blog

Filipijnen.

Het startsein van een compleet nieuw avontuur, na onze fietsreis in Europa/Turkije, Afrika, Midden- en Zuid-Amerika.
Het vierde deel van onze wereldreis heeft ons in Zuidoost-Azië gebracht.
De landen waar we in eerste instantie naar op weg gingen bij ons vertrek in maart 2020 maar waar we nooit terecht kwamen.

Na ons Midden- en Zuid-Amerika avontuur zijn we zeven weken in Nederland geweest.
Wat was het fijn om weer samen te zijn met onze lieve familie en vrienden. Echt quality time!
We waren weer welkom bij onze lieve zus & zwager in ’t Harde, we hebben daar eerst
2 weken gebivakkeerd, voordat we voor 3 weken naar een vakantiehuisje in Voorthuizen zijn gegaan. Een plekje dichtbij onze ouders en vrienden. De laatste 2 weken zijn we weer vertrokken naar ’t Harde. Wat is het fijn dat we altijd bij hun terecht kunnen!
We zijn in die weken druk geweest rondom de verkoop van ons huis in Putten. We hadden het huis in maart 2020 voor 2 jaar verhuurd en die termijn liep nu af. Omdat we nog niet klaar zijn met onze worldtrip, (we genieten nog met volle teugen…😊😊) besloten we om ons huis te verkopen. Onze inboedel stond in de schuur opgeslagen en dat moest nu allemaal weg.
We hebben een verkoping gehouden en de spullen die we echt nog willen bewaren, ergens anders opgeslagen.
We waren bij de 20e verjaardag van Merlijn & Sophie én we hadden 8 april een bruiloft van ons allerliefste nichtje. Het was geweldig dat we er op deze speciale dag bij konden zijn.
Zo vlogen de weken voorbij en kwam onze vertrekdatum van 16 april rap dichterbij.
Onze eerste keuze was om het vierde deel van onze reis voort te zetten in Zuidoost-Azië.
We hoopten in onze weken thuis dat het goede bericht zou komen dat dit gedeelte van de wereld ook weer open zou gaan en dat gebeurde!!
Na bijna 2 jaar gingen de Filipijnen open, Indonesië en Maleisië volgden. Nog wel met allerlei restricties maar we namen de gok: we gingen naar Zuidoost-Azie en boekten een reis op 16 april naar de Filipijnen!

De Filipijnen staan voor ons voor een tropisch fietsparadijs. De stranden, kusten, bergen en jungle, het schijnt nog redelijk ongerept te zijn. En vooral omdat deze archipel voor 2 jaar gesloten is geweest, zal het er nog erg rustig zijn qua toerisme.

Zaterdag 16 april vlogen we via Istanbul naar Manilla. Het afscheid was na zo’n intensieve en heerlijke tijd ‘thuis’ emotioneel en lastig. We waren de afgelopen 7 weken weer helemaal in de ‘normale wereld’ gezogen.
Op Schiphol werden we hartelijk uitgezwaaid, echt zooo mooi!
En toen was het tijd om door de douane te gaan, het nieuwe avontuur tegemoet.

Zondagavond 17 april landden we (Filipijnse tijd) om 18.30 uur in Manilla. We hadden een prima vlucht. Het duurde op de luchthaven nog een tijd voordat alle formaliteiten waren afgerond, tegenwoordig moet je met zoveel paperassen vliegen, het is een beetje anders dan vroeger toen alleen je paspoort voldoende was.
Uiteindelijk kregen we het belangrijke stempel in ons paspoort voor 30 dagen, welkom op de Philippines!
We zetten onze fietsen in elkaar op een rustig hoekje van de luchthaven. We hadden gelijk al veel belangstelling van de lokale bevolking: Selfie?!?, Where are you going??, Where are you come from?? en ‘Welcome to the Philippines’.🙂
Rond een uurtje of 21.30 uur waren we zover en reden we vanuit de aankomsthal de zwoele zomeravond in. De warmte viel als een deken over ons heen.
We hadden een klein ritje te gaan naar ons geboekte hostel, 8 kilometer vanaf de luchthaven. We konden de sfeer van onze nieuwe wereld al een beetje proeven in deze drukke stad: de eetstalletjes op alle hoeken, de scooters en tuk-tuks, alle geluiden, het was een drukte van belang. We waren weer in Azië!!
In een smal steegje, een gezellig straatje, zat ons backpackers hostel. We konden douchen en heerlijk gaan slapen!

De volgende ochtend kon ons Azië avontuur écht beginnen. We zochtten de bagage uit en vulden onze tassen, rond de middag waren we zover: onze eerste rit op de Filipijnen ging van start.
Het was gelijk een leuke start, we hoefden niet over grote, drukke wegen de stad uit te fietsen maar konden via kleine weggetjes, langs verschillende wijken en winkeltjes de stad uitkomen. Het voelde ook gelijk weer vertrouwd om in Azië te zijn: de levendige sfeer, alle stalletjes, de fietstaxi’s, maar ook de warmte en de smeulende afvalhoopjes, het hoort er allemaal bij.
Aan het einde van de middag vonden we een pekje bij een strandtent. We kregen zelfs een tent te leen en konden onze eerste avond koken op het strand en genieten van een mooie zonsondergang.

Taal vulkaan ligt een stukje onder Manilla, de volgende dag gingen we op pad om deze bijzondere vulkaan te bekijken. De vulkaan heeft een kratermeer en de vulkaan ligt zelf ook weer binnen een meer op een eiland. Het is een van de gevaarlijkste vulkanen in Zuidoost-Azië. In januari 2020 zijn er nog duizenden mensen geëvacueerd bij een uitbarsting.
We klommen gestaag naar 630 meter en kregen op het hoogste punt een prachtig uitzicht over de vulkaan liggend in het meer.
We daalden vervolgens over een super steil weggetje (heel belangrijk dat je remmen dan in orde zijn…🙃) naar het meer met de meest mooie uitzichten.


We konden nog een heel aantal kilometers langs het meer fietsen voordat de route er weer vanaf liep.
Het leuke van de Filipijnen zijn de vele eilanden, het zijn er meer dan 7000 in totaal. We willen de 30 dagen dat we hier zijn, liever niet meer vliegen en proberen alles met de boot te overbruggen.
Van het éne naar het volgende eiland hoppen en daar weer verder fietsen in een andere omgeving.
Nadat we de Taal vulkaan hadden verlaten, gingen we de volgende dag voor het eerst een ferry op naar het eiland Mindoro. We mochten samen met onze fietsen op een passagiersboot en stonden na anderhalf uur varen in havenplaatsje Balatero. Een nieuw eiland voelt toch weer een beetje als een nieuw land, leuk is dat.
We volgden het oostelijk deel van het eiland met een route veelal langs de kustlijn. Het was klimmen en dalen langs de ruige kustlijn met af en toe zicht op prachtige strandjes. De stukken in het binnenland leverden ook weer mooie plaatjes op. Groene rijstvelden, zo ontzettend veel, we werden aan alle kanten verwend en op de achtergrond de bergen. We zagen op Mindoro veel fietsers, vooral ook veel racefietsers. We werden ingehaald door een clubje fietsers, ze fietsten een stukje met ons mee. Ze waren helemaal geïnteresseerd in onze reis, vonden het fantastisch wat we deden. Natuurlijk moesten er bij het afscheid foto’s gemaakt worden en Insta- en Fb-accounts worden gedeeld.
Aan het einde van de middag zagen we 2 fietsers van het clubje weer terug, het bleek de coach met zijn grootste talent te zijn. De jongen is super talentvol en heeft al meerdere prijzen gewonnen. We houden nog contact met elkaar, kunnen we hem een beetje volgen.
Ze wisten een leuk overnachtingsadres voor ons, de coach vond het een eer om ons deze plek te wiijzen. We zijn achter ze aangefietst en kwamen in een grote tuin met rieten hutjes, een hele fijne plek om te overnachten. De mensen zijn zo ontzettend gastvrij en vriendelijk, dat zijn de mooie ontmoetingen onderweg!🙏

