blog

Tanzania.

Zaterdagmiddag 27 februari maakten we aan het einde van de middag onze eerste fietskilometer in Tanzania. Meer dan die ene kilometer zat er die middag niet in omdat het erg lang duurde voordat we de grens over mochten steken en het daardoor te laat werd om weg te fietsen uit Namanga, de grensplaats. We zochten bij de grens naar een guesthouse, kochten een simkaart en gingen geld wisselen.
We waren in Tanzania, ons 14e land!🚴‍♀️🚴‍♂️ 🇹🇿 Een nieuw avontuur tegemoet, we waren erg nieuwsgierig naar dit Afrikaanse land.


Zondagochtend gingen we op pad naar Longido.
Het was een korte route naar Tembo Guesthouse. Dit guesthouse hadden we in Istanbul al voor één nachtje vastgelegd bij onze visumaanvraag voor Kenia. We moesten een adres doorgeven wanneer we Kenia gingen verlaten.
We hadden vanuit Nederland een pakket naar Tembo Guesthouse laten opsturen en we hoopten dat het pakket ondertussen binnen zou zijn. De slaapmat van Jacoline was stuk en we hoopten nu op een nieuwe mat zodat we weer lekker in ons tentje konden slapen.
Helaas was het pakket bij aankomst in Longido nog niet binnen, we konden maandagochtend bij het postkantoor gaan informeren.
Om 8.00 uur stonden we de volgende ochtend bij het postkantoor maar het duurde tot 9.15 uur voordat er iemand kwam. Tja…. African time; we leren het steeds beter…😉   
Helaas was ons pakket ook nog niet op het postkantoor in Longido en na wat gebel, bleek ons pakket op het postkantoor in Arusha te zijn.    
Arusha lag op onze route dus we besloten om zelf naar Arusha te fietsen om ons pakket op te gaan halen.
De weg was glooiend en het landschap leek eerst nog veel op Kenia. Ook hier nog steeds veel Masai herders met hun koeien, ezels, geiten en schapen. De natuur veranderde richting Arusha National Park: mooie glooiende bergen met op de voorgrond jonge, groene maisplantjes.
Arusha is hét toeristenbolwerk van Tanzania, de plaats waar iedere toerist zijn safari boekt voor de Kilimanjaro, de Serengeti, de Ngorongoro krater of Manyara Lake.
En dat merkten we goed, zodra we de stad infietsten was het gedaan met de rust. Het is net een mierennest, wat een brommertjes, wat een tuks-tuks, wat een taxibusjes….
Zodra ze een mzungu zien, denken ze dat er geld te verdienen is. Gelukkig konden wij al fietsend richting het postkantoor de meeste mensen wel van ons af schudden.
Ons pakket bleek inderdaad in Arusha te zijn, we waren super blij met onze nieuwe slaapmat! (nogmaals dank voor het opsturen Wilma!)

Aangezien we de Kilimanjaro vanaf de Keniaanse kant al zo mooi hadden gezien, besloten we daar niet naartoe te fietsen maar de andere kant op te gaan richting de Serengeti, Ngorongoro krater en Manyara Lake.
Helaas hoorden we dat Tanzania een paar jaar geleden de toegangsprijzen tot de Nationale Parken enorm hebben verhoogd. En die bedragen vonden wij echt niet leuk meer, de entree voor alleen de Ngorongoro krater is $ 80,– p/p en dan moet je nog een auto regelen om erin te mogen, kosten $300,– Dan ben je, plus het bedrag voor de chauffeur, meer dan $500,– kwijt voor 1 dagje….
We lazen dat je rondom het Manyara National Park wel mocht fietsen dus daar gingen we als eerste naartoe.
Omdat we in een toeristengebied fietsten, de safariauto’s kwamen ons steeds voorbij, konden we de eerste nachten steeds op prachtige campings overnachten. Hele mooie plekjes, middenin de natuur, super leuk om er na een dag fietsen onze tent te kunnen opzetten.
Manyara National Park is een geweldig mooi natuurgebied, al klimmend hadden we steeds een prachtig uitzicht over het mooie meer. We trokken echt door de binnenlanden van Tanzania, wat een natuurschoon, wat een weelde om doorheen te fietsen. Het hele gebied romdom het Park gaat klimmend en dalend over rode zandwegen. Het was heel zwaar maar het was er ook zo rustig en stil. Fietsend door de geweldige bergen, uitzichten op de vele groene gewassen en af en toe een paar rode bakstenen huisjes, het was echt genieten geblazen!


Na drie fietsdagen langs Lake Manyara, lieten we het National Park achter ons en kwamen we weer op een doorgaande asfaltweg terecht. We fietsten naar Babati; een leuke, gezellige plaats met weer veel kleurrijke mensen langs de weg. Mannen die buiten achter hun naaimachine kleding zitten te repareren, roepende en spelende kinderen achter rollende fietsbanden met stokjes ( jaja, dat deden wij vroeger ook..) mannen op hun verlengde fiets waar ze echt alles op transporteren, wat is het toch leuk om dat allemaal te bekijken.
En we blijven ook nooit onopgemerkt, binnen de korste keren weet het hele dorp dat er een mzungu is…. En dat wij dan een koppel zijn, dat vinden ze wel heel interessant….
De engelse taal zijn ze in Tanzania veel minder machtig dan in Kenia. We krijgen daardoor moeilijker contact met de kinderen. Als we langs fietsen zijn ze meer bedachtzaam en afwachtender dan in Kenia. Maar als we dan voorbij zijn, beginnen ze te giechelen en te lachen.
Het levert soms ook grappige situaties op: Als wij roepen: Goodmorning! antwoorden de kinderen: I’m fine… 😊

Na Lake Manyara trokken we langzaam zuidwaarts. We wilden eigenlijk niet rechtstreeks via Dorduma naar grensplaats Tunduma fietsen en hadden een mooie route gemaakt om via het oosten naar Tunduma te fietsen. Dat betekende meer kilometers maar we hebben geen haast en we wilden graag dit rustige deel van Tanzania zien.
En daar hebben we geen minuut spijt van gehad. We hebben 2 weken geweldig gefietst in deze streek. Het was een gebied waar volgens ons bijna nooit toeristen komen.
Nog zo ongerept, niet zoals in toeristisch Arusha, waar iedereen wat van je wil en aan je loopt te trekken, maar gewoon hartelijk en belangstellend. Het ‘Karibu’ klonk vele keren per dag: ‘welkom’ in Tanzania.
Er was zoveel natuur, zo ongelofelijk veel ruimte, zo ontzettend veel gewassen, we kwamen ogen te kort. En alles is zo groen, dat hadden we niet verwacht in Afrika.
Maar dat komt omdat we nu in de regentijd zitten. Februari en maart zijn de regenmaanden. In juli en augustus is het echt anders, dan is alles dor, droog en geel.

We gingen de bergen weer in en hadden de mooiste uitzichten over de vele groene rijstvelden, de prachtige maisvelden wuivend in de wind en niet te vergeten de mooie zonnebloemvelden. Geweldige kleuren combinaties samen met prachtige luchten.
In de regentijd komt er ’s middags, vooral in de bergen, vaak een enorme hoosbui. Daarom kan hier natuurlijk ook zoveel verbouwd worden, het is er heel vruchtbaar door de zon én de regen.
Het levert geweldige mooie luchten op,  je ziet de donkere wolken aankomen waar de zon soms toch ook nog even doorheen prikt, een fantastisch schouwspel in het groene landschap met de gele zonnebloemen.
Soms konden we voor een bui schuilen onder een afdakje of bij een huisje maar meestal was er niets en trokken we ons regenpak aan en fietsten we gewoon door. Het is bijna altijd een korte bui en omdat het niet koud is, is het ook niet zo erg. Na een aantal kilometers ging het regenpak weer uit en konden we in korte broek verder.

Fietsend richting Tabora verbaasden we ons over de kwaliteit van het asfalt. We reden over práchtig glad asfalt en dat was best verrassend in zo’n afgelegen, rustig gebied. Er was heel weinig verkeer en vaak fietsten we dan nog over ‘rough roads’.
Ondertussen weten we dat deze wegen door Chinezen worden aangelegd.  Ze zijn in dat hele mooie gebied allemaal nieuwe wegen aan het aanleggen, ook dwars door natuurgebieden. Heel bizar….. Hele stukken was de weg nog ‘under construction’. Het ene moment hobbelden we over de rode zandweg, het volgende moment gleden we over asfalt zo glad als een biljartlaken… En alles wordt ingevoerd: materieel en personeel. Ze wonen in soort kampen bij elkaar. Dat gebeurd nu in vele Afrikaanse landen.

In Tabora zagen we erg veel fietsers, we vertrokken ’s ochtends  met veel medefietsers uit het stadje. Alles wordt vervoerd op de fiets, van potten en pannen tot een bed of zelfs een bankstel. Je kunt het zo gek niet bedenken of het wordt gewoon op de fiets vervoerd.
Onderweg kregen we gezelschap van Saïde, hij fietste een heel stuk met ons mee. Een hele vrolijke man die een aardig woordje engels sprak dus we konden van alles aan hem vragen over Tanzania. En op het moment dat we samen met Saïde fietsten, sprong onze kilometerteller op 20.000 kilometer. Daar moesten we natuurlijk weer even een fotootje van maken!🥳🥳
Super gaaf dat we, na iets meer dan een jaar, al 20.000 super mooie kilometers hebben gemaakt! Saïde kon het bijna niet geloven…..

