het duurde nog tot het einde van de ochtend voordat wij echt in de storm zouden komen.
Tegen elven zwiepten de palmbomen heen en weer, wat ging het tekeer. We moesten echt op onze kamer blijven, buiten kon je niet zijn. Helaas viel de stroom uit en was het gedaan met onze ventilator die het binnen nog een beetje aangenaam maakte. En we hadden geen bereik meer.
In de loop van de middag durfden we ons buiten te wagen en zagen we dat het voor onze deur bezaaid lag met boomtakken en bladeren. Alle winkels waren gesloten, behalve de supermarkt en de bakker.
De volgende dag scheen het zonnetje weer en was de rust weergekeerd en fietsten we naar de ingang van Chitzén Itzá.
Helaas werden we wederom staande gehouden en hoorden we dat die dag alle stormschade opgeruimd zou worden en dat we de volgende dag weer welkom waren.

Na 3 dagen konden we dan eindelijk naar Chitzén Itzá en het was het wachten meer dan waard: het was prachtig! Chichén Itza was één van de belangrijkste steden van de Maya’s, hier bevindt zich de piramide van Kokulcan. Buiten de indrukwekkende piramide is er nog veel meer mooi’s te bewonderen.
Wel was het voor het eerst, sinds we in maart 2020 op de fiets zijn gestapt, weer druk bij het bezoeken van een toeristische trekpleister. Er waren heel veel toeristen.

We vervolgden onze route over kleine weggetjes en kwamen door kleine gehuchtjes met een kerk en een dorpsplein eromheen. Alles in Mexico is fel gekleurd: van de huizen tot de winkels, ze verven alles in leuke felle kleuren. Vaak hangen er ook allerlei vlaggetjes aan kerken en grote gebouwen, super kleurrijk allemaal. Het staat allemaal heel gezellig.
De wereld op de fiets verkennen is zo leuk! Ieder land heeft zo weer zijn eigen gewoontes en dan is het zo ontzettend leuk om dat fietsend door al die dorpjes te ontdekken.
Het leven van alledag trekt aan ons voorbij. De vele fiets- en brommertaxi’s, de kleine ‘gewone’ fietsjes en allerlei kevertjes en andere oude auto’s in allerlei kleuren.
De mensen langs de kant van de weg druk bezig met vlees braden, de vele ijsverkopertjes, de mooie stalletjes met heel veel kleurrijke groenten en fruit, het is een drukte van belang om de kost te verdienen, ieder op zijn eigen manier.
En als we dan ’s avonds in een dorp overnachten, vinden we het heerlijk om nog even het dorp in te wandelen voor een drankje of een tortilla.

Na Mayastad Coba en Chitzén Itzá, stond er na een aantal fietsdagen al weer een andere archeologische vindplaats op ons progamma: Uxmal.
De piramide van de tovenaar is het meest spectaculaire gebouw. Het is een van de weinige piramides met een ronde of eivormige basis. De Vierhoek van de Nonnen is een enorme binnenplaats omringd door vier gebouwen en het Gouverneurspaleis wordt beschouwd als een van de mooiste en interessantste gebouwen in de Maya-architectuur.
Het fijne was dat het hier super rustig was, er waren maar heel weinig mensen en ook heel weinig verkopertjes. We konden heerlijk rondwandelen zonder gestoord te worden.
Een geweldige Mayastad!

Ondertussen waren we schiereiland Yucatan overgestoken en kwamen we aan de andere kant van het eiland in Campeche.
Campeche ligt aan de kust en is een prachtig ommuurde stad. In 1999 is de stad op de werelderfgoedlijst van UNESCO terechtgekomen.
Binnen de stadsmuren bevindt zich het mooie oude gedeelte met ook weer prachtig gekleurde panden.
We vonden een oud hotelletje binnen de stadsmuren en konden ’s avonds heerlijk door de straten slenteren. Uiteindelijk zagen we een hele leuke plek om te eten, op een pleintje naast de kerk. We zaten echt tussen de Mexicaanse mensen, een super leuke ervaring.