De volgende ochtend fietsten we naar Roxas waar de ferries vertrekken naar Panay, ons volgende eiland. Deze keer was de boot groter en gingen er ook verschillende auto’s en zelfs vrachtwagens op de boot. De overtocht duurde 4 uur, gelukkig was het heel rustig en konden we bovendeks zitten met een lekker windje.
Rond half vijf stapten we van boord en hebben we op dit nieuwe eiland nog een uurtje langs de kust gefietst voordat we onze tent konden opzetten naast een bar aan zee. De bar werd gerund door een hele lieve familie bestaande uit de ouders met hun zoon & schoondochter en 2 kinderen. Het was vrijdagavond en we werden op het strand uitgenodigd om een biertje met ze te komen drinken. Mooi om te zien hoe zo’n familie daar leeft en met elkaar omgaat. Een heerlijk simpel plekje onder de palmbomen aan zee. We kregen de volgende ochtend een kokosnoot aangeboden, dan besef je weer hoe weinig je nodig hebt om gelukkig te zijn. Ze vissen in zee, halen de kokosnoten uit de boom en hebben een paar kipjes en een varken die er rondscharrelen.

Op het eiland Panay fietsten we door een waterrijk gebied, een beetje Biesbosch-achtig maar dan in een tropisch klimaat. We fietsten over smalle paadjes, aan beide zijden water. We zagen de vele felgekleurde vissersbootjes en kwamen door kleine gehuchtjes. De was hing kleurrijk aan de lijn en de kinderen speelden in de straatjes met elkaar. Van alle kanten werden we aangesproken en zegden ze ons gedag. Deze dingen maken onze fietsreis zo bijzonder, dichtbij de lokale bevolking, het allerdaagse leven volgen in de straatjes.
We eindigden onze dag wederom aan zee. Er zijn hier vele plekken aan zee waar op een terrein allemaal rieten hutjes staan. Hele families komen er op zondag samen om lekker in zee te zwemmen, te relaxen en te eten in de rieten hutjes. Wij kwamen hier net op een zondag en het was een drukte van belang. Maar net voor donker, zo rond 18.30 uur werd het weer rustig en ging iedereen huiswaarts. De boel werd opgeruimd en de rust keerde weder. We hoorden alleen nog de branding van zee..

’s Nachts werden we wakker van regen, dat was onze eerste tropische bui op de Filipijnen. Ook overdag bleef het een regendag. Soms fietsten we gewoon door, het blijft warm, maar soms ging het zo hard dat we toch maar even gingen schuilen. Gelukkig komt de zon er na zo’n tropische bui al snel weer door en sprongen we weer op onze fietsjes.

Het hangt op de Filipijnen vol met kandidaten affiches voor de verkiezingen afgelopen 9 mei. Ze hangen echt overal, het hele land hangt vol. We zagen onderweg mensen bezig om afiches op te hangen, zagen bijeenkomsten met toespraken van kandidaten. De opkomst is groot, het stond er vol met scooters, brommers en tuk-tuks.
Het laatste gedeelte van ons fietsreis op Panay was nog zo onaangetast, dat het vinden van een overnachtingplekje soms moeilijk was. We waren aan zee geweest maar er was niets. We trokken het binnenland weer in naar Barotac Nuevo en hebben aan een agent gevraagd of hij wat voor ons wist. We mochten achter hem aanrijden en hij bracht ons bij een pension. Echt super vriendelijk dat hij ons daarmee hielp.
We wilden ons net gaan wassen toen de eigenaresse van het pension thuiskwam. We kwamen aan de praat en ze bood ons een andere kamer aan, de familiekamer. Een super mooie, grote kamer voor een klein prijsje. Er zat een groot dakterras op het pand zodat we daar heerlijk konden koken. Wat viel ons weer een gastvrijheid ten deel! En we mochten er gelijk 2 nachten blijven!

Na ons Panay avontuur gingen we naar het eiland Negros. We kwamen aan in grote stad Bacolod. Dit keer geen leuke aankomst in een klein havenplaatsje maar een grote haven met heel veel containers.Dat werd snel de drukte van de grote stad uitfietsen, op zoek naar rustigere wegen. We zagen in de stad veel super lange taxi’s/bussen. Ze zijn open aan de zijkant zodat het niet te warm is en iedereen kan er aan de achterkant op- en afstappen.
We volgden deze dagen de prachtige kustlijn van zuidelijk Negros. We fietsten vaak net langs zee. Aan de ene zijde de zee, aan de andere zijde de groene rijstvelden met daarachter de heuvels. Het zijn geen hoge beklimmingen op de Filipijnen maar wel heel veel korte klimmetjes, het gaat op- en af en daardoor voelt het toch wel als pittig fietsen, natuurlijk ook door de warmte. Vooral klimmen in de zon is bijzonder zweten, we zitten de hele dag kletsnat op de fiets.
Soms kregen we een tropische bui over ons heen, je kunt de bui al zien aankomen, de lucht wordt steeds donkerder. We schuilden onder een afdakje en fietsten weer verder. Eenmaal bleef het niet bij een korte, harde bui maar bleef het maar regenen. Nadat we een tijdje geschuild hadden, haalden we voor de eerste keer onze regenkleding uit onze tassen. Gehuld in regenjas en -broek gingen we verder. Bij aankomst aan de kust konden we geen plekje vinden, het was weekend en de lokale bevolking genoot aan zee. Zoeken naar een plek in de regen is niet fijn, gelukkig werden we geholpen door een mevrouw van een strandhuis. Ze had aan de overzijde van de weg nog een huis, waar we wel konden overnachtten. Een groot, geel huis, veel te groot voor ons tweeën en ook ver boven ons budget maar we namen het aanbod aan, konden onze natte kleding uittrekken en douchen.
De volgende ochtend scheen het zonnetje weer heerlijk en waren onze natte spullen gedroogd. We kwamen langs een grote zondagsmarkt, de weg was afgezet, het stond er vol met scooters, tuk-tuks en tricycle’s. We haalden er fruit en groenten, het is heerlijk dat je overal zoveel fruit en groenten kunt kopen. Meloenen, mango’s, kokosnoten en avocado’s, de keuze is heel groot.