We maakten lange fietsdagen in deze streek omdat er onderweg heel weinig plaatsjes waren en er dus ook heel weinig overnachtingsmogelijkheden waren.
We kwamen door een aantal prachtige natuurgebieden waar werkelijk niets was. Super mooi om doorheen te fietsen maar we moesten wél zorgen dat we voldoende water en eten meenamen, onderweg konden we niets meer kopen.
En in zo’n mooi natuurgebied begon onze ellende, we werden aangevallen door tseetseevliegen. Wat een ramp zeg, ze prikten gewoon door onze kleding heen. We besloten, ondanks de hitte, om onze regenkleding aan te trekken, we hoopten dat ze daar niet doorheen konden prikken. Al rennend over de weg en de vliegen van ons afslaand, probeerden we ons regenpak aan te trekken. Helemaal ingepakt met alleen onze ogen nog vrij en onze handschoenen aan, gingen we verder. Maar het was zo ontzettend zweten in dat regenpak, bijna niet vol te houden met die hitte. En toen kwam onze redding: we hoorden een vrachtauto aankomen. Hij stopte en we mochten onze fietsen en bagage in de oplegger zetten. Wat een ongelofelijk geluk!! Na 20 kilometer stopte de chauffeur en konden we weer op de fiets stappen, de plaag was voorbij.🙏


Aangekomen in Inyonga zaten we er aardig doorheen. Bovendien kregen we daar van de immigratiedienst te horen dat het erg gevaarlijk is om in dit gebied te fietsen, er zitten leeuwen, luipaarden en hyena’s. Je kunt er eigenlijk alleen veilig met de auto of motor doorheen rijden.
We besloten daarom om de volgende ochtend met de plaatselijke bus naar Mpanda te gaan, we wilden het risico niet nemen dat we oog in oog met een leeuw zouden komen te staan….
Onze fietsen werden op het dak van de bus vastgemaakt, tussen alle andere bagage.
Gelukkig konden we de volgende dag weer veilig op onze fietsjes stappen richting Katavi National Park. Daar vonden we een super mooi plekje aan de Katuma rivier om onze tent op te zetten. Wat een rust en wat een geluiden om ons heen. Er was niemand, we hadden alleen de apen als buren. 😉 En wat een sterrennacht, overweldigend mooi!


In Katavi National Park mag je niet fietsen vanwege de wilde dieren dus hebben we ’s ochtends vroeg een gamedrive gedaan met onze fietsen op het dak van de auto. Dwars door het park naar de uitgang aan de andere kant van het park. Het was een geweldige ochtend: de nijlpaarden lagen heerlijk in de rivier, een groep buffels rustig grazend, vele impala’s die ons pad kruisten en een groep wilde honden die lagen te relaxen. Wat een rijkdom!
Om 10.00 uur stapten we weer op onze fiets en konden we onze route vervolgen. Langzaam maar zeker naderden we de grens naar Tunduma.
Omdat het ook in dit laatste gedeelte van de route één en al natuur was en er bijna geen dorpen waren, maakten we weer lange fietsdagen. Bovendien klommen we vanuit de vlaktes van Katavi National Park richting de 2000 meter hoogte. We genoten van de gewéldige uitzichten in de bergen. Het landschap was weer overweldigend groen en uitbundig. Maar het was ook zwaar. De weg bleef maar op en neer gaan. Telkens was er weer een rivier en daalden we naar beneden,  waarna we ook gelijk weer steil omhoog gingen. Samen met de warmte in de middagen kostte dat heel veel energie.


Afgelopen zaterdag kwamen we aan het einde van de middag moe, maar heel gelukkig na onze prachtige weken in Tanzania, aan in grensplaats Tunduma. Hier hopen we de oversteek naar Zambia te maken maar eerst moesten we weer een pcr-test laten maken. Dat is hier nog niet zo simpel, het kan eigenlijk alleen maar in de hoofdstad en die ligt hier een héél eind vandaan. Gelukkig konden we de test zondagochtend tóch in het plaatselijke ziekenhuisje in Tunduma laten doen en sturen ze de test door naar het ziekenhuis in Dar es Salaam. We hopen de uitslag morgen of overmorgen te krijgen zodat we de grens mogen oversteken naar Zambia. Op naar ons volgende Afrikaanse land!

Kwaheri Kenia.

Gisteren zijn we na 4 mooie, fijne, indrukwekkende en prachtige weken de grens overgestoken naar Tanzania. We gaan onze reis in dit buurland van Kenia vervolgen.
De taal blijft hetzelfde, ze spreken allebei Swahili maar de munteenheid is bijvoorbeed wel anders.
Het is altijd weer spannend en leuk om naar een ander land te gaan, weer nieuwe dingen ontdekken en andere mensen ontmoeten.
Maar grenzen oversteken is in dit Covid-tijdperk niet simpel meer, we moesten uren wachten aan de grens maar het is ons gelukt: We zijn in Tanzania, ons 14e land!

Nadat we via het Victoria Lake het binnenland weer ingetrokken waren, kwamen we aan op de eindeloze vlaktes van de Maasai Mara. Een geweldig indrukwekkend gebied wat we kennen van de prachtige natuurseries op tv: de keniaanse Maasai Mara en de enorme Serengeti in Tanzania. De wegen in dit natuurgebied zijn allemaal zandwegen, wat ook past in deze ongerepte omgeving, maar dat hield voor ons als fietsertjes in dat we 150 kilometer lang hebben gehobbeld, gebobbeld en gestuiterd.
Maar dat was het allemaal dubbel en dwars waard, want het is er onbeschrijflijk mooi. Fietsend langs zebra’s, giraffen, wildebeast, gnoes, struisvogels en honderden impala’s; de olifanten families zien drinkend bij de rivier; het is er zoooo prachtig!


In het gebied zitten alleen een aantal super-de-luxe lodges waar je kunt overnachten, dus we wisten niet goed waar we zouden gaan slapen omdat de tent opzetten in de Maasai Mara geen optie is, dat is te gevaarlijk door alle wilde dieren.
We stonden aan het einde van de middag even stil om te overleggen, toen er een brommertje voorbij kwam. De man stopte en vroeg of we oké waren en waar we gingen slapen. We gaven aan dat we dat niet wisten en hij nodigde ons uit om bij zijn familie de tent op te zetten. Dat aanbod namen we graag aan. We reden achter hem aan naar een geweldige locatie met een fantastisch uitzicht over de Maasai Mara. We mochten de tent naast het huis opzetten en maakten kennis met de Maasai familie. De man had 4 vrouwen dus het was één grote familie met veel kinderen. Wat ontzettend leuk om een avond samen met de familie door te mogen brengen. De man sprak goed engels dus we konden prima samen praten. Het is in Kenia normaal dat als je veel land hebt, je ook veel vrouwen hebt: 4 of 5 vrouwen is heel gewoon. En meestal krijgen de vrouwen ook nog veel kinderen zodat een familie dan zo maar uit 40 personen kan bestaan.
Het nationale gerecht in Kenia is ugali of chapatti. De vrouwen waren ’s avonds in de keuken ugali aan het koken en Jacoline mocht komen helpen. Het hele hutje stond blauw van de rook, de tranen sprongen in je ogen maar het was veel te leuk om in de pot te mogen roeren. Het is overigens super zwaar om te doen, die vrouwen zijn echt sterk!
Nadat het donker werd, werd het vuur aangestoken en zaten we samen rond het kampvuur met heerlijke Afrikaanse thee.
Wat was het een bijzondere ontmoeting met deze eenvoudige mensen met tegelijkertijd hun geweldige rijkdom en kennis. En wat leven ze op een prachtige plek.

We kregen die nacht een geweldige regenbui over onze tent, het hoosde over de vlaktes. Wat kan het in Kenia toch tekeer gaan, heel bizar wat er tijdens zo’n bui naar beneden komt.
Nadat we de volgende ochtend alles nat hadden ingepakt, werden we uitgezwaaid door de familie en trokken we verder over de natte wegen met kuilen, gaten en keien.
Na 150 kilometer kwamen we weer op een doorgaande weg met asfalt en dat was dan toch ook wel weer lekker na al dat geploeter.
De Maasai Mara uitfietsen hield in dat er weer geklommen moest worden. We klommen naar 2300 meter hoogte en hadden weer geweldige uitzichten.
We wilden onze route nu graag richting het zuid-oosten van Kenia gaan verplaatsen maar dat hield ook in dat we toch eerst weer richting Nairobi moesten fietsen. De wegen daar zijn erg druk met een lint van vrachtwagens met rokende uitlaten. Daar hadden we niet zoveel zin in. We zagen boven Nairobi een kleine witte weg op de kaart en namen de gok om die te nemen om de drukke weg te ontlopen.
Dat hobbelpad liep echter zo steil omhoog, dat het fietsend niet meer te doen was en we moesten duwen, trekken en sjorren. Tjonge, en dat op het heetst van de dag, de weg leek wel op een rivierbedding. Het kostte ons ontelbare zweetdruppels….
Maar de omgeving was zo ongelofelijk mooi: zo stil, zo groen, zoveel vogelgeluiden, dat we wisten dat we toch de juiste beslissing hadden genomen door de drukke hoofdweg te mijden.
Na 10 kilometer duwen en trekken kwamen we op het hoogste punt aan in Kimende en besloten we te stoppen. We zagen de donkere wolken alweer aankomen en we waren net op tijd binnen voor weer een geweldige bui.

De volgende ochtend konden we ons harde werken van gisteren gaan omzetten in een heerlijke daling langs de mooiste theeplantages die je je kunt voorstellen. Zo mooi groen, alsof we door het paradijs fietsten. Na de thee kwam de koffie en reden we kilometers lang langs de koffieplantages. Wat een dag, wat een schoonheid, wat een pracht!

We daalden in een paar dagen tijd  van ruim 2600 meter hoogte naar 1200 meter en de natuur veranderde enorm. De super groene omgeving maakte plaats voor drogere gebieden, het werd kaler en vlakker. Het werd daardoor ook veel heter en we kregen last van muggen. Op hoogte zie je ze niet maar nu moesten we echt oppassen. Ondanks dat we sokken en lange mouwen aandeden, werden we alsnog gestoken. Ze prikken gewoon door je kleding heen.