Vanaf Campeche gingen we een aantal dagen de kust volgen. We voelden steeds een aangename zeebries tijdens het fietsen en dat was erg lekker, want vooral de middagen zijn super heet! We proberen steeds vroeg te starten maar tegen elven loopt de temperatuur al weer snel op.
We zijn geen moment van de dag droog hier, alles is nat en doorweekt, we zweten wat af op een dag.

Aan de kust vonden we ook weer geweldige plekjes om te kamperen. We waren steeds de enige op het strand en konden vanuit onze tent de zon in zee zien zakken.
In de schaduw, onder een palm, uitzicht op zee, wat wil je nog meer….
Aan deze zijde van de kust waren geen toeristen, het is nog niet ontdekt door het massa toerisme. Die hebben we allemaal achtergelaten rond ons startpunt rond Cancun, Playa del Carmen en Tulum.
Onze nieuwe tent kreeg zijn eerste vuurdoop: ’s nachts kregen we een enorme wolkbreuk boven onze camping en het onweerde gigantisch. Gelukkig weerde de tent zich goed en konden we de volgende ochtend alles nat maar weer goed inpakken.
De wolkbreuk had straten blank gezet, af en toe fietsten we bijna tot aan onze kuiten door het water.

We kwamen door verschillende vissersdorpjes met heel veel vissersbootjes. Bijzonder om te zien hoe ze met allemaal bamboestokken op hun bootje aan het vissen zijn.
We passeerden verschillende lange bruggen, zagen zelfs dolfijnen vanaf een brug en fietsten over eiland Isla Carmen.
Nadat we eiland Isla Carmen hadden verlaten, kwamen we weer aan vaste wal en hebben we de zee gedag gezegd.


Wat volgde was een rit door een geweldig moerasgebied, aan beide zijden van de weg steeds volop water met heel veel vogels. En zo ongelofelijk groen allemaal, wat is dit toch anders fietsen dan ons half jaar in Afrika. Een totaal andere wereld, dat maakt reizen zo leuk!
We kwamen in Frontera en van daaruit gingen we meer dan 100 kilometer twee rivieren volgen. De rivieren kronkelen prachtig door het landschap.
We volgden vanaf de fiets het leven van de mensen die aan de rivier wonen. Het is zo mooi als dat allemaal aan je voorbij trekt. De vele bootjes, kleine winkeltjes, de boeren met wat koeien en een paar kipjes en kalkoenen op het erf. Het is alsof er gedurende de dag een film wordt afgespeeld.
De weg was soms net een gatenkaas maar we slingerden er wel omheen. Geen haast, genietend van alles om ons heen.
Aan het einde van die geweldige dag kwamen we aan in Jonuta. Vanaf Jonuta was het nog maar 100 kilometer naar Palenque. Palenque stond absoluut op ons lijstje om te bezoeken!


Nog één dag fietsen en dan konden we wederom gaan genieten van indrukwekkende Maya-tempels!
Bij aankomst in het dorp Palenque deden we de volgende dag onze boodschappen en toen fietsten we richting ‘Zone Arquelógica’. Palenque is prachtig gelegen in de jungle.
De weg werd rustiger en rustiger, we reden de jungle in. Net voor de toegangspoort vonden we een heerlijke plek, middenin de jungle, om 2 nachtjes te blijven.
We hoorden die nacht en ochtend indrukwekkende geluiden komen uit de jungle. De brulapen maakten een oorverdovend kabaal. We hebben de geluiden opgenomen,  het gaat bizar hard! Heel bijzonder om mee te maken.
We stonden ’s ochtends om 8.00 uur bij de ingang van de ruïnes. En dat was super fijn, het was nog erg rustig. Ook met de hitte is het ’s ochtends vroeg nog een beetje te doen om de ruïnes te bewonderen.
We hebben in alle rust kunnen genieten van de fantastische ruïnes. Het was ook prachtig om in het gebied er omheen te wandelen, dwars door de jungle met vele watervallen.
Wat een oerwoud, wat groen, wat immens!