Via Dumaguete, een leuke studentenstad, vertrokken we naar het piepkleine eilandje Siquijor. We wilden ook graag het leven op zo’n klein eilandje beleven. Hier was het nog meer easy-going dan op de andere eilanden waar we geweest waren.
Het duurde een tijd voor we op het eiland waren, de eerste boot vertrok niet, de tweede liet ook nog anderhalf uur op zich wachtten, zo konden we ons al aanpassen aan het tempo op het eiland….🙃
We zijn het eiland rondgefietst en hebben er 2 nachtjes geslapen. Twee super mooie plekjes aan zee.De eerste was een heel simpel huisje in een gezellige tuin met beneden ons de zee. Bij een hele lieve meneer die erg blij was dat we er waren. We raakten aan de praat en dan hoor je steeds de trieste verhalen over de Covid-periode. 2 jaar pandemie is 2 jaar geen inkomen. Gelukkig had hij een dochter die in Europa werkt en geld stuurde naar haar ouders zodat hij toch eten kon kopen.
De tweede nacht vonden we een cottage op palen. Het lag hoog op een heuvel, we kregen de overnachting niet cadeau. Tjonge, wat liep die weg steil omhoog. Het was zigzaggend fietsen over het smalle paadje en stukken lopen. Maar het was het waard: we kregen een fenomenaal uitzicht over Siquijor maar ook over een vulkaan op het eiland Negros. En een prachtige zonsondergang achter de vulkaan volgde!

En weer stapten we op de ferry, op naar misschien wel het mooiste eiland van de Filipijnen: Bohol.
Het bleef leuk dat eiland hoppen, het lijkt alsof je iedere keer weer in een nieuw land aankomt. Ieder eiland is weer anders.
Bohol is beroemd om de Loboc-rivier, de Chocolate-Hills en de keine tarsiers. Deze bijzondere beestjes behoren tot de kleinste primaten en hebben de grootste ogen van alle zoogdieren in verhouding tot hun lichaamsgewicht. De spookdiertjes leven in het zuidoostelijke deel van de archipel, met name op Bohol, Samar en Leyte.
Wij zijn naar het kleinschalige Tarsier Sanctuary gefietst om deze beestjes te gaan bewonderen. Ze zijn in het echt nog veel kleinder dan foto’s doen vermoeden. Ze kijken je met hun grote ogen aan en blijven rustig in de boom hangen, heel bijzonder om te zien.
Daarna volgde het plaatsje Loboc aan de gelijknamige rivier. Een rivier zo groen, met onvoorstelbaar helder water. De rivier wordt omrimgd door torenhoge bomen. Deze plek is een toerische trekpleister voor Bohol. Er is zelfs een Loboc River Cruise, waar je tijdens een rondreis over de rivier, op een grote houten boot, eten krijgt geserveerd met een muziekje aanboord.
We hebben ons niet aan die toeristische attractie gewaagd maar vonden wel een mooi plekje in dit serene dorp aan de rivier.

We hadden het de afgelopen al vaker gehoord; in december heeft er een tyfoon over de Filipijnen geraasd, waar de gevolgen nog altijd zichtbaar van zijn: daken van huizen en ingestorte gebouwen, overal ligt er nog puin. Er zijn veel mensen bezig met herstel maar er zijn er ook genoeg die daar geen geld voor hebben. Zoals eerder gezegd: 2 jaar pandemie is 2 jaar geen geld, men kan dus niet opknappen. Het toerisme komt nu langzaam weer opgang maar als je je accomodatie niet kunt opknappen, kun je het ook niet verhuren en komt er nog geen geld binnen. We werden meerdere malen weggestuurd omdat ze ons nog niet konden ontvangen. Heel triest….
Ook de huisjes aan de rivier de Loboc hadden onder water gestaan. De mensen waar we overnachtten, gaven aan hoe hoog het water had gestaan, niet te bevatten.

Vanuit Loboc trokken we verder langs de indrukwekkende kustlijn met de ruige kliffen. De weg loopt er meermaals vlak langs zee, het water spatte af en toe over de weg.
We kwamen in Anda, beroemd om de witte zandstranden. Het is iedere keer weer zo mooi om onze fietsdag af te sluiten aan zee, steeds op een andere plek, wat is dat luxe!

Midden op het eiland Bohol liggen de Chocolate Hills. 1268 heuvels liggen op een vrijwel vlak plateau in een gebied van meer dan 50 vierkante kilometer. Het zijn vrijwel gelijke heuvels van circa 30/50 meter hoog. Ze zijn begroeid met gras en in het droge jaargetijde krijgen ze een bruine tint. De heuvels doen dan denken aan chocoladebergen.
Men denkt dat de Chocolate Hills zijn gevormd uit kalkstenen overblijfselen van koraalriffen uit die tijd.                                   
We kwamen op een camping middenin dat gebied, een unieke plek. Vanuit deze plek konden we trappen beklimmen naar een plateau waar we een fantastisch uitzicht hadden op deze unieke heuvels. Vooral zonsondergang moet enorm indrukwekkend zijn, helaas hadden wij dat geluk niet. De lucht kleurde mooi roze maar het zonlicht kwam door de bewolking niet op de heuvels.


Bij vertrek vanaf de camping fietsten we eerst nog kilometers lang langs de heuvels.
In ieder dorp waar we doorfietsten zagen we lange rijen mensen, Election Day was aangebroken. Deze dag is hier zelfs een vrije dag, de mensen nemen er de tijd voor. Bij ons gaat iedereen even snel stemmen maar hier staan eetstalletjes en maken ze het met een hapje en een drankje gezellig met elkaar.
De laatste 20 kilometer daalden we via een kleine weg richting de kust. Deze kilometers waren echt fantastisch! We fietsten dwars door de jungle, zo groen, zo indrukwekkend,  wat een bomenpracht!
Af en toe een klein gehuchtje waar we de kinderen hoorden roepen en zwaaien, verder alleen een smalle weg door het groen.


We eindigden in Tubigon aan de kust, we waren het indrukwekkende binnenland van Bohol overgestoken.
In Tubigon vertrekken de boten naar Cebu, de stad waar een einde gaat komen aan onze reis op de Filipijnen. Vanuit Cebu vliegen we aanstaande zondag naar Bali, Indonesië.

We fietsten bij aankomst in de stad naar Bugoy Bikers Hostel. De eigenaar is een Duitser die al 20 jaar op de Filipijnen woont en ook lange afstandsfietser is. Hij heeft veel van de wereld gezien, er hangen prachtige foto’s van zijn reizen in het hostel. Naast het hostel organiseerde hij ook vele fietsreizen op de Filipijnen, hij heeft met zijn vriend zelfs een boek uitgegeven: Cycling Philippines.
Door de pandemie kwam ook hier alles stil te liggen en de tyfoon heeft zijn rieten bamboehutten totaal verwoest. Ondertussen is hij leraar in Cebu.
Wij waren zijn eerste gasten na zo’n lange tijd, er werd in de dorm 2 bedden voor ons gereedgemaakt en we konden blijven. En hele gezellige avond volgde, mooi om zoveel verhalen te kunnen delen.
Doordat we een paar dagen eerder dan gedacht op Cebu waren, hadden we nog een aantal dagen over voordat onze vlucht vertrekt. We regelden het één en ander voor onze vlucht (afspraak pcr-test, fietsdozen e.d.) en namen de volgende ochtend de boot van 06.00 uur naar Camotes, een klein rustig eiland, nog heel puur en authentiek.
We voelden gelijk de gezelligheid en saamhorigheid van zo’n klein eiland. We fietsten over kleine weggetjes, door kleine gehuchtjes, de mensen vol belangstelling. De wuivende palmbomen, de helderblauwe zee, de vele vissersbootjes, het was een heerlijk dagje het eiland rond! Aan het einde van de dag genoten we op ons overnachtingsplekje van een mooie zonsondergang. Een geweldige afsluiting van onze fietsreis op de Filipijnen!