In het zuiden van Kenia ligt de beroemde Kilimanjaro met daarbij Amboseli National Park. In dat park leven heel veel olifanten. Vanuit het oosten wilden we daar graag naartoe fietsen. We zagen een mooie kleine weg op de kaart, die ons er naar toe zou leiden. Maar die weg liep dwars door het park en vervolgde zijn weg aan de andere kant van het park, richting de grens van Tanzania, waar we naartoe wilden. Er is maar één grens open voor toeristen en dat is de grens bij Namanga.
Fietsend mochten we niet door het park omdat er ook leeuwen in het park leven. Maar als we niet door het park konden, moesten we via een omweg eerst weer richting Nairobi fietsen, om vervolgens over een drukke weg naar de grens te kunnen. Dat leek ons niet optimaal.
Bij de ingang van het park zagen we dat er een camping was. We hebben de camping gebeld en gevraagd of ze ons met onze fietsen naar de andere kant van het park konden brengen om onze route te kunnen vervolgen richting de grens. Dat was geen probleem dus konden we de mooie, kleine weg nemen richting Amboseli National Park.
Aangekomen bij de camping zagen we de prachtige ligging. De camping ligt aan de voet van de Kilimanjaro. Vanuit onze tent keken we zo naar die geweldige witte top. We besloten om hier een paar dagen te blijven en te genieten van deze unieke omgeving.
We hadden geluk met het weer: het was mooi helder om de Kilimanjaro goed te kunnen zien. Wat een indrukwekkende berg.
’s Avonds was het volle maan en konden we nog steeds de mooie witte top zien, prachtig!
We bleven maar foto’s maken……

De volgende ochtend bij zonsopkomst bleek dat er een olifant rond de tent had gewandeld, hij was nog binnen de omheining van de campsite. Wow, wat is het gaaf om zo’n geweldig beest van zo dichtbij te kunnen bekijken. Maar spannend was het ook, het blijft toch een wild dier. We zagen aan de houding van de Masai dat ze er niet gerust op waren. Ze vonden het zelf ook prachtig maar zij weten natuurlijk nog veel beter hoe gevaarlijk olifanten kunnen zijn. We probeerden nog een paar mooie foto’s te maken toen de olifant opeens recht op ons af kwam. Dat was het moment dat het sein werd gegeven: rennen!
Wat een opwnding in de vroege ochtend….

De volgende dag gingen we op bezoek in Amboseli National Park. Gelijk na binnenkomst stonden er al vier olifanten heerlijk te drinken bij een watertje, vlakbij onze auto.
Beter begin van de dag kon niet….
We bleven ons die dag verbazen: wat een wildlife in het park. Er is ook een prachtig merengebied waar ongelofelijk veel flamingo’s, lepelaars, pelikanen en andere vogels leven, een waar paradijs voor die dieren.
Vanaf een observatie heuvel kun je prachtig over de vlaktes kijken en de vele olifanten zien poedelen in het waterijke gebied met steeds de Kilimanjaro op de achtergrond. Fantastisch!


Na al dat moois was het de volgende dag tijd om verder te gaan.
’s Ochtends werden onze fietsen opgeladen in de auto en vertrokken we naar de gate. We reden ditmaal rechtstreeks naar de andere kant van het park maar door al de hobbelwegen, konden we toch nog weer 2 uur genieten van de dieren. We hadden zelfs het geluk dat we een groep van 8 leeuwen zagen! Dan begrijp je nog weer beter waarom we niet door het park kunnen fietsen….

Bij de uitgang werd het tijd om onze fietsen weer op te pakken en de laatste 50 kilometer naar de grens te fietsen. 50 kilometer door de bush zonder een dorpje of gehuchtje. Na die laatste mooie kilometers in Kenia zagen we Namanga liggen.
Na 4 weken in een prachtig, gastvrij en bijzonder mooi land te hebben gefietst, is het nu tijd voor een nieuw hoofdstuk: Tanzania, ons 14e land!

2 maart 2020 zijn we op de fietst gestapt en wie had kunnen vermoeden dat we bijna een jaar later op 27 februari 2021 in Tanzania zouden zijn met 19.000 geweldige kilometers op de trappers.
Wat een bijzonder jaar, wat een ondekkingstocht, wat een mooie wereld!

Kenia.

Mzungu, mzungu, how are you?!?
Dit horen we de afgelopen anderhalve week honderden keren per dag.
Zelfs Ming is hier een mzungu…..

Zondagochtend 7 februari kwamen we ’s nachts om half vier aan in Nairobi. Na een prima rechtstreekse vlucht van 6.5 uur, konden we onze bagage en fietsen weer gaan uitpakken. We vonden een mooie rustige hoek in de aankomsthal om de fietsen en de bagage weer klaar te maken voor vertrek. Na een paar uurtjes werk stonden ons fietsjes weer klaar: trappers er weer aan, stuur vast, lucht in de bandjes en de tassen weer aan het frame.
Nadat we Keniaanse Shillings hadden gepind en bij de telefoonwinkel een simkaart hadden gekocht, konden we op pad.
Ondertussen was het licht geworden en fietsten we heerlijk rustig de luchthaven af. Nairobi is een super drukke stad maar nu op dit vroege zondagochtend tijdstip was het heel rustig. We waren moe na de nachtvlucht maar wilden toch graag eerst de stad uitfietsen. We hadden 50 km verderop een klein hostel gereserveerd, buiten de stad om daar lekker uit te rusten.
Nairobi ligt op 1600 meter hoogte en we moesten  klimmen naar 2150 meter. De weg liep heel gestaag omhoog en zo konden we de eerste indrukken opdoen van Kenia. Het was heerlijk weer met een lekker fris windje op die hoogte en we hoorde heel veel gospelmuziek. Er zijn heel veel kerken en van alle kanten hoorden we de muziek. Iedereen op pad naar de kerk of wandelend langs de weg, wat een vrolijkheid.
’s Middags arriveerden we bij het hostel. Er bleken allemaal studenten te wonen. Niemand wist dat we geboekt hadden en na wat rondgebeld te hebben, bleek er geen kamertje meer over te zijn voor ons. Gelukkig mochten we onze tent in hun tuin zetten en zo sliepen we onze eerste nacht in Kenia heerlijk in ons eigen tentje.

De volgende ochtend vertrokken we richting Naivasha Lake. We hadden daar mooie verhalen over gelezen. Het is het hoogst gelegen meer van Afrika. We genoten al klimmend van de prachtige omgeving onderweg, de vrolijke Afrikaanse muziek en de markjes waar we onze groenten konden kopen.
Op 2750 meter hadden we een geweldig uitzicht op Mount Logonot. En daar begon een 20 kilometer lange daling naar Lake Naivasha. Heerlijk zoefden we naar beneden met geweldige uitzichten.
We vonden een prachtige campsite met uitzicht op het meer. Hier bleven we 2 nachtjes om de volgende dag een bootsafari op het meer te gaan doen.


In een klein bootje gingen we het meer op, vanuit onze boot zagen we de hippo’s in het water liggen. In het meer ligt Crescent Island, waar vele wilde dieren ongestoord kunnen leven. We voeren prachtig langs het eiland en zagen zebra’s, giraffen en impala’s op hele korte afstand. Wat een prachtige dag!

Vanuit Naivasha gingen we op pad naar Nakuru. Maar eerst wilden we om het meer gaan fietsen, via Hell’s Gate National park. Hell’s Gate is een van de weinige nationale parken waar je mag fietsen. We hebben uren langs de zebra’s, giraffen, impala’s en wrattenzwijnen gefietst. Drie giraffen renden een stuk met ons mee, echt fantastisch mooi!
We vervolgden onze weg langs het meer en we bleven ons verbazen. We zagen zebra’s en giraffen vlakbij, zo langs de kant van onze weg. Heel bijzonder om deze dieren van zo dichtbij op je fietsje te kunnen bewonderen. Ze lijken heel nieuwsgierig, kijken je aan en gaan niet gelijk weg.


Het was lastig om aan het einde van de dag een overnachting te vinden. Kenia heeft heel veel hele luxe overnachtingen voor bizar veel geld maar gelukkig konden we na een lange dag fietsen net voor donker in Gilgil een klein hotelletje vinden. Moe maar helemaal gelukkig na zo’n prachtige dag!

De volgende dag kwamen we aan in Nakuru National Park. In dit park mag je niet fietsen, aangezien daar zwarte en witte neushoorns leven. Ook staat Lake Nakuru bekend om zijn flamingo’s. We vonden een campsite vlakbij de entree van het park maar helaas hebben we de flamingo’s niet kunnen spotten.
Vanuit de drukke weg bij Nakuru vertrokken we de volgende ochtend om al snel op een mooie rustige weg te belanden met mooie uitzichten. Het was flink klimmen geblazen, we bleven maar steigen. De heuvels zijn hier soms zo ongelofelijk steil. Onderweg kwamen we weer door vele dorpjes en het ‘mzungu mzungu how are you’ klonk weer uit vele kelen. Kindertjes rennen met je mee, zwaaien en roepen. Weer een en al vrolijkheid.

Na al dat geklim kwamen we in een geweldig gebied met allemaal theeplantages. Prachtig gelegen tegen de hellingen. Groen, groener, groenst: fantastisch mooi om daar, over de glooiende heuvels, doorheen te fietsen. De vrouwen met hun kleurrijke kleding hard aan het werk om thee te plukken, de theeverkopers langs de kant van de weg, iedereen probeert wat te verdienen.


Rond de middag kwamen we aan in Kericho en wilden we onze route vervolgen richting Sosiot. We zagen op de kaart dat dit een heel smal streepje was maar we namen de gok.
Eigenlijk wisten we al dat dit soort weggetjes meestal niet verhard zijn. En dat hebben we geweten: het was alleen maar zwoegen over grote keien, kuilen en gaten…. Helaas kreeg Ming daardoor een grote scheur in zijn nieuwe buitenband. Gelukkig hadden we een reserveband bij ons maar dat was wel erg balen… De uitzichten over de theevelden waren overigens fantastisch mooi!