Voordat we naar Guatemala gaan, willen we eerst graag naar Belize. Dat houdt in dat we eerst weer noordwaarts gaan, eigenlijk weer bijna terug naar het begin van onze route, om naar de grens van Belize te kunnen.
We fietsten eerst druk Palenque uit, voordat we weer op een heerlijke rustige weg kwamen.
Na een kilometer of 30 gingen we via een gravelpad de jungle in. En dat was gelijk het mooiste stuk van de dag. We zagen weer kleine gehuchtjes waar de kippen en varkens rond keuvelden en hoorden de apengeluiden om ons heen.
Helaas draaiden we na 50 kilometer de grote doorgaande weg op. Het bleek een rechte weg waar niet veel te zien was en met veel vrachtverkeer. Het was ondertussen alweer bloedheet en ons water had zich óók aan de temperatuur aangepast…
Een koud drankje kopen lukte niet, er was niets onderweg. Ook het vinden van een overnachtingsplek bleek lastig, er waren geen dorpjes.
Dit was zo’n middag dat het afzien het won van het genieten.
Na 113 kilometer kwamen we helemaal moe en verhit aan in El Agucatal. We zagen een tentje aan de weg met koud water en watermeloen. Wat smaakt dat dan lekker!
Gelukkig was er ook een hotelletje en konden we heerlijk koud douchen.
Het bleef die avond zo heet, dat buiten zitten gewoon nog te warm was. Dan maar binnen bij de fan om het hoofd koel te houden….

Doordat het zo warm is en het in de nachten niet veel afkoelt, kamperen we minder dan we graag gewild hadden. Er is ’s avonds weinig wind en daardoor blijft het in de tent super warm. We liggen te zweten op onze matjes.
Dan is het fijner na een hete dag fietsen ’s avonds te kunnen afkoelen in een kamertje met een fan of airco. Dat slaapt stukken beter. 😉

We zouden de rechte, saaie weg nog een stuk vervolgen maar de volgende dag waren we er na 25 kilometer klaar mee, we hadden tegenwind en vonden dit niet leuk fietsen. We zagen op de kaart een andere kleinere weg, meer kilometers maar vast leuker.
Na 15 kilometer konden we rechtsaf slaan en kwamen we op een mooie weg met prachtige vergezichten. We aten op een leuke plek ons brood en genoten op de achtergrond van Mexicaanse muziek. Dit was weer genieten, daar zitten we voor op de fiets!
’s Middags kwamen we aan in Candelaria, een dorp aan een rivier. We vonden een geweldig kleurrijk hotel, echt een gaaf plekje. We maakten wat foto’s en gingen douchen. Ineens hoorden we een enorme donderslag, het weer was totaal omgeslagen. Het donderde en flitste hevig en toen kwam er een ondertussen bekende wolkbreuk. Waren wij even blij dat we net binnen waren.
Na de bui liepen we het dorp in voor onze boodschappen en hoorden we op de terugweg live muziek. We keken om het hoekje van een soort schuur en belanden in een Mexicaanse ‘kroeg’. Lekker op vrijdagmiddag aan een biertje met live muziek, hoe leuk is dat!

Het lijkt de laatste paar dagen bijna vaste prik te worden, in de namiddag komt er een gigantische bui.
We hadden een soort van natuurcamping op het oog bij een ranch. Het was een prachtig open veld, middenin de bush. Er was een buitendouche en wc, alles super eenvoudig maar helemaal leuk. Er was ook een soort open schuurtje met een paar oude rieten stoelen en een bank.
Net na aankomst brak de hemel open. Wat werden wij blij van dat schuurtje. We hebben er onze tent in opgezet en konden droog eten koken en onze was doen. Super handig!

De volgende dag kwamen we in een klein dorp Nuevo Conhuás, het staat niet eens op de kaart vermeld, zo klein is het.
We hadden gezien dat ze cabanas met een rieten dak verhuren maar dat je er ook je tent mag neerzetten.
Bij aankomst was de lucht zo donker dat we vroegen wat de prijs voor een nacht in een cababas was. Omdat we fietsers waren mochten we er voor de halve prijs eentje huren. We keken naar de lucht en het besluit was snel genomen.
We waren drie dagen voor de bui op onze plek van bestemming, dat ging voor de vierde keer niet lukken.
De volgende dag hebben we voor de eerste bui nog kunnen schuilen, daarna lieten we de bui maar over ons heen komen.
Helemaal nat kwamen we rond 16.30 uur aan in Caobas, in de hoop daar een slaapplekje te vinden. Ondertussen onweerde het ook hevig en mochten we in een winkel schuilen. We vroegen in ons beste Spaans of we hier ergens konden slapen. Er werd wat overlegd en we mochten bij een familie in het huis er tegenover slapen.  Er werd in het schuurtje een slaapkamer vrijgemaakt en we mochten de wasruimte gebruiken. Écht super lief!