Vanochtend zijn we met de boot weer terug gegaan naar Cebu, nu is het inpakken, dingen regelen en over 2 dagen naar Indonesië, de roots van Minggoes!
Het begin van onze reis in Zuidoost-Azië was veelbelovend, op naar het vervolg van onze reis

Ecuador.

Het op drie na kleinste land van Zuid-Amerika is de thuisbasis van besneeuwde bergtoppen en kustwoestijn, stromende vulkanen en kratermeren en natuurlijk het Amazone-regenwoud. Het maakt het land voor de echte natuurliefhebber een van de meest aantrekkelijke landen ter wereld, de verscheidenheid aan landschappen is enorm.
We hebben ruim 5 weken genoten van de wonderschone natuur in dit indrukwekkende land.

14 januari stonden we aan de grens bij Ipiales, we vonden het best spannend omdat de grens nog maar een aantal weken geopend was, nadat hij bijna 2 jaar was gesloten  vanwege de pandemie.
Maar we hadden ons goed voorbereid, onze PCR-test op zak dus we hoopten er het beste van! Gelukkig was het niet druk en ging het prima. We kregen ons stempel van Ecuador in ons paspoort en konden beginnen aan ons tweede Zuid-Amerikaanse land en ons 27e land tot nu toe!

We hadden gelezen dat de klimmen in Ecuador steil zijn, heel erg steil zelfs. Waar ze in andere landen met haarspeldbochten een lange klim over een bergwand uitsmeren, lijken ze in Ecuador recht omhoog te willen.
De grens ligt op 2750 meter en we gingen gelijk omhoog, klimmen geblazen! Na een aantal kilometers kwamen we in Tulcán, de eerste plaats na de grens. We kochten een nieuwe simkaart, haalden wat te eten en vervolgens klommen we door naar 3300 meter, een nieuw record voor ons. Het is tijdens zo’n zware inspanning goed te merken dat je minder zuurstof binnen krijgt, het was puffen en hijgen.
Maar toen we eenmaal boven waren en we konden genieten van de mega groene heuvels, vergaten we de inspanning snel!
Gehuld in 3 jassen begonnen we aan de afdaling, er was een super koude wind, we waren nat van het zweten, dan is het goed inpakken en dalen maar!
We overnachtten onze eerste nacht in San Gabriel, het stadje was een echte verrassing voor ons. Midden in het historische gedeelte, in een heel oud pand zat een hostal. Eenvoudige kamertjes maar een super sfeervol pand. Een mooie binnenkomer in dit nieuwe land!

Onze vooraf gemaakte route in Ecuador, was ongeveer 750 kilometer. Het is niet zo’n groot land, we verwachtten er ongeveer twee weken te blijven. Maar het lastige was, dat we wisten dat de grens naar Peru, ons volgende land, nog gesloten was. Dat maakte het een beetje lastig hoe we gingen fietsen. Onze gemaakte route volgen en naar de grensplaats met Peru fietsen en gokken dat de grens open zou gaan, of toch andere opties bedenken.
We besloten eerst naar hoofdstad Quito te fietsen en dan te gaan  bedenken hoe we het verder gingen aanpakken.
Het werden heerlijke maar ook pittige dagen in de Andes. We schroefden onze dagafstand een beetje terug, want de voorspellingen kwamen helemaal uit: de weg gaat soms écht recht omhoog! Het was steeds klimmend maar ook weer net zo hard dalend door de indrukwekkende Andes. Eindigden we een dag in een vallei, dan was de temperatuur rond de 20 graden en genoten we van de aangename temperatuur. Eindigden we op hoogte, dan was het vooral ’s avonds erg koud en sliepen we onder 3 wollen dekens.
Kamperen was lastig, t/m april is het in Ecuador nog regentijd. Vooral in de nachten komen er soms harde buien en dan moet je ’s ochtends alles nat in pakken. En dat is geen pretje, we kregen onze spullen gewoon niet meer droog. Ook overdag bleef het vochtig zodat niets opdroogde en al onze spullen nat bleven. We besloten om zoveel mogelijk hostals op te zoeken waar ze bijna altijd een gezamenlijke keuken hebben, zodat we zelf konden blijven koken.

Fietsen in de Andes is zo bijzonder, het is haast niet uit te leggen hoe indrukwekkend dat is. Je voelt je als fietser zo ontzettend nietig tussen die enorme bergen.
Al na een aantal dagen konden we gaan genieten van ons eerste kratermeer in Ecuador. Laguna Cuicocha ligt aan de voet van vulkaan Cotacachi. We besloten om 2 nachten in de  plaats Cotacachi te blijven, onze bagage achter te laten in ons hostal en de tweede dag naar het kratermeer te fietsen.
We troffen het enorm, de zon scheen heerlijk, we zagen de bergen rondom Cotacachi allemaal liggen tegen de helder blauwe lucht. Beter weer konden we ons niet wensen om rondom het kratermeer te gaan wandelen. Er is een hike uitgezet over smalle paadjes en bergruggen, aan de ene zijde zagen we het helderblauwe water van het kratermeer, aan de andere zijde het uitzicht op de vulkaan. Echt genieten!

Fietsen in de Andes betekende ook het dagelijkse leven zien van de traditionele bergbewoners. In Otavalo is de grootste markt van Ecuador. De stad dankt zijn naam aan de Otavalo-indianenenstam. Deze stam is erin geslaagd om haar eigen cultuur te behouden en aan te passen aan de huidige tijd. In het weekend en op woensdag vind je hier veel locals die van heinde en verre komen om hun spullen maar ook lama’s te verhandelen. En er is iedere dag een markt met vooral textielnijverheid. De markt is legendarisch, ze verkopen prachtige poncho’s, hoedjes, mutsen, tassen en nog veel meer, allemaal in mooie felle kleuren. We waren er vroeg en het was lekker rustig. Op ons gemakje konden we over de markt struinen. Het is zo mooi om de prachtig geklede mensen te zien in hun kleurrijke kleding. Wat zijn ze klein allemaal, ze komen tot aan onze elleboog, wij zijn er reuzen bij. Het was een belevenis om zo onder de lokale bevolking te komen.

En toen kwamen we na dagen klimmen en dalen aan in Quito, de hoofdstad van Ecuador. Quito ligt in een vallei, ondanks dat het op 2850 meter hoogte ligt. De stad wordt aan alle kanten omgeven door bergen. De laatste kilometers voordat we de stad bereikten waren erg druk maar gelukkig was het eenmaal in de stad prima te doen. Er zijn zelfs veel fietspaden in de stad, Quito bleek een echte fietsstad! Iedere zondag worden er hele straten afgezet en mogen die dag alleen gebruikt worden voor fietsers, kilometers lang. En daar wordt volop gebruikt van gemaakt, van jong naar oud, van mountainbike tot racefiets, iedereen zit op de fiets!