Na Sosiot vervolgden we onze route richting Victoria Lake. Het meer ligt op 1150 meter hoogte dus we gingen veel dalen. Eerst nog via de theeplantages, later prachtig door de heuvels. De toeterende brommertjes, zwaaiende kindertjes en roepende vrouwen zoefden aan ons voorbij. Aangekomen bij het meer, vonden we een leuk plekje om te lunchen. De Keniaanse kindertjes kwamen al snel weer naar ons toe, zijn erg nieuwsgierig en vonden onze stoeltjes die uit een klein tasje kwamen wel heel bijzonder…. Ook onze fietsen worden altijd bewonderd en iedereen wil wel zo’n fiets: Give me your bike!

De hele route langs de kust van het Victoriameer was niet verhard. Het is geweldig fietsen maar het was wederom de hele dag hobbelen, bobbelen, stuiteren en stof happen. En toch bleef het leuk: we zagen de vrouwen samenwerken om de visjes te laten drogen, maakten een praatje hoe dat allemaal in zijn werk gaat en genoten van de mooie bootjes op het meer.


We trokken het binnenland weer in om dwars door Ruma National Park te fietsen en zagen de Masaï met hun koeien en geiten. Soms dwars door de modder fietsend, dan weer stof happend maar altijd genietend van de omgeving.
Uiteindelijk kwamen we weer uit bij het Victoria Lake in het plaatsje Karungu. En daar sprong onze kilometerteller op 18.000 km. Dat was natuurlijk wel weer even een fotootje waard. Een passerende brommer met zes kindertjes op 1 brommer (!) stopte om even samen op de foto te gaan!

Ondertussen weten we onze weg aardig te vinden: waar je in de lokale eethuisjes wat kunt eten want dat is aan de buitenzijde meestal niet te zien. Maar als je een beetje naar binnen gluurt, zie je wel waar een aantal tafeltjes staan en anders vragen we het en wijzen ze je de weg. Er is bijna nooit een menu dus vragen we wat er is. Meestal hebben ze wel groenten met rijst, ugali of chapatti, dat zijn soort pannenkoekjes. Prima voedzaam en lekker.
In de grotere steden zijn supermarkten met alle voorzieningen, in de kleine gehuchtjes zijn de winkeltjes beperkt. Maar brood en water kunnen we altijd kopen en groenten en fruit bij de lokale stalletjes langs de kant van de weg.
Wildkamperen bestaat niet echt, ook als je ergens je tent in een tuin bij iemand mag zetten, betaal je daar wel voor. Campsites zijn beperkt maar overnachten in kleine hotelletjes, tussen de lokale bevolking, is erg leuk en niet duur. Er is meestal een binnenpleintje met aan beide zijden deuren met kamertjes. De fietsen mogen op het binnenplein dus dan staan ze echt veilig.

Gisteren kwamen we na een hele warme dag fietsen aan in Kehancha. Er was geen campsite en we vonden weer een prima kamer om te slapen. Net voor donker gingen we nog een paar boodschappen halen en aten we in een lokaal eettentje een heerlijk bord met rijst en groenten, toen de hemel openbrak. Wat een water, wat een wind…. De hele straat stond in no-time onder water en het water stroomde alle kanten op.
Wat een geluk dat we niet in ons tentje zaten want dan waren we compleet weggespoeld.
In het donker (de stroom valt hier regelmatig uit) zaten we in het eettentje te wachten tot de bui overtrok.
Uiteindelijk werd het droog en konden we door de watermassa terug naar onze kamer maar vannacht en vanochtend bleef het maar weer regenen.
Vandaag hebben we dus maar een rustdag ingelast, een dag om een blog te schrijven en onze fietsen na te kijken na al het gehobbel en gebobbel.

Wat hebben we deze afgelopen anderhalve week ontzettend genoten in dit prachtige, warme land en wat vinden we het heerlijk om weer te kunnen fietsen.
We hopen nog vele kilometers in Afrika te kunnen maken!

Nieuwe plannen en avonturen!

Na ruim een maand niet op de trappers, is één ding volkomen duidelijk: wat missen we het fietsen ontzettend!
Het buiten leven; de prachtige natuur die tot iedere vezel in je doordringt. De mensen onderweg; de zwaai van deze of gene, het ‘merhaba’ wat je van alle kanten hoort en de prachtige gesprekjes. Fietsen is leven; soms bijna te moe om die steile berg te beklimmen maar ook altijd weer de geweldige voldoening als je op de top staat!
Ons simpele bestaan: fietsen, eten en aan het einde van de dag een slaapplekje vinden.
Meer hebben we niet nodig…

Daar gaan we in dit nieuwe jaar weer voor!
2020 heeft ons 17.000 prachtige kilometers opgeleverd, dat smaakt in 2021 naar meer…
Helaas blijven de grenzen richting het oosten nog steeds gesloten en worden er nog steeds geen visa verstrekt. We hoopten beide dat we in het voorjaar weer op de fiets konden stappen om onze reis naar Indonesië te vervolgen maar ondertussen denken we dat het toch langer zal gaan duren… Wie weet in de zomer of misschien nog wel langer….

En toen kregen we wat tips van andere fietsreizigers en hoorden dat Afrika misschien wel een optie zou zijn. De vluchten zijn weer opgestart en er worden weer visa verstrekt.
Ons hart maakte een sprongetje… Zou dat mogelijk zijn voor ons?
Afrika hadden we nog ver weggestopt in onze gedachten, misschien aan het einde van onze plannen rond de wereld?
Maar aangezien alles anders is en de wereld niet meer is zoals voorheen, hebben we geleerd om onze planning los te laten. En toen kwam dit op ons pad.
We zijn de laatste weken druk bezig geweest om te kijken of het haalbaar is, of het werkelijkheid kan worden.
En wat is het dan weer leuk om je in een ander continent te verdiepen. Een totaal ander continent, dat maakt het reuze spannend! Hoe is het klimaat, wat zijn de hoogtepunten, wat willen we graag bezoeken, hoe zijn de wegen?!?

En nu hebben we een ticket geboekt: we gaan naar Kenia! Daar hopen we onze mooie fietsreis te vervolgen. Wat een avontuur!
We vliegen volgende week zaterdagavond rechtstreeks van Istanbul naar Nairobi. Zondagochtend 31 januari hopen we Nairobi uit te fietsen.
Wat een geweldig maar ook spannend vooruitzicht.
Het visum hebben we ondertussen op zak en aanstaande donderdag volgt onze pcr-test. Fietsdozen hebben we ook al geregeld dus we kunnen gaan!!!
We kunnen niet wachten…

Vorig weekend heeft het in Turkije behoorlijk gesneeuwd. We zagen op tv beelden van enorme hoeveelheden sneeuw. Hier in Istanbul kwam er een klein laagje maar we konden de sfeer proeven net zoals bij jullie in Nederland.
De weersvoorspellingen zagen er afgelopen week goed uit, koud maar zonnig. Dat heeft ons doen besluiten om na al die tijd van regelen, routes maken en veel binnen zitten, de fiets weer te pakken.
Goed ingepakt op weg om de sneeuw in de bergen te zien. En wat hebben we genoten! Drie prachtige dagen, het zonnetje scheen heerlijk en we genoten weer zo van het buiten leven. Fietsend door die prachtige witte wereld, met de zon op je bol, heerlijk!!
Natuurlijk was het ook weer zwaar; ruim 4 weken niet fietsen en dan weer klimmen… Het leek alsof we weer opnieuw moesten beginnen. De benen zwaar en het zadel hard… Maar het was het dubbel en dwars waard.

Dit laatste weekend in Turkije zijn we weer in lockdown. We hebben een appartementje gevonden waar we prima ons weekend doorkomen. Het zonnetje schijnt, een wandeling is mogelijk, we hebben een rustig weekend voor de boeg.
Na het weekend fietsen we weer terug richting Istanbul om ons daar de laatste paar dagen in Turkije klaar te maken voor het vertrek naar Kenia.

We hopen ons volgend blog te schrijven over onze reis in prachtig Kenia! Veel liefs van ons.

Aankomst Istanbul.

We zijn in Istanbul en sluiten onze fietsreis hier tijdelijk af met een hele mooie tussenstand: onze kilometerteller sprong bij aankomst in de stad op 17.000 kilometer. Dat is een mooi getal om een winterstop te gaan houden. We hebben vanaf 2 maart 17.000 hele mooie, fijne, bijzondere en vaak ook hele indrukwekkende kilometers gereden. Ze zitten in ons hart en zullen ons de komende weken, als we tijdelijk niet fietsen, zeker verwarmen!! Een ding weten we zeker: dit smaakt naar meer, we willen zo graag nog veel meer van de wereld ontdekken op onze fiets……….

En daar gaan we op wachten, we hopen in dat opzicht op een beter 2021. Hopen dat de wereld weer open gaat, dat de mensen elkaar weer kunnen en mogen ontmoeten en dat we samen beseffen dat we niet zonder elkaar kunnen op deze prachtige aarde. Hopelijk is dat de leerschool van 2020; dat we niet vanuit angst maar vanuit liefde gaan leven. Reizen geeft zoveel levensgeluk en wijsheid, zoveel tolerantie en zoveel mooie sociale contacten. Laten we dat nooit verliezen!

We zijn de laatste 3 weken noordwaarts gefietst. Vanaf het leuke Bodrum, waar we eerst via een bezoek aan de plaatselijke markt, zoveel mogelijk langs de kust omhoog zijn gaan fietsen. We kwamen onderweg langs een camping die nog open was. Tussen de talloze dieren konden we ons tentje opzetten, we kregen bezoek van een ezel, van honden, poezen en ganzen. Wat een gezellige plek. De campingeigenaar wilde graag een foto maken van die mensen die helemaal uit Nederland op de fiets op zijn camping kwamen. We stonden gelijk op zijn Insta account.