Ondertussen waren we bijna in Belize. We fietsten nog één dagje in prachtig Mexico en kwamen aan het einde van de middag aan in Huay Pix, 10 kilometer voor de grens naar Belize.
Onze laatste avond in Mexico konden we onze tent prachtig opzetten bij Laguna Milagros, een super blauw meer bij Huay Pix.
De wind waaide heerlijk, het was een mooie zwoele avond om onze eerste maand in
Midden-Amerika af te sluiten.
We hebben 1900 kilometer genoten van dit kleurrijke land met zijn vriendelijke bevolking. Van de gewéldige Mayacultuur die hier zoveel is terug te vinden, van de cenotes; het zwemmen in een ondergrondse grot en van de overweldigende groene natuur.
Het verschil met Afrika was zo groot, het is zo’n ander continent, dat maakt reizen zo bijzonder en fascinerend!
Op naar ons volgende land: Belize!

Zuid-Afrika.

Vanuit de heerlijke warmte aan de Oranjerivier klommen we onze eerste dag in Zuid-Afrika naar 1000 mtr. hoogte richting Steinkopf. We waren door de Namibiërs gewaarschuwd dat het in de winter zo koud en nat is in Zuid-Afrika. Dat hebben we onze eerste dag gelijk al ervaren…
De route was prachtig, we klommen gestaag over een mooie, rustige asfaltweg richting Steinkopf. De eerste kilometers leken op het ruige landschap van Namibië.
Maar hoe hoger we kwamen, hoe kouder het werd. De laatste kilometers voor Steinkopf werd de lucht steeds donkerder en toen moest na maanden ons regenpak weer te voorschijn komen, onderuit onze tassen. Nat en koud kwamen we in Steinkopf aan, welkom in winters Zuid-Afrika…
Het was hier zeker 10 graden kouder dan bij de Oranjerivier.

De volgende ochtend veranderden we onze kledingstijl: gehuld in lange broek, fietsjas, schoenen en onze handschoenen aan, begonnen we aan onze fietsdag. Dit alles hadden we in al onze maanden in Afrika nog niet aan gehad, maar gelukkig was het droog.
We fietsten door Namaqualand, een prachtig ruig landschap. Het was klimmen en dalen, een schitterende weg. Tijdens een fruitpauze stopte er een auto naast ons. We werden door een echpaar uitgenodigd om in Springbok koffie te komen drinken. Bij aankomst werden we helemaal verwend, we kregen heerlijke warme soep en broodjes. Wat smaakte dat lekker na een koude fietsdag. Tevens kregen we mooie tips voor het vervolg van onze route richting Kaapstad. Wat een gastvrijheid van deze lieve mensen!
Aan het einde van de middag fietsten we naar een camping net buiten Springbok. Ons tentje kreeg weer een prima plekje, zoveel mogelijk  uit de wind. ’s Avonds werden we uitgenodigd door Jason. Jason hadden we eerder ontmoet in Botswana. Hij is met zijn bushcar onderweg van Capetown naar China. Heel toevallig kwamen we elkaar weer tegen op deze camping in Springbok. Heerlijk zittend bij een vuurtje konden we gezellig onze reisverhalen delen. Een super avond!