Omringd door indrukwekkende bergen heeft Quito geen gebrek aan uitzichtspunten.
Het maximale uitzichtspunt is vanaf de top van de Pichincha-vulkaan, op een hoogte van bijna 4000 meter. Je kunt er met een kabelbaan vanuit de stad naar toe. In ongeveer 18 minuutjes stonden we boven met een fantastisch uitzicht over de stad en de omliggende vulkanen. Er zijn mooie wandelroutes uitgezet, je kunt er echt een aantal uren blijven. Ook hier moest de inspanning niet te groot worden, anders liepen we gelijk weer te hijgen. Wat  een verschil met de lokale bevolking die bijna rennend omhoog gaan.

In Quito was het moment aangebroken om te beslissen hoe we verder zouden gaan.
De situatie was nog niet veranderd, de grens met Peru was nog steeds gesloten, we begrepen dat het wel begin maart kon worden voordat de grens weer open zou gaan.
We besloten langer in Ecuador te blijven en vakantie te gaan houden! We huurden een auto om de vele vulkanen in de Andes per auto te gaan verkennen. Op de fiets is dat bijna niet te doen. We maakten een mooie route langs de vele hoogtepunten van Ecuador die we graag wilden zien en gingen negen dagen op pad. Ons start- en eindpunt was Quito.
De eerste dag was ons doel Mindo, een klein dorp verscholen tussen nevelwouden. Maar eerst reden we naar Mitad del Mundo, precies op de evenaar. In Kenia waren we er dichtbij geweest maar hadden we het exacte punt niet gezien, nu wilden we er wel graag heen. Er staat een groot monument om de locatie van de evenaar te markeren, je kunt het monument ook beklimmen, van bovenaf heb je een mooi uitzicht over de omgeving.
Daarna vervolgden we onze route naar Mindo. De natuur veranderde enorm, de dag begon stralend maar halverwege kwamen we in de jungle terecht en werd het mistig en vochtig. Een totaal andere wereld, we waren in het regenwoud. We maakten bij aankomst een trail door de mysterieuze jungle en overnachtten in een soort blokhut met alle geluiden uit de jungle om ons heen, een oorverdovend gezang!


Vanuit het regenwoud reden we naar National Park Cotopaxi. Cotopaxi is één van de hoogste actieve vulkanen ter wereld. Het is tevens de op één na hoogste berg van Ecuador.
We sliepen in ons tentje en waren al vroeg uit de veren. De meeste kans om de vulkaan te zien, is ’s ochtends, dan is het vaak het helderst. Er hingen nog wat wolkenflarden maar het zag er goed uit. We sliepen vlakbij de ingang van het park en waren daardoor lekker vroeg bij de vulkaan. En wat hadden we een geluk, de laatste wolkjes trokken weg en het werd helemaal helder. Aan de voet van de vulkaan ligt Lagune de Limpiopungo, daar hebben we onze auto geparkeerd en zijn gaan wandelen rondom de lagune. Ondertussen was de hele berg zichtbaar en konden we volop genieten van de imposante reus met de witte top, afstekend tegen de blauwe hemel. Na een paar uur wandelen trok alles weer dicht en verdween de vulkaan weer net zo snel als hij ’s ochtends tevoorschijn was gekomen.


We reden van het ene hoogtepunt naar het andere hoogtepunt. We bezochten kratermeer Quilotoa. Dit meer ligt in een vulkaankrater op een hoogte van 3850 meter. De route door de Andes was fantastisch, we bleven ons maar verwonderen over de immense bergtoppen. Bij aankomst liepen we naar het meer en zagen het blauw/groene kratermeer onder ons liggen, wat een uitzicht! We dronken een biertje op onze geweldige dag, toen het plots helemaal dichttrok. Het meer waar we een paar minuten eerder mooie foto’s van hadden gemaakt, was niet meer zichtbaar. En het werd koud. In het familiehotelletje waar we overnachten was een houtkachel waar we ons heerlijk konden opwarmen. De volgende ochtend was het weer strak blauw en genoten we van een prachtige wandeling langs het meer.

Alausi is bekend van de Nariz del Diablo of Devil’s Nose. Vanuit Quito start er een treinreis naar de kust waar bijzondere trajecten de revue passeren. Het wordt één van ’s werelds mooiste treinreizen genoemd. Het meest bijzondere traject is het gedeelte waar de trein langs een kloof rijdt. De mythische Duivelsneus met een spectaculaire zig-zag afdaling. En deze start in Alausi.
Alausi is een klein, kleurrijk stadje met veel oude gebouwen. We vonden een hostal net aan het spoortje waar de mooie wagons staan. Helaas hoorden we bij het inchecken dat de trein al sinds het begin van de pandemie niet meer rijdt. Dat was erg jammer maar gelukkig hoorden we dat er een hele mooie wandeling is door de kloof die een prachtig uitzicht geeft op de Duivelsneus.
We vertrokken de volgende ochtend in dichte mist maar volgens de locals zou het na een paar uur goed komen. Bij aankomst bij de Duivelsneus trok het inderdaad open en zagen we in de diepte van de kloof het spoortje liggen met de scherpe haarspeldbochten en zigzagrails. Wat ontzettend knap dat ze dit spoor hebben kunnen aanleggen.

Eén stad wilden we in onze ‘vakantiedagen’ graag aandoen en dat was koloniale stad Cuenca. Na Quito de belangrijkste koloniale stad van Ecuador.
In het historische gedeelte van deze mooie stad, vonden we een hostal in een oud, statig pand met groot dakterras. Vanaf het dakterras hadden we een geweldig uitzicht over Cuenca en in het bijzonder Catedral Immaculada Concepcion. Met haar hoge, azuurblauwe koepels is het een symbool voor de stad. Het is een gigantische kerk, het heeft een capaciteit van ongeveer 8000 mensen. Dagelijks trekt het honderden bezoekers, er is zelfs 100 jaar aan de kerk gebouwd.


Vanuit Cuenca bezochten we Cajas National Park. Dit park heeft hele ruige landschappen, het deed ons denken aan de Schotse Hooglanden, met rotsachtige groene bergen afgewisseld met kristalheldere meren en beekjes. Er zijn ontelbaar veel meren en beekjes in het gebied, Cajas is erkend als een wetland van internationaal belang.
De landschappen zijn bedekt met mooie bloemen, er lopen lama’s, alpaca’s en wilde paarden. Het weer is er erg onvoorspelbaar maar we troffen het enorm, we maakten een prachtige hike rondom Laguna Llaviucu en het weer bleef gelukkig steeds goed.

Na al dit natuurschoon, was onze vakantie bijna voorbij en reden we in twee dagen weer terug naar Quito. Wat hadden we veel gezien van de indrukwekkende Andes, de vele vulkanen en kratermeren. De nationale parken en de bergdorpjes met de kleurrijke, gastvrije bevolking. Het was een erg leuke afwisseling om even van de fiets te zijn en onszelf wat rust te gunnen.