Wat zijn er hier in Turkije een olijfbomen en wat is het toch mooi om daar telkens weer doorheen te fietsen. Prachtig al die grijstinten, daar krijg je geen genoeg van. We snappen ondertussen ook waarom er zoveel olijfbomen zijn. Turkije is een groot land met miljoenen inwoners en nu we hier al ruim 3 maanden bivakkeren, weten we dat de Turken altijd olijven eten. Bij het ontbijt liggen ze al op je bordje…

Na weer zo’n dag door de heuvels met prachtige olijfbomen, kwamen we aan in Didem. In Didem zijn we de volgende dag gewandeld naar Temple of Apollo, een enorm tempelcomplex. Het is na het Artemision in Efeze en het Herakleion op Samos de grootste tempel uit de Griekse oudheid. We troffen een strak blauwe lucht en genoten van de indrukwekkende tempel.

En toen kwamen we 30 november aan in Selcuk. Ons rondje Turkije is compleet: 17 september waren we ook in Selcuk en nu, ruim 2 maanden later, zijn we weer in Selcuk met bijna 5.000 Turkse fietskilometers op de teller. Wat zijn we een ervaring rijker en wat zijn we gaan houden van dit prachtige land met zijn indrukwekkende culturele erfgoed. Wat hebben we veel prachtige plekken kunnen bezoeken waar we anders waarschijnlijk niet aan toe waren gekomen. En wat hebben we genoten van de ongelofelijke gastvrije bevolking: van de ontelbare kopjes cay, van het heerlijke eten wat we steeds toegestopt kregen voor onderweg, van de mooie ontmoetingen en bijzondere gesprekken; veelal met handen en voeten maar niet minder indrukwekkend. Het heeft ons basic bestaan op de fiets ongelofelijk gevoed!

Omdat het nog steeds prima fietsweer bleef, besloten we om verder noordwaarts te fietsen. Zolang mogelijk genieten van het leven op de fiets! Helaas besluit de Turkse regering begin december de regels ten aanzien van de Covid aan te scherpen. De restaurants, campings en parken worden allemaal gesloten. Dat maakt het er niet makkelijker op. Kamperen zal daardoor niet meer lukken. We zullen moeten proberen hotelletjes te vinden met een keukentje of een balkon zodat we op ons gaspitje nog wel zelf kunnen koken. De restaurants hebben take-away; je mag de bestelling alleen telefonisch doorgeven en dan wordt het eten bij je kamerdeur afgeleverd. Dat vinden we niet leuk dus we proberen zoveel mogelijk zelf te koken. Tevens is een avondklok, na 21.00 uur mag niemand de straat meer op. En in de weekenden is er een totale lockdown. Dat betekent dat we op zaterdag en zondag niet meer kunnen fietsen. Helaas moeten we onze reis daardoor meer gaan plannen omdat we in de weekenden graag op een leuke plek willen zitten. Maar we zijn ook blij dat we toch nog 5 dagen kunnen blijven fietsen. Het eerste lockdown weekend boeken we een appartementje aan de kust. In een heel klein gehuchtje kunnen we via Airbnb een hele leuke Loft vinden. Dat klinkt ons goed in de oren!

Het is die vrijdag een natte start van de dag. Het water stroomt aan alle kanten over de weg. Goed ingepakt gaan we op pad. Op een gedeelte van de route was een grote bosbrand geweest en de zwarte bomen gaven een bizar, mysterieus beeld tegen de donkere, dreigende luchten. ’s Middags wordt het droog en laden we onze fietsen vol met boodschappen voor 3 dagen. We komen aan in onze Loft en het is een hele rustige plek. Ons balkon heeft uitzicht op zee en we kunnen heerlijk in de tuin zitten. Dat komt wel goed dit eerste lockdown weekend!

Op maandagochtend stappen we weer op de fiets. Heerlijk, wat kun je daar weer van genieten na 2 dagen rust. ‘Binnen zijn’ is iets wat we niet meer gewend zijn de afgelopen maanden. We leven al zo lang buiten, dan is dit echt weer wennen….

We fietsen dwars door grote stad Izmir en van daaruit verlaten we de kust en gaan we de binnenlanden weer in. Daar hebben we weer zin in, na al die weken langs de kust is het leuk om weer op het platteland te fietsen. Die afwisseling blijft erg mooi. Het nadeel van het verlaten van de kust is dat het weer minder wordt. Aan de kust bleef het overdag nog steeds zo’n beetje tussen de 18 en 20 graden, nu moeten we het doen met max. 10 graden in de middag. De ochtenden zijn erg koud dus we gaan goed aangekleed op pad. Alles wat we de afgelopen maanden niet hebben gebruikt komt onderuit onze tassen: thermoshirt, lange fietsbroek, fietsjas, muts en handschoenen. Maar als het zonnetje er ’s middags weer bij komt en wij weer aan het klimmen zijn, moet alles ook weer uit… We blijven ons aan- en uitkleden…..

De herfst is prachtig in de binnenlanden. We fietsen over kleine weggetjes door het authentieke Turkse platteland. We genieten van de mooie uitzichten over de glooiende velden, van de prachtige wijnranken in alle tinten goud en de vers omgeploegde akkers. Van de kleine gehuchtjes met leuke dorpspleintjes, waar de oude mannetjes hun cay drinken. Waar de plaatselijke bevolking ons staande houdt voor een gezamenlijke foto, het blijft steeds ons weer verbazen.

Naast mooie herfstdagen hebben we ook regenachtige dagen…. In de stromende regen staan we langs de kant van de weg als er een auto stopt. De meneer in de auto nodigt ons uit om 2 kilometer verderop te komen opwarmen in zijn apotheek. Wat een geweldig aanbod. We kunnen in deze tijd nergens naar binnen dus we nemen zijn aanbod graag aan! We worden verwend met heerlijke Turkse koffie en krijgen een mooi gesprek. We warmen letterlijk helemaal op! Na een foto in zijn mooie apotheek, krijgen we voor onderweg Turkse pide mee. Wat een verwennerij. Wat wordt zo’n regenachtige dag dan toch weer een mooie dag. We komen met een grote glimlach in Iznik aan.

Vanaf Iznik fietsen we naar Yalova. Daar gaan we met de ferry over naar Pendik. Nog een laatste 30 kilometer naar Kadikoy; gelegen in het Aziatische deel van Istanbul en daar springt onze teller op 17.000 kilometer. We zijn in Istanbul! 9,5 maand onderweg, de tijd is voorbij gevlogen. We kunnen ons niet voorstellen dat het al 18 december is. Maar nu is het tijd om van onze fiets te stappen en een plekje voor de winter te zoeken.

Maar eerst gaan we aankomend weekend genieten van Istanbul. We hadden gehoord/gelezen dat tijdens het lockdown-weekend de toeristen wel de straat op mogen dus zijn we gisteren met de trein naar de wijk Sultanahmet gegaan; in het Europese gedeelte van Istanbul. Het openbaar vervoer ligt tijdens het lockdown weekend niet stil dus we konden op pad. Maar de perrons waren leeg en verlaten. Hoe vreemd op een zaterdag….

Aangekomen in Sultanahmet, konden we in alle rust genieten van de Aya Sofya, Topkapi Paleis en de Blue Mosque. Er was een lekker zonnetje en wat is het dan heerlijk om alles te kunnen bewonderen. Helaas wordt de Blue Mosque gerestaureerd en konden we de wonderschone blauwe tegels binnen niet zien. Maar een super rustige Aya Sofya maakte alles weer goed. Wat een mooie dag!

Vandaag hebben we heerlijk rondgestruind door de kleine straatjes in onze leuke wijk Moda in Kadikoy. Langs alle muurschilderingen en kleine winkeltjes. Alles is gesloten, behalve de bakker en de groenteman, maar toch konden we de mooie sfeer voelen van deze populaire wijk.

Vanaf nu dus onze winterstop. We hopen dat we snel weer mooie reisverhalen kunnen plaatsen, want dat houdt in dat we weer op de fiets zitten! En daar worden wij erg gelukkig van….

Herkese Mutlu Noeller ve birbirimize bol sevgi dolu iyi ve sağlıklı bir 2021 diliyoruz!

Veel liefs van Minggoes & Jacoline

Bodrum, en nu?

Gisteren zijn we aangekomen in Bodrum, het eindpunt van onze kustroute door Turkije. Nadat we begin oktober hoorden dat we voorlopig onze reis niet konden vervolgen naar Iran of Georgie, hadden we een nieuwe route gemaakt. Een route langs de lange kustlijn van Turkije, eindigend in Bodrum.

Het is stil in Bodrum…. Afgelopen vrijdag heeft de Turkse regering de maatregelen verscherpt om het aantal besmettingen te beperken. En dat merken wij ook. Campings zijn gesloten en ook heel veel hostels/hotels hebben hun deuren gesloten. Het wordt voor ons lastiger om plekjes te vinden om te slapen.

Het was ons begin november gelukt om in Kemer een verblijfsvergunning/Ikamet te kunnen regelen voor 6 maanden. Het officiele boekje wordt nog naar ons toegestuurd en gaan we nog in Kemer ophalen maar we kunnen tot begin juni in Turkije blijven. Dat was wel reden voor een feestje voor ons. Het geeft een stukje rust nu we weten dat we hier voorlopig kunnen blijven om de situatie in de wereld af te wachten.

Maar we waren ook blij en gelukkig dat we weer op onze fiets konden stappen na 4 dagen Kemer om onze route langs te kust weer te kunnen vervolgen. En wat vinden we steeds weer mooie plekjes. In Demre bezoeken we eerst de ruines van Myra. Er zijn twee lyrische dodensteden (rotsgraven) uitgehakt in de kliffen. Prachtig om te zien. Ook het Romeinse theater ziet er nog mooi uit. Daarna naar een plekje voor de nacht: in een kleine baai naast een scheepswerf vinden we een heel relaxt klein plekje waar de turkse thee (en een biertje..) voor ons klaarstaan en we genieten van muziek van David Gray.