We vervolgden onze route door Namaqualand, later op de route wilden we naar de kust om van daaruit richting Kaapstad te fietsen.
De ruige, kale bergen maakten plaats voor groene heuvels en bergen. We kwamen terecht in een totaal andere wereld.
Het waren groene heuvels met heel veel ruige rotsen en keien, met af en toe een groene weide met schaapjes en lammetjes.
De afgelopen twee maanden in Namibië waren we gaan houden van het leven in enorme leegtes en de schoonheid van de woestijn. Hier leek het landschap meer op Ierland of de Schotse Hooglanden. Glooiende groene heuvels, ook ruig maar totaal anders dan het desolate landschap van de woestijn.
Ook het weer leek op de Schotse Hooglanden, het was zo veranderlijk als het maar zijn kon.
Soms heerlijk fietsend in het zonnetje, al hoewel de temperatuur meestal niet boven de 15 graden uitkwam, soms trok alles ineens weer dicht en kwamen we in een harde regenbui terecht met heel veel wind.
Dat maakte kamperen een beetje lastiger. Wildkamperen wilden we nu eigenlijk niet meer, daar was het te koud en nat voor geworden. Dan kun je echt nergens schuilen.
Onze tent was ’s ochtends meestal helemaal nat door de regen of door de dauw.
En dan is het best lastig, het is niet fijn om alles zo nat in te pakken.
Niets wilde drogen, de tent niet maar ook onze kleding niet.
De dauw leverde wel prachtige plaatjes op. Het hing ’s ochtends prachtig tussen de heuvels terwijl de zon er doorheen probeerde te prikken: geweldig om te zien.

Aangekomen in Nuwerus, vonden we een plekje bij Hardeveld Country Lodge. Een lodge met vier plekjes om te kamperen. Er stond een keuken tot onze beschikking dus we konden ’s avonds heerlijk binnen zitten om een beetje warm te blijven. De temperatuur zakte steeds tot net een paar graden boven nul dus dan is het heerlijk als je ’s avonds naar binnen kunt.
Er was nog één andere kampeerder met een campervan.
We raakten aan de praat met en het was erg gezellig. Brian was een aantal dagen alleen op stap met zijn camper. Hij woonde dichtbij Kaapstad en wilde er graag een paar dagen tussenuit. Hij ging de warmte en de prachtige natuur bij de Oranjerivier opzoeken.
Brian vertelde dat hij met zijn gezin altijd heel veel gereisd had en vertelde prachtige verhalen! Super leuk om te horen. De volgende ochtend bij vertrek kwam hij ons een briefje brengen met de naam en het telefoonnummer van zijn vrouw. Hij nodigde ons uit om een nachtje bij hun te komen slapen als we in de buurt van Langebaan zouden zijn. Dat zou zijn vrouw erg leuk vinden, zei hij.
We bedankten hem hartelijk voor de uitnodiging en hij vertrok richting de grens met Namibië.
Wij vertrokken die dag richting de kust.
De eerste 27 kilometer fietsten we over gravel, een prachtige route door groene velden en groene heuvels, geweldige vergezichten volgden. Doordat het in Zuid-Afrika zoveel regent, is alles prachtig groen. Een totaal andere wereld dan in Namibië.
Bij aankomst bij een rivier bleek de rivier door de vele regenval buiten zijn oevers te zijn getreden. We moesten daardoor een flinke omweg maken en kwamen net voor donker aan bij de kust in Strandfontein. Een super mooie plek, recht aan zee. We zetten snel onze tent op en hoorden de machtige branding, een geweldig gebrul! Wat slaapt dat lekker na zo’n lange fietsdag.

We hadden een tip gekregen dat je vanaf Strandfontein naar Velddrif helemaal langs de kust kunt fietsen langs een spoorlijn. Dat leek ons een leuke route.
We fietsten de volgende ochtend naar het spoortje waar een breed zandpad naast lag.
Het was super mooi fietsen, we hadden steeds uitzicht over de blauwe oceaan. Af en toe fietsten we langs de wijnranken, dwars door een geweldig natuurgebied waar we herten en struisvogels zagen en langs prachtige witte zandduinen. Het fietste niet snel door de vele kuilen en gaten maar de mooie route maakte alles goed.
Het weer bleef helaas ook aan de kust onvoorspelbaar. Sommige dagen waren lekker en konden we ’s middags nog weer even op korte broek fietsen maar de avonden en ochtenden waren erg fris.
We probeerden ’s avonds meestal een vuurtje te maken en konden ons dan heerlijk warmen bij het knetterende vuur. Lukte dat niet dan zaten we soms in de doucheruimte te koken. Bleven we tóch een beetje warm…😉
De natheid in de ochtend bleef vooral lastig, we kregen onze spullen moeilijk droog. Vaak spanden we tijdens onze lunchpauze een lijntje tussen onze fietsen en hingen we daar de was aan om onze fietsbroeken toch droog te krijgen.