Ecuador heeft een lange kustlijn en dit gedeelte was nog helemaal onbekend voor ons. We hadden de Pacific in Midden-Amerika gezien maar nog niet in Zuid-Amerika. Dat werd ons volgende doel: fietsen langs de kust van Ecuador.
Onze eerste fietsdag werd een regendag. Het miezerde al bij vertrek in Quito en het werd er in de loop van de dag niet beter op. Het eerste gedeelte van de route kenden we al van onze autorit, vanuit de stad richting het nevelwoud. Daar aangekomen was alles groen, groener, groenst. Veel watervallen en prachtige bloemen en vogels. We zagen honderden kolibrie’s, ze vlogen letterlijk om onze oren. Er wordt ‘in het midden van de wereld’ heel veel chocolade verbouwd (Andes Choco) en dat schijnt als een magneet op de mooie vogeltjes te werken. Net voor een plaatsje zagen we een hospedaje, midden in de natuur. Totaal nat kwamen we aan maar na een lekkere douche kwamen we weer helemaal bij en genoten van de geluiden van het ruisende water en de talloze vogels.


De Andes hadden we nu echt verlaten en via het regenwoud daalden we richting zee. De temperatuur steeg, de dikke jas, muts en schoenen werden ingewisseld voor korte broek,
T-shirt en Teva’s. We kwamen aan in Pedernales aan zee. Net voor donker konden we nog genieten van het laatste zonlicht boven zee. We waren sinds lange tijd weer op zeeniveau. Het verschil was groot, het fietsen ging weer makkelijk, dit is toch meer zoals wij het gewend zijn in Holland.
We genoten volop van het lekkere weer na onze koude weken in de Andes. Het werd weer 27/28 graden en dat was heerlijk fietsen: de route was rustig, tijdens de lunch genoten we van de mooie plekjes aan zee, we maakten mooie strandwandelingen en kwamen door kleine vissersdorpjes. Ook de overnachtingsplekjes waren steeds vlak aan zee. Via de
i-Overlander-app hadden we een mooi plekje op het oog: een hostal aan zee waar je ook je tent mocht opzetten. Bij aankomst zagen we een heel mooi hostal helemaal van bamboe gemaakt met een fantastisch uitzicht over zee. De eigenaresse was Belgisch, getrouwd met een Ecuadoriaan. Ze wonen al 8 jaar op deze bijzonder mooie plek met hun 2 kinderen.
Het gedeelte voor de tenten was echter helemaal verwaarloosd omdat er sinds de pandemie bijna geen toeristen meer kwamen. Daardoor mochten we voor hetzelfde geld een nachtje in een kamertje slapen, een super deal!
In Ecuador is bijna geen stukje van de route vlak, ook langs de kust was het klimmen en dalen. De weg loopt soms stukken het binnenland in en dan werd het gelijk weer klimmen om daarna weer met de mooiste uitzichten te dalen naar zee.
We stonden op en gingen naar bed met het geluid van het ruisen van de zee.

Ook langs de kust bleven de mensen super vriendelijk en hartelijk, wat kregen we een begroetingen onderweg en wat werden we vaak toegezwaaid!
Op een gegeven moment stopte er een stukje voor ons een auto. We kregen van het echtpaar wat lekkers voor onderweg toegestopt en een uitnodiging om zelfs bij hun te komen slapen! Ze waren zelf motorrijders, dol op reizen en waren erg benieuwd naar onze verhalen. We beloofden te komen, dat was weer zo’n mooie ontmoeting die op ons pad kwam.
We werden aan het einde van de middag warm onthaald door het echtpaar, wat een lieve mensen, wat een gastvrijheid. We werden helemaal verwend, we zijn naar zee gereden en hebben daar lekker gegeten. Een hele gezellige avond volgde met heel veel mooie verhalen!
Toen ze hoorden dat wij op weg waren naar Guayaquil, werden we voor de tweede keer van harte uitgenodigd, ze bleken ook een huis te hebben in Guayaquil. Een mooi vooruitzicht!

Onze laatste plaats aan de kust was Salinas. Van daaruit kun je fietsen naar La Chocolatera, het meest westelijke puntje van Ecuador. We vonden een leuke plek voor onze tent in Salinas en fietsten heerlijk zonder bagage door naar La Chocolatera. Twee zeestromingen veroorzaken hier een golfslag tegen de rotsen. Door de kracht waarmee dat gepaard gaat, doen het geluid en de beweging van de golven denken aan het koken van chocolade: La Chocolatera.
Er zijn verschillende wandelroutes en uitkijkpunten waar we uitzicht hadden op het opspattende water tegen de kliffen, een mooi stukje natuur!
Terug bij de camping konden we onze tent op een soort dakterras van bamboe zetten. Een heel gezellig plekje waar we genoten van onze laatste avond aan de kust.
Onze keuze om langs de kust te gaan fietsen was een hele goede keuze geweest. De kustlijn van Ecuador is prachtig en de route was heerlijk rustig.


De volgende dag fietsten we de eerste 20 kilometer nog langs de Pacific en toen was het gedaan, we trokken het binnenland weer in, op weg naar Guayaquil.
Aangekomen in grote stad Guayaquil wachtte ons weer de gastvrijheid van het echtpaar waar we eerder een nacht hadden geslapen. We werden ontvangen door de zoon des huizes en ook zijn oma woonde daar. Een heel lief, broos mensje van 92 jaar. We zijn er twee nachtjes gebleven. Ze hebben ons de stad laten zien, Ming mocht zelfs een tochtje op hun motor maken (hij was helemaal gelukkig) en we genoten van de gezelligheid. Communiceren bleef best lastig: een beetje engels van hun kant, wij probeerden het in het spaans en af en toe kwam de vertaal-app heel goed van pas. We genoten van de enorme gastvrijheid van deze lieve familie!

Na Guayaquil moesten we weer kiezen: verder naar het zuiden, richting de grens of terug naar Quito? Er was nog steeds geen zicht op verandering dus we besloten richting Quito te gaan fietsen.
Er braken zowaar een aantal dagen aan dat we vlak hebben gefietst. Tjonge, wat voelde dat bijzonder, wat gaat het dan makkelijk!
We fietsten door de wetlands en zagen heel veel rijstplantages. Van kleine plantjes, net boven het water uitstekend, tot volle groene velden. Het groen van de rijstvelden is het mooiste groen wat er is!
We fietsten door een bananengebied, een enorm gebied met duizenden bomen. De bomen worden met palen ondersteund, zo zwaar zijn de enome trossen. Het is jammer dat de bananentrossen in plastic zakken hangen, dat zagen we met name in Turkije ook al zoveel. Het plastic verdwijnt allemaal in de natuur, het schijnt niet anders meer te kunnen….😓
In deze regio (Quevedo) wordt onzettend veel verbouwd. We bleven maar fietsen langs heel veel verschillende gewassen. Naast rijst en bananen zagen we veel maïs, cacao en palmolie. De agrarische industrie van Quevedo is een van de grootste exporteurs in de wereld van bananen, cacao, passievruchten en koffiebonen.
De cacaoboom wordt geteelt in landen rondom de evenaar, we hebben ze meerdere keren gezien. Het is een bijzondere vrucht/peul om te zien.