We trekken verder langs de kust, het is steeds maar klimmen en dalen met de mooiste uitzichten over zee. We komen langs Kas, ook al zo’n mooie plaats en fietsen vervolgens naar de Saklikentkloof. De Saklikentkloof is de op een na grootste kloof van Europa, de langste en diepste van Turkije. Daar willen we graag gaan wandelen. Bij aankomst is de camping gesloten, we merken dat het seizoen er langzamerhand op zit, steeds meer campings zijn gesloten. Maar ook hier worden we weer verrast door de Turkse gastvrijhed; we mogen onze tent op een mooi plekje op het terrein bij de ingang van de kloof neerzetten. Altijd als we wat vragen is het: no problem, no problem…. Prachtig, wat een geweldige instelling hebben deze mensen toch.

De volgende ochtend, gelijk na openingstijd, gaan we de kloof in. Er is niemand, we zijn met zijn tweetjes. We klimmen en klauteren door de kloof. Normaliter stroomt het water flink door de kloof maar in deze tijd is de waterstand laag. In het voorjaar is het niet mogelijk omdat het smeltwater uit de bergen door de kloof stroomt en het waterpeil vele malen hoger is. Het is een spectaculair natuurwonder.

In Sanliurfa hadden we een stel ontmoet en ze gaven ons een tip: Als je op zoek bent naar een geweldige plek om te verblijven, ga dan naar Kabak Beach. Het paradijs van Turkije, een verborgen juweeltje. We zagen op de kaart dat het niet eenvoudig was om daar per fiets te komen maar we wilden het toch gaan proberen, het klonk zo goed! Een groot deel van de Turkse kust rond Alanya en Antalya staat volgebouwd met mega grote hotels. We hadden dat allebei nog nooit gezien en keken onze ogen uit. Hier zitten dus de all-inclusive toeristen…

Maar gelukkig zijn er ook nog steeds zovele prachtige, rustige plekjes en daar gingen we nu naar toe: Kabak Beach. Het werd een zware maar tevens geweldige fietsdag. Aan het einde van de middag kwamen we moe maar gelukkig aan bij Christiania’s House. Hij verhuurt er 3 super knusse huisjes. Alles erop en eraan maar ook puur en simpel. Precies zoals het past in de omgeving. We zijn 3 dagen gebleven, hebben genoten van de geweldige baai, de prachtige wandelingen en ons gezellige balkon met prachtige uitzicht. Je waant je echt in het paradijs!

Het was moeilijk om het paradijs te verlaten, ook omdat we wisten dat we de zware klim nogmaals moesten maken maar ook vanuit de andere kant was het wederom fantastisch fietsen. Na een heerlijke lange daling kwamen we in Fethiye.

We merken dat het langzamerhand ook in Turkije herfst wordt. Overdag is het nog steeds rond de 20 graden maar de avonden en ochtenden worden best koud. We halen onze donsjacks en mutsen onderuit onze tassen en genieten ’s avonds heerlijk ingepakt bij onze tent van ons eigen gekookt potje. Ook ’s ochtends starten we later, de dagen worden korter en daardoor ook onze fietsdagen. Maar zolang het op deze manier nog lukt, kunnen we nog blijven kamperen. Straks zullen we misschien iets anders moeten verzinnen.

We fietsen via een prachtig groen schiereiland naar Datca. Een weg waar je voldoende water en eten moet meenemen, omdat we onderweg alleen kunnen genieten van de mooie natuur. Wat een mooie heuvels, wat een groen. Datca vinden we erg leuk, het heeft een mooie sfeer met een leuke haven. Echt een gezellige plek met veel Turkse gezelligheid en gastvrijheid. We zitten midden in de plaats in een hostel en kunnen vanaf ons balkon genieten van de gezelligheid op straat. Er is ook een prachig oud gedeelte, we wandelen naar Eski Datca en genieten van de prachtige oude pandjes en geweldige straatjes.

We zien dat er de komende 2 dagen regen wordt voorspelt, en dat blijkt echt te kloppen. Na al die maanden komen onze regenspullen weer uit de tas en fietsen we in de regen terug naar het beginpunt van het schiereiland. Nat en koud komen we aan het einde van de middag aan in Marmaris. Dat is echt wennen voor ons, maar na een heerlijke warme douche zijn we weer lekker warm. We beseffen nog maar eens des te meer hoe verwend we de afgelopen maanden zijn….

Gelukkig schijnt de volgende dag het zonnetje alweer heerlijk. Wat een verschil met gisteren. We gaan op bezoek bij fietsenwinkel Safari Bisiklet. De eigenaar van deze winkel is ook een echte langeafstandsfietser en is van Turkije naar Zuid-Afrika gefietst. We horen zijn mooie verhalen en zien de prachtige foto’s van Afrika. Wat een warmte en vrijgevigheid bij deze lieve mensen. Hij is tijdens zijn reis vaak geholpen door mensen en nu wil hij graag wat terug doen. Wat een mooie levenshouding! Wij hopen dat als we ooit terugkeren naar Nederland, we deze menselijke vriendelijkheid ook kunnen betonen. Dat we een deel van de Turkse waarden mee naar huis kunnen nemen.

Het laatste stuk van onze route loopt via een mooie kleine weg naar Bodrum. Het zijn 100 prachtige kilometers. Alles klopt: het weer, de weg, de geweldige uitzichten over zee, de indrukwekkende rotswanden waar we tegenaan kijken, het klimmen en dalen. Echt dagen dat we nog maar eens goed beseffen hoe ongelofelijk bijzonder het is om dagelijks, onder deze omstandigheden, op de fiets te mogen zitten.

En nu zijn we in Bodrum, het eindpunt van onze kustroute. De omstandigheden zijn sinds afgelopen vrijdag gewijzigd; hotels en campings veelal gesloten en de winter langzaam in aantocht. En de wetenschap dat zodra we het binnenland in gaan, het weer gelijk stukken minder wordt.

Bodrum; een plek waar we wederom gaan overdenken hoe we onze reis gaan voortzetten. Na bijna 5.000 kilometer dwars door Turkije zijn we eigenlijk bij het begin punt van onze oorspronkelijke geplande reis door Turkije.

Hoe gaan we de winter doorkomen? Gaan we een huisje huren voor een bepaalde tijd? Gaan we een auto huren en daarmee door het land trekken? Dat is iets om goed over na te denken in ons leuke hostel.

15.000 kilometer op de teller!

2 Maart vertrokken we, uitgezwaaid door familie en vrienden, uit Barneveld. 2 November, precies 8 maanden later, staat onze teller op 15.000 kilometer! Wat hebben we geweldige kilometers gemaakt; zoveel gezien en zoveel beleefd. Maanden met een brede lach en soms ook met een kleine traan…. De brede lach om al het mooi’s onderweg: onze prachtige planeet met de geweldige natuur, zoveel lieve mensen met bijzondere gesprekken, zoveel indrukwekkende cultuur, die we steeds in alle rust konden bekijken. Maar soms ook met een beetje weemoed en een kleine traan omdat we na 8 maanden ‘nog maar’ in Turkije zijn. India, Nepal dat waren na 15.000 kilometer onze plannen en dromen: De Pamir, de Karakoram Highway, Spiti valley. We hadden de visa zelfs al in onze pocket…. Maar het werden 8 totaal andere maanden. Maanden van aanpassen en veranderingen in de wereld. Een leerschool van loslaten en niet teveel willen plannen.

Maar het zijn 8 bijzondere maanden geworden die in ons hart verankerd liggen en ons heeft doen beseffen dat het leven op de fiets, ons simpele bestaan, de grootste rijkdom met zich meebrengt!

Terug aan de kust. Het eerste gedeelte van onze reis langs de kust is vlak. 90 kilometer vlak fietsen, het voelt een beetje vreemd en zelfs Nederlands aan… Dat hebben we hier nog niet gehad maar het kan dus wel! De wegen worden druk. We ontwijken grote stad Adana maar hebben gezien dat er in Mersin een Decathlon is en daar willen we graag wat inkopen doen. Onze shirtjes zijn, na intensensief gebruik, toe aan verversing! Helaas houdt dat ook in dat we de drukke stad in moeten. Maar we sluiten iedere dag weer prachtig af aan zee. Hier is de kustlijn nog echt Turks. Lekker rommelig en geen buitenlandse toeristen. Mooie plekjes op het strand om onze tent neer te zetten. Genieten van zonsopkomst en zonsondergang, van de prachtige sterrenhemel. Genieten van enkele Turkse mensen die er ook verblijven en die ons bij aankomst een bordje eten komen aanbieden. Meer hebben we niet nodig….

Na een aantal dagen komen de bergen weer terug. De kustlijn wordt grillig, prachtige ruige rosten met geweldige uitzichten over zee. We gaan weer klimmen: op- en af. Van zeeniveau naar 500mtr, terug naar zee en weer omhoog naar 600 mtr.

We komen in de bananenstreek. Aan alle kanten zien we bananen. Hoog op de bergen maar ook hele dorpen worden vol gebouwd met kassen waar bananen in worden verbouwd. Vlak naast de huizen, overal waar plek is, worden kassen neergezet. Heel bijzonder, dat zou in Nederland onmogelijk zijn. De buurman bouwt een kas 1 meter naast je huis…. De bomen die niet in de kas staan, worden helaas volgehangen met plasticzakken om de bananen te beschermen. Maar dat plastic verdwijnt weer in de natuur, plastic waar Turkije vol mee ligt… Het doet pijn aan je hart, wat vervuilen we onze mooie planeet toch!

Tijdens onze klim ontmoeten we Ramazan. Een Turkse schoenpoetser op de fiets uit Anamur. Hij is van Anamur naar Istanbul gefietst en was nu weer op de terugweg naar Anamur. Een fiets helemaal volbeladen met allerlei bagage: zijn schoenpoets benodigheden, dekens, kleding en een grote, zware gastank en gaspit voor natuurlijk Turkse thee. De versnellingen en rem van zijn simpele fiets werkten niet. Bergafwaarts remde hij met zijn schoenzolen, die helemaal doorgesleten waren, en bergop moest hij lopen.