Toen we in Dwarskersbos waren, hoorden we dat de voorspellingen voor de volgende dag ronduit slecht waren. Er werd heel veel regen voorspeld en zelfs storm. Niet echt een dag om te fietsen of te kamperen.
We dachten aan onze uitnodiging die we gekregen hadden om te komen logeren bij de vrouw van Brian. We besloten zijn vrouw te bellen en ze nodigde ons van harte uit om de volgende dag te komen. Kom in de ochtend zei ze, ’s middags wordt het weer écht heel slecht!
De volgende ochtend fietsten we in regenpak naar Langebaan. Het regende en de wind was al behoorlijk. Gelukkig hadden we wind mee en vlogen we de 50 kilometer naar Langebaan over de weg. Om 12.00 uur waren we al in Langebaan en belden we naar de vrouw van Brian. Ze reed ons voor naar hun woning. We kwamen op een geweldige plek met een prachtig uitzicht over de lagune. Lynne is een fantastische vrouw, wat een geweldige ontmoeting.
Ze maakte het openhaardje voor ons aan en terwijl het buiten ondertussen echt stormde en regende, zaten wij heerlijk warm en gezellig bij het vuurtje.
We hoorden ook van haar prachtige verhalen over de vele mooie reizen en zij was minstens zo geïnteresseerd in onze reis. Een hele bijzondere ontmoeting met hele bijzondere lieve en gastvrije mensen.
Brian en Lynne zijn begin zeventig maar nog geweldig actief en jong van geest. Ze reizen veel met de camper, ze zeilen en kanoën in de lagune en Lynne zwemt zelfs iedere ochtend met een aantal andere vrouwen in de lagune. Weer of geen weer, zelfs in de winter… De lagune is hun speeltuin.😉
De volgende ochtend namen we na een heerlijk ontbijt warm afscheid van elkaar. We houden zeker contact!


Op advies van het echtpaar startten we onze fietsdag vanuit Langebaan door West National Park. Een schitterend natuurgebied langs de mooie lagune. Het zonnetje scheen lekker, het was prachtig fietsen.
Na 30 kilometer kwamen we weer op de hoofdweg richting Kaapstad. Het werd alsmaar drukker en drukker op de weg. Dat was weer even wennen, het was al zo lang geleden dat we op drukke wegen hadden gefietst. Gelukkig was er een brede strook waar we prima op konden fietsen.
Net voor Kaapstad stopten we op een camping aan de kust. We hadden al uitzicht op de Tafelberg, alhoewel hij in wolken was gehuld.
We naderden onze eindbestemming en dat gaf een heel bijzonder en spannend gevoel…
De volgende dag fietsten we het laatste stuk via de kustlijn naar Kaapstad, we zagen de Tafelberg steeds dichterbij komen. Echt een fantastisch gezicht. Het was mooi weer, het zonnetje vergezelde ons richting de stad. We zagen veel fietsers en hardlopers en kregen heel veel leuke reacties onderweg, super gaaf! We stopten vaak om foto’s te maken.

Ons einddoel was Kaapstad maar het echte einddoel lag een stukje verderop en dat is Kaap de Goede Hoop op het Kaapse schiereiland. Kaap de Goede Hoop is het meest zuid-westelijke puntje van het continent Afrika. En dat is het echte eindpunt van onze fietsreis in Afrika.
We besloten daardoor om dwars door Kaapstad te fietsen, op weg naar het Kaapse schiereiland. In Simonstown stopten we, daar konden we kamperen. We hadden een prachtige plek met uitzicht over de oceaan. De volgende dag was het nog maar 23 kilometer naar Kaap de Goede Hoop.

Een blauwe hemel vergezelde ons de volgende ochtend richting de Kaap. En dat was heel bijzonder omdat we hoorden dat het de eerste dag was sinds een volle week dat de zon opkwam boven de oceaan, dit moest dus echt zo zijn op onze bijzondere dag!
Door het mooie weer zagen we veel medefietsers op de prachtige Kaap. Het was een waar feest om langs de schitterende kustlijn te fietsen.