En toen kwamen we weer terug in Quito, ons rondje langs de kust was compleet. Wat hadden we de afgelopen weken al veel gezien van dit mooie land met haar indrukwekkende Andes, de vulkanen en kratermeren, het regenwoud en de mooie kustlijn.
Maar wat we nog niet hadden gezien was het Amazone-regenwoud. En ook dat bevind zich in Ecuador. Öriente is een regio in het oosten van het land, bestaande uit de oostelijke hellingen van de Ecuadoraanse Andes. Daar wilden we graag naar toe.
Vanuit Quito vertrekken er bussen naar plaatsjes in het Amazone-gebied. We gingen naar Puerto Misahualli en lieten onze fietsen achter in ons hostal in Quito.
Het was een lange rit, om 8.00 uur ’s ochtends stapten we in de bus voor een 5 uur durende rit naar Tena. De verschillende landschappen en klimaatzones die vervolgens aan ons voorbij trokken, waren weer enorm. We blijven dat bijzonder vinden.
Vanuit Quito (2850 mtr) reden we door de Andes richting de Amazone. De bus had grote moeite met de steile beklimmingen, we zagen op de hoogtemeter dat we weer  boven de 4000 meter kwamen. De Andes trok aan ons voorbij met haar imponerende kale bergen, hangend in de mist. Daarna begon de daling en kwamen we in het regenwoud, overdadig groen met vele mooie watervallen. Aangekomen in Tena zaten we nog maar op 500 meter hoogte en was het weer warm, drukkend warm. We stapten voor de laatste 22 kilometer over in een andere bus, die ons in Puerto Misahualli bracht. Ons onderkomen stond aan de rivier. Vanaf het balkon hoorden we de geluiden uit de jungle, wat een rijkdom!


De volgende dag trokken we voor twee dagen per bootje verder de jungle in. We gingen samen met drie franse dames en een gids op pad. Het eten en drinken voor de komende dagen werd in het bootje geladen en we trokken over de rivier verder de Amazone in. Onderweg hadden we verschillende stops, waaronder een bezoek bij een lokale familie op een kleine cacaofarm. Het was leuk om het proces te volgen hoe de cacaobonen tot chocolade worden verwerkt. En vooral als je dan ook nog mag proeven…🙃


Na de lunch voeren we weer verder richting de lodge waar we gingen overnachten. De uitzichten vanaf het water waren steeds prachtig, wat een natuur!
De lodge lag in de ‘middle of nowhere’, een schitterende plek, afgesloten van de bewoonde wereld. ’s Avonds trokken, we met onze hoofdlampjes op, de jungle in. We zagen diverse soorten vogels en insecten, waaronder verschillende vogelspinnen…😨
Slapen en wakker worden in de jungle is heel bijzonder, de geluiden zijn oorverdovend, het lijkt alsof er een mega koor aan het zingen is. We zetten onze stoeltjes al heel vroeg op onze veranda en zagen de jungle ontwaken.We genoten van alles wat we hoorden en voorbij kwam vliegen.


Na een lekker ontbijt met de drie franse dames, trokken we opnieuw te voet de jungle in. Onze gids kon ons heel veel vertellen over de flora en fauna van de Amazone, vooral de medicinale werking van de verschillende planten. Zo maakte hij met een mes een inkeping in een boom en ving het ‘Dragonblood’ op uit de boom. We smeerden het rode bloed op onze armen en het werd een wit-achtige creme. Het wordt veel verkocht als anti-muggencreme. De natuur levert alle producten, zo mooi om dat allemaal te horen.
De bomen in het regenwoud zijn ongelofelijk indrukwekkend, de wortels zijn metersbreed en de bomen mega hoog. De natuur explodeert in dit tropische klimaat.
De volgende ochtend was het tijd om afscheid te nemen van de Amazone, we zijn weer een hele mooie ervaring rijker.

Terug naar Quito hield voor ons in dat er een einde ging komen aan onze reis in Ecuador. Een reis die helemaal anders liep dan verwacht omdat de grens naar Peru gesloten bleef.
Onze planning was om de tweede of derde week van maart onze reis te onderbreken en naar Nederland te vliegen. Begin april hebben we een bruiloft in Nederland waar we heel graag bij willen zijn en we hebben ons huis verkocht, waar we ook het nodige voor moeten regelen. Onze verwachting was dat we rond die tijd in Peru of Bolivia zouden zijn, maar dat was nu niet gelukt.
We besloten daardoor eerder terug te keren en ‘vakantie’ in Nederland te gaan vieren! Een heerlijk gevoel om onze lieve ouders, kinderen, familie en vrienden weer te zien.❤

Onze reis in Midden- en Zuid-Amerika is voorbij gevlogen. 13 augustus stonden we in Mexico aan de start van een nieuw avontuur, na onze reis in Afrika. En nu waren we in Ecuador, bijna 10.000 kilometer verder. Heel bijzonder hoe snel dat gaat, tijd lijkt niet meer te bestaan voor ons. Leven in vrijheid, samen op de fiets de wereld ontdekken, het is voor ons nog steeds het mooiste dat er is! Ieder land met zijn eigen cultuur en gewoontes. Alle mensen die ons begroeten, naar ons zwaaien, die stoppen voor een praatje of ons water/eten geven. Mensen die ons zelfs uitnodigen om langs te komen of waar we mogen blijven slapen. Wat een ongelofelijke gastvrijheid!
Iedere dag fietsend over onze mooie aarde, we hebben zoveel gezien en beleefd: de maya-tempels, de vulkanen en kratermeren, onze vulkaan beklimming, het regenwoud, de stranden, de indrukwekkende Andes, de Amazone, het is teveel om op te noemen.
Wat een indrukken, wat een enorm voorrecht dat we dit kunnen doen!
En de wereld is nog zoveel groter, er is nog zoveel te ontdekken!

Een hele grote dank aan alle lieve mensen die op ons pad kwamen het afgelopen half jaar en ons een warm welkom gaven. Dat maakt fietsen voor ons onbetaalbaar!

Ondertussen zijn we alweer ruim een week in ons vertrouwde Holland. We genieten ontzettend van onze tijd met onze lieve ouders, kinderen, familie en lieve vrienden.
Wat is dat fijn ‘thuis komen’!

In april hopen we onze reis een vervolg te gaan geven. De komende weken gaan we bekijken wat onze mogelijkheden zijn. Langzaam gaat de wereld weer open, misschien kunnen we zelfs gaan kiezen….😉
Na Europa/Turkije, Afrika, Centraal-Amerika en een stukje Zuid-Amerika gaan we zien waar het vierde deel van onze ons zal gaan brengen!?

Colombia.

We hebben het jaar 2021 afgesloten in Salento, Colombia. Wat was het een indrukwekkend jaar voor ons. Eerst een half jaar in Afrika, daarna de oversteek naar Centraal Amerika. Heel veel mooie fietskilometers om nooit te vergeten, heel veel mooie ontmoetingen die we voor altijd in ons hart bewaren. Zien en ervaren hoeveel vriendelijkheid, hartelijkheid en liefde we van onze medemensen hebben gekregen, daar zijn geen woorden voor! Een grote dank aan alle lieve mensen die we onderweg ontmoet hebben!