We werden uitgenodigd voor een cay, op zijn uitgerolde kleedje, langs de kant van de weg. Hij sprak een paar woorden Engels maar met handen en voeten konden we prima met elkaar communiceren. Mountain, mountain, mountain… dat herhaalde hij steeds. Het hield niet op zie hij: op- en af, op- en af…. Een bijzondere ontmoeting met een prachtig mens! We beseften ons weer hoe goed wij het hebben met onze mooie, stevige fietsen!

We komen aan in het drukke, toeristische gedeelte van de Turkse kustlijn. Alanya, Antalya en andere bekende plaatsen. Welkom terug in de westerse wereld. Dat is even wennen: stranden met mensen in zwembroeken en bikini’s. Het is niet druk op de stranden maar voor ons is het na al die weken van fietsen in enorme wijdsheid en leegte, echt even wennen. De drukte en geluiden van de grote stad doen pijn aan je oren.

Maar we zijn niet voor niets in Alanya. We hadden het idee om begin december, als we Turkije na 90 dagen moeten verlaten, weer terug te gaan naar Griekenland om daar de winter door te brengen. Helaas is dat op dit moment niet mogelijk. Griekenland heeft de landsgrenzen voor Turkije gesloten. Er varen ook geen ferry’s en er wordt niet gevlogen. We moesten dus wat anders bedenken om onze reis straks te kunnen vervolgen. We hebben gehoord dat het mogelijk is om in Turkije een korte verblijfsvergunnnig aan te vragen. Dat kan in Alanya en dat gaan we daar uitzoeken. We gaan naar de gemeente afdeling ‘Goc Idaresi’ voor informatie. Het blijkt een heel traject. Er komen door de Covid, in alleen Alanya, iedere dag 100 aanvragen binnen… Het lukt niet om een afspraak te maken, alle afspraken zitten vol. Het lukt wel om 180 kilometer vederop in Kemer een afspraak te maken. We fietsen van Alanya naar Kemer en gisteren hadden we de afspraak in Kemer. Er zijn allerlei regels waar we aan moeten voldoen dus aan ons de taak om dat te gaan regelen. We hebben een goedkoop hotelletje kunnen vinden waar we nu gaan proberen om ons verblijf in Turkije met 6 maanden te mogen verlengen.

Want we hopen nog steeds dat we onze prachtige reis kunnen vervolgen en blijven dromen……

Oost en Zuidoost-Anatolie

Turkije heeft ruim 82 miljoen inwoners. Oost-Anatolie is de grootste regio van Turkije maar het inwonertal is slechts 6 miljoen en Zuidoost- Anatolie is de op een na kleinste regio van het land maar het is ook het op een na dunstbevolkte gebied van Turkije. En dat hebben we gezien en gemerkt door in deze regio’s te fietsen. We dachten dat we al heel veel weidsheid en leegte hadden gezien maar dit was de overtreffende trap! Wat een unieke wereld, wat zijn we dan nietige fietsertjes in dat grote, prachtige geheel…

Fietsen over hele rustige wegen tussen de bergen door, met die eindeloze uitzichten, het geeft een bijzonder gevoel. Klimmend en dalend, soms tot bijna 2000 mtr, in een fantastische omgeving. En dan steeds weer die gastvrijheid. We worden steeds staande gehouden. In de vroege ochtend staat er een auto stil en een man wijst ons naar de kant om te stoppen. We worden uitgenodigd om samen te ontbijten. We rijden achter de auto aan een industrieterrein op. We vragen ons echt af waar we nu toch terecht komen….. Het is een vies industrieterrein met alleen maar autogaragebedrijven. De zwarte rookdampen hangen op het terrein. De auto stopt bij een oud pand en ze trekken een roldeur omhoog. Voila, dit is onze garage. Er wordt een tafeltje en stoeltjes geregeld en Turkse thee wordt gemaakt. Broodjes komen op tafel en er wordt heerlijk samen gedeeld. De vertaal-app doet zijn werk, we kunnen een beetje met elkaar communiceren… De standaard vragen komen op ons af: Waar komen we vandaan? Zijn we getrouwd? Hebben we kinderen? Wat vinden we van Turkije? En fietsend uit Nederland??? Niet te geloven…..

Het fijne is dat we al 4 maanden lang ontzettend mooi weer hebben. Wat is het toch lekker fietsen als iedere dag het zonnetje schijnt. We zijn echt verwend! Als we ’s ochtends onze tent uitkomen, komt het zonnetje er al snel weer bij en genieten we van weer een heerlijke zonnige dag. Strak blauwe luchten worden ‘gewoon’ al blijft het natuurlijk bijzonder! In deze regio zijn (bijna) geen campings. We proberen wel zoveel mogelijk te kamperen omdat we dat het leukste vinden. Er zijn heel veel parken in Turkije en daar vragen we vaak of we mogen staan. Vaak super leuke plekjes met een picknick bank, wat erg handig is. En mocht dat niet lukken, dan zoeken we een hotelletje. Vaak kunnen we dan toch nog buiten op een leuk plekje zelf koken. Het leven in Turkije is erg goedkoop. 2 broden koop je voor 50 cent en een fles water voor 25 cent. Een hotelletje heb je al voor 10,– / 15,– euro en een camping voor rond de 8,– euro.

De rijkdom en schatten in deze regio zijn enorm. Nemrut Dagi, Sanliurfa, Gobekli Tepe, Diyarbakir, Mardin en Harran, allen met een ongelofelijke rijke geschiedenis. We hebben een aantal van deze schatten mogen bewonderen. Nemrut Dagi met zijn kolossale sculpturen op een grafheuvel. Vanaf deze top heb je een schitterend uitzicht op Mesopotamie, het gebied tussen de Eufraat en de Tigris. Sanliurfa; het land van Abraham en Job. We hebben de geboortegrot van Abraham bezocht. Gobekli Tepe; het oudste bekende tempelcomplex ter wereld. Het oude Harran van de Hebreeuwse bijbel hadden we ook nog graag bezocht maar het ligt erg dichtbij de grens met Syrie en dat vonden we zelf niet veilig genoeg.

Na al die dagen genoten te hebben van die schatten wilden we nog graag fietsen naar Gaziantep. Deze stad heeft een geweldig mooi museum met de grootste collectie antieke mozaieken ter wereld: het Zeugma Mozaik Muzesi. Je kunt er echt uren rondlopen, wat een prachtig museum. Geweldige mozaieken uit de 2e en 3e eeuw na Chr. zijn hier naartoe verplaatst. En zo mooi in stijl ingericht, geweldig om te zien. We kijken onze ogen uit! Ongelofelijk wat ze in die tijd konden met die ministeentjes.

Na Gaziantep vervolgen we onze route richting de kust. We verlaten langzaam Zuidoost-Anatolie en komen weer meer in de bewoonde wereld. Landbouw gebieden waar veel katoen, vlas en tarwe wordt verbouwd. De katoen vlokken liggen massaal langs de kant van de weg.

7 september zijn we in Turkije aangekomen. We fietsten de eerste anderhalve week veel langs de kust. Na Efeze gingen we het binnenland in en hebben we genoten van de bergen en de enorme vlaktes. Vandaag, na ruim 6 weken fietsen en ruim 3000 kilometer verder, zijn we weer aangekomen bij de kust. We zijn in Yumurtalik. Een heel rustig plekje aan zee. We zijn weer op een camping. Er is niemand, we staan heerlijk alleen aan zee. Leuk om de zee na die weken weer te zien. De komende tijd gaan we de hele kustlijn volgen richting Bodrum. Dat zijn nog heel veel kilometers langs de Turkse kust. We blijven hier de komende tijd genieten!

Hoe onze reis te vervolgen?!?

Gisteren zijn we vanuit onze prachtige campingplek, midden in Cappadocia, vertrokken naar Urgup. Daar hebben we een pensionnetje gevonden, een ideale plek om te kijken hoe we onze reis na Cappadocia gaan vervolgen. Het blijkt een geweldig plekje, in het oude gedeelte van Urgup, in een oude cave. Er is wifi dus we kunnen op onze laptop gaan bedenken hoe we onze reis gaan vervolgen.

Onze route liep oostwaarts, richting Georgie. We hoopten dat we rond eind oktober Tibilisi konden halen om van daaruit een vlucht te nemen naar bijvoorbeeld Nepal. Centraal Azie ging niet meer lukken, dat wisten we, de winter is in aantocht. Maar we hoopten dat het in het najaar weer mogelijk zou zijn om de oversteek naar Zuid-Oost Azie te maken. Daar kun je in november heerlijk fietsen. Maar helaas gaat dat niet lukken….. De wereld is nog steeds op slot, er worden geen visa verstrekt dus we kunnen na Turkije helaas niet verder.

Hoe nu verder na Cappadocia? We kunnen tot begin december in Turkije blijven. Het is ondertussen oktober en verder oostwaarts zou betekenen meer koude in bergachtig gebied en de afstanden worden daar enorm. Langs de zuidkust daarentegen blijft het weer in oktober en november best aangenaam. Dat heeft ons doen besluiten om een nieuwe route te maken. We gaan langzaam afzakken naar het zuiden en proberen de hoogtepunten onderweg mee te pakken. Vandaar uit gaan we langs de lange kustlijn van Turkije fietsen richting Bodrum. Misschien nog een paar mooie eilandjes bezoeken, dat is altijd erg leuk.

Mocht er de komende 2 maanden niets in de wereld veranderen, dan zullen we begin december waarschijnlijk de oversteek maken naar Griekenland. Daar kunnen we 3 maanden overwinteren op verschillende eilanden om hopelijk in maart weer terug te gaan naar Turkije, om onze reis weer te vervolgen.

Maar eerst nog 2 maanden genieten in dit mooie, bijzondere en gastvrije land!

Turkije.

GEVEN…..

“Neem maar, neem maar, onze familie heeft genoeg”

In de weekenden trekken de Turkse families massaal met volle tassen eten en drinken naar picknickplekken om daar samen met de hele familie gezellig te eten en te relaxen. En van die leuke picknickplekken zijn er heel veel. De hele familie gaat mee, oma met de stok, vaders, moeders en de kinderen met allerlei spelletjes. Afgelopen zaterdag gingen wij kamperen op zo’n picknickplek. Aan het einde van de middag kwamen we aan en voordat onze tent uit de tas was, kwam er al iemand een broodje en cola bij ons brengen. Wat een gastvrije ontvangst! Nadat de tent stond en we even op onze stoeltjes zaten, kwam er alweer iemand naar ons toe. Ditmaal met een bordje met kippenboutjes. “Neem maar, neem maar, wij hebben genoeg”…. En voordat we zover waren om bij de kruidenier onze boodschapjes te halen voor het avondeten, werden we al uitgenodigd om bij een familie aan te schuiven voor het diner. “Minggoes eet, eet”…. Met volle buiken keerden we ’s avonds weer terug naar onze tent. Het werd donker en de families keerden langzaam huiswaarts na een heerlijke ontspannen dag. We zaten al in onze tent, wilden net gaan slapen, toen we plots “hallo, hallo”…. hoorden. Ik rits mijn tent open en er staat een hele familie voor de tent. Van oud naar jong. “Hebben we nog wat nodig voor de nacht?” Ik krijg tegelijkertijd 2 broodjes en Ayran in mijn handen gedrukt. “Breakfast, breakfast”…… Wat een gastvrijheid, wat een lieve mensen, woorden schieten te kort om te bedanken…. De mensen zijn hier zo ontzettend gastvrij en open, wat kunnen wij daar als Nederlanders veel van leren. Geven is tot kunst verheven!

Dat alles valt ons ten deel de weken die we nu in Turkije zijn. Van het aanbieden van een paar tomaten, druiven of meloenen tot het aanbieden van een gratis overnachting. Van heel veel kopjes Turkse thee tot het uitnodigen voor een gezamenlijk diner.

Onze route gaat de eerste 700 km. zuidwaarts. We hadden gedacht dat onze route door Griekenland richting Athene zou gaan en dat we van daaruit zouden oversteken naar Bodrum. Maar omdat de boten van Griekenland naar Turkije nu niet varen, zijn we op een hele andere plek Turkije binnen gekomen. We gaan daardoor eerst zuidwaarts, ontwijken het drukke Istanboel, en kunnen onze route bij Efeze op pikken. Het leuke is dat we daardoor nog veel aan zee kunnen kamperen. Het is zo lekker om de dag na een lange fietsdag aan zee te kunnen afsluiten. We treffen het ook echt met de plekjes, leuke kleine strandjes, gezellig met wat Turkse mensen, verder heerlijk rustig. De route is prachtig, we fietsen veel op binnendoor weggetjes. We klimmen en dalen, glooiende landschappen gaan aan ons voorbij.

Na 10 dagen komen we aan in Selcuk. Hier willen we graag de antieke stad Efeze bezoeken. De 2 campings zijn helaas allebei gesloten dus we gaan opzoek naar een pension. We komen terecht bij Ali Baba’s house. Een klein guesthouse, leuk om 2 nachtjes te blijven om Efeze te bekijken. We staan ’s ochtends om 9.00 uur bij de ingang, zo kunnen we in alle rust alles gaan bewonderen. Wat prachtig en indrukwekkend om de bibliotheek, het grote theater, het Odeon, de tempel van Hadrianus te bezichtigen. Later op de middag brengen we ook nog een bezoek aan de tombe van apostel Johannes en het huis van de maagd Maria.

Na Efeze gaat onze route oostwaarts, richting Cappadocia. Na 2 fietsdagen staat het volgende hoogtepunt alweer op ons te wachten: Pamukkale! We vinden een camping met het uitzicht op de kalkterrassen. We komen op zondagmiddag aan en er zijn veel Turkse dagjesmensen. We besluiten om maandagochtend vroeg de terrassen te gaan bekijken. Dat blijkt idd een goede keuze, die ochtend is het heel rustig als we omhoog wandelen. Helaas heeft de overheid door de vele toeristen besloten om de oorspronkelijke baden te sluiten en nieuwe aan te leggen om in te baden. Gelukkig is het toch nog steeds prachtig om het oude gedeelte te bewonderen. Achter de kalkterrassen bevinden zich de opgravingen van Hierapolis met een geweldig mooi intact gebleven theater. Super mooi om er rond te wandelen.

We vervolgen na Pamukkale onze route richting het meer van Egirdir. Het landschap lijkt eindeloos verlaten. Wat een weidsheid en mooie vergezichten. We vinden de eerste nacht onderdak in een lerarenhuis. In plaatsen met meer dan 10.000 inwoners bieden deze gebouwen onderdak aan leraren die tijdelijk in die stad aan het werk zijn. Erg leuk om daar een nachtje te mogen slapen. De volgende dag fietsen we naar het meer van Egirdir. Na een prachtige laatste daling zien we het meer liggen. Egirdir heeft een leuke camping aan het meer dus we hebben weer een mooi plekje voor de nacht. De volgende ochtend bezoeken we de plaatselijke markt in het haventje van Egirdir. Wat is het toch altijd leuk om daar een beetje rond te dwalen. Net als in Azie, zijn het van die heerlijke kleurrijke markten. Prachtige groentes, fruit en de lekkerste, geurende kruiden.

Fietsend langs het mooie meer trekken we door een gebied met duizenden appelbomen. Turkije is zo’n enorm land, alles is hier gelijk 10x zo groot dan in ons kleine landje. Kilometers lang zien we groene en rode appels. Ze worden net geoogst, er staan honderden kratten met appeltjes langs de weg en grote vrachtwagens staan klaar om ze te vervoeren. Het laatste gedeelte van de route zien we weer die wijdsheid en leegte….. Er zijn bijna geen dorpjes, alleen die eindeloze leegtes. Als we in zo’n klein plaatsje komen, kopen we bij de plaatselijke kruidenier water en brood. Hij biedt ons een gratis overnachting aan in het dorp. Het is een heel klein leuk huisje. We kunnen de openbare toilet in het dorp gebruiken, wat ontzettend gaaf zeg! We zijn een bezienswaardigheid in het dorp. We krijgen natuurlijk gelijk weer thee aangeboden op het dorpsplein vol met Turkse mannetjes. Niemand spreekt Engels dus we proberen met onze vertaalapp toch een paar woordjes met elkaar te praten. Ze vinden het heel bijzonder als ze horen dat we helemaal op de fiets uit Nederland komen….

We vertrekken vandaag richting Konya, een grote stad met meer dan 2 miljoen inwoners. Hoe verder we oostwaarts fietsen, hoe rustiger de wegen worden. Steeds minder dorpen, steeds weer die enorme vlaktes. Konya is druk en we willen graag de stad uit. We zitten in een park een broodje te eten, als we een tip krijgen dat we 20 kilometer buiten de stad, in een groot park kunnen overnachten. Dat lijkt ons een goed idee! Daar hebben we geen spijt van gekregen, wat werd dat een mooie avond!! (zie het begin stukje…)

Voordat we naar Cappadocia gaan, willen we graag de Ihlara vallei bezoeken. We hebben foto’s gezien en dat zag er zo prachtig uit. We hebben nog 1 tussenstop nodig om daar te komen. In Sultanhani, een stopplaats op de vroegere karavaanroute, vinden we een leuke camping in het dorp. Het is een echte familie camping. De camping wordt al generaties lang van vader op zoon gerund. Een super vriendelijke eigenaar, waar we fijne gesprekken mee hebben. Er komen hier altijd veel fietsers. Hij laat ons trots verschillende foto’s zien.

De volgende ochtend gaan we de hoofdweg af en fietsen binnendoor naar de Ihlara vallei. Binnendoor betekent hier meestal gravel. Omdat het zo droog is, kan een voorbij rijdende auto ons in een grote stofwolk achterlaten… Maar hier is het zo rustig, alsof we alleen op de wereld zijn. We klimmen van 900 mtr naar 1300 mtr en passeren een oud verlaten dorp. Niemand te zien. De uitzichten zijn fenomenaal!! Wat een geweldige route. Het is zwaar maar zo fantastisch mooi. Wat prachtig om zo Ihlara te bereiken.

In Ihlare blijven we 2 nachtjes om in de beroemde kloof te wandelen. We dalen de trappen af, zien de indrukwekkende rotswanden aan beide zijden en lopen naast het kabbelende riviertje. Geen andere mensen, de parkeerplaats was helemaal leeg. We bezoeken tijdens de wandeling meerdere uit de rots gehouwen kerken en genieten 14 kilometer lang van deze fantastische kloof. De kloof komt uit in de historische plaats Selime. En daar wacht ons een onverwachte, geweldige verrassing! Een fantastisch uit de rotsen gehouwen klooster. Het Selime klooster is het grootste religieuze gebouw van Cappadocia met een kerk ter grootte van een kathedraal. Je ziet nog het monnikenverblijf, de keuken en de muilezelstal. Je waant je in een film, zo bizar en bijzonder is het.

Het Selime-klooster dateert uit de 8e en 9e eeuw:

Wat vliegen 3 weken Turkije voorbij, wat is het een prachtig land. We hebben hier nu ruim 1500 kilometer gefietst en al zoveel prachtige plekken bezocht! Zoveel fantastische mensen ontmoet, de wereld op de fiets is geweldig! We gaan nu de laatste kilometers maken richting Cappadocia. We weten nog niet hoe we onze reis kunnen vervolgen, de grenzen zitten nog dicht. We mogen in dit mooie land tot begin december blijven en zien dan hoe het vervolg eruit gaat zien….

Een ding is zeker: er is de afgelopen maanden veel onzekerheid en angst in de wereld gekomen. En angst is zo’n slechte raadgever. Maar wat wij de afgelopen maanden op de fiets hebben ervaren, geeft ons de zekerheid dat de liefde voor elkaar overwint, altijd!