Op 1 december stonden we op de kade in de haven van Cartagena, na 5 dagen op zee. Het voelde fijn om weer vaste wal onder onze voeten te hebben, vooral Ming weet nu dat hij geen zeebenen heeft, geef ons de fiets maar!
Cartagena heeft een prachtige oude binnenstad, de stadsmuren zijn nog intact, je kunt er overheen lopen om de skyline van de stad te zien en genieten van mooie zonsondergangen.
We hadden voor 2 nachtjes in de wijk Getsemani een hostal geboekt. Een super leuk hostal, middenin de gekleurde straatjes van Cartagena.
En Cartagena is fantastisch, wat een geweldige binnenstad! Zo kleurrijk, er hangen in de straatjes en steegjes overal vlaggetjes en paraplu’s, zo’n leuk gezicht. Er zijn ongelofelijk veel muurschilderingen, echt geweldig om door de straatjes te struinen en alle muurschilderingen te bewonderen.
Het was ook nodig om na onze zeilreis weer even te aarden. Zelfs ’s nachts in ons hostal wiebelden we nog steeds in ons bed. We waren nog zeeziek in ons hostal, heel bijzonder om dat te ervaren… 😉 We hoorden het ook van onze mede-reizigers aan boord, ook zij hadden er nog last van.
Cartagena staat bekend om zijn warmte en het was er inderdaad erg heet. In de namiddag en avond komt de stad nog meer tot leven, er wordt gegeten en gedronken op de vele pleintjes en wij genoten van de vrolijke Caribische sfeer.
De mensen zetten hun stoeltjes op de stoep en genieten met elkaar van de zwoele avonden met levendige salsa muziek.
Een heerlijke start van ons grote, nieuwe Zuid-Amerika avontuur.

En toen was het tijd om weer op onze fiets te stappen, wat hadden we er zin in, de wind om je oren, de vrijheid tegemoet. We wisten dat dit prachtige stuk van de wereld een hele andere reis zou gaan worden. Er moet flink geklommen worden in Zuid-Amerika, we gaan de Andes tegemoet. Fantastisch maar ook spannend of het haalbaar is voor ons.
Maar eerst gingen we een stukje noordwaarts. In het noorden ligt Tayrona National Park, een beschermd natuurgebied en beroemd om zijn geweldige stranden. En de Sierra Nevada, het hoogtste kustgebergte ter wereld. De hoogste toppen zijn 5.775 meter en liggen slechts 42 kilometer van de Caribische zee.
De route liep de eerste dagen mooi langs zee, een lekker begin na al onze fietsloze dagen. Het waren hele warme, zonnige dagen, de regentijd leek nu echt voorbij. De luchten veel blauwer en niet meer van dat benauwde bewolkte weer.
We overnachtten in mooi waterrijk gebied, een moerasgebied langs zee, het leek Terschelling wel…😉 Een paradijs voor vogels, we zagen er zelfs een groep flamingo’s.

Het plaatsje Minca wordt het verborgen paradijs in de Sierra Nevada genoemd. Vanuit de kustweg was het 650 meter klimmen naar het charmante plaatsje. Het dorp staat bekend om zijn mooie watervallen maar ook om zijn koffie en cacao. Het is populair onder de backpackers, je kunt er heel veel trekkings maken.
Na een stevige klim kwamen we rond de middag in Minca aan. We vonden er een leuke camping, net buiten het dorp. Vanaf het terras hadden we een geweldig uitzicht over de mooie omgeving. Wow, wat een mooi gebied!
De volgende dag zijn we door het weelderige tropische bos naar de watervallen gewandeld. Een heerlijk dagje in de bergen.


Na onze klim naar Minca, daalden we twee dagen later met een heerlijke afdaling van 12 kilometer weer terug naar de kust om Tayrona National park te bezoeken.
Tayrona National Park is een beschermd natuurgebied, het is verboden om er met eigen auto te rijden. Je wordt met taxi’s naar een bepaald punt gebracht en van daaruit is het wandelen naar de verschillende baaien met prachtige strandjes. We hoopten dat wij met de fiets wel het park in mochten maar na een discussie bij de ingang, kregen we toch geen toestemming. De wegen zouden te slecht zijn, ze wilden de verantwoording niet nemen als er iets zou gebeuren. Vertel dat maar eens aan 2 Nederlanders! Maar we kregen het niet voor elkaar.
Er kwam een man naar ons toe die goed Engels sprak en hij bood aan dat we bij hem mochten overnachten. Hij had net buiten het park een viskwekerij en we mochten onze tent in zijn tuin zetten. Een super aanbod! Zo waren we toch dichtbij het park en stonden onze fietsen veilig bij hem.
De volgende dag konden we Tayrona national Park dan toch echt bezoeken. Je vind er 150 km2 aan jungle en kilometers lang strand. Omdat het beschermd is en niemand er zomaar in kan, blijft het zo mooi onaangetast zonder grote hotels en/of restaurants. Het is nog ongerept.Op een paar plekjes kun je bij de locals wat te drinken of eten halen.
Het is een waar paradijs met heel veel baaitjes en geweldige stranden. Het water is kraakhelder en diepblauw en er staan heel veel geweldig grote cactussen.We liepen door de jungle van de ene naar de andere baai, bergop de jungle in en bergaf weer richting een nieuwe baai. Het was er zeldzaam rustig, we zagen bijna geen andere mensen, het was ongelofelijk genieten. We hebben nog even gesnorkeld en zagen prachtig gekleurde vissen, wat een schoonheid!


Juan, de eigenaar van de viskwekerij waar we sliepen is een aantal jaren geleden in Nederland geweest. Hij is zelfs op Texel geweest en had nog een vlag! Bij ons afscheid moest daar natuurlijk een foto van gemaakt worden. Wat hebben we een mooie gesprekken gehad met deze man, het was supergaaf om er 2 nachten te kamperen.


We vervolgden de kustlijn en hadden onderweg steeds mooie uitzichten op de hoge toppen van de Sierra Nevada, de wolken hingen er prachtig omheen. Op de hoogste toppen zagen we zelfs sneeuw. Op advies van Juan zijn we naar het plaatsje Camarones gefietst. Dit kustplaatsje grenst aan natuurgebied Los Flamencos. Dit gebied staat bekend om zijn flamingo’s. Tegen zonsondergang kwamen we langs het meer de plaats binnenfietsen. We hadden hier niet op een beter moment langs kunnen komen. De lucht veranderde ieder moment van kleur, we bleven maar stoppen om te genieten van de schoonheid van het meer in alle kleuren oranje met daarachter de hoge bergtoppen. Op afstand zagen we honderden flamingo’s, het was een prachtig schouwspel.
Het was ondertussen donker voor we het plaatsje binnen fietsten maar we vonden toch een prima kamertje om te overnachten!


Het laatste stuk noordwaarts veranderde de natuur enorm. Het groen verdween, de natuur werd dor en geel. Het was super heet, geen schaduw van de bomen, de volle zon op onze bol, het was lang geleden dat het zo warm was.
Het noordelijkste stuk van Colombia is woestijn, daar waren we nog niet maar we zagen wel dat het in deze streek heel erg droog was. Geen bomen meer, alleen laag struikgewas. De droge periode was aangebroken, het regent hier dan vanaf begin december t/m april niet meer. En dat zagen we aan de natuur, wat een droogte, nu al in december. Het is voor de mensen die hier wonen een groot probleem, ze hebben geen water meer.
Riohacha was ons noordelijkste punt, vanaf daar gingen we langzaam zuidwaarts richting Medellin. De wind was ons nu steeds goedgezind, met een heerlijk windje in de rug vervolgden we onze route. Ook de natuur zagen we langzaam weer veranderen, de bomen kwamen terug en het werd steeds groener.
Nu we de kust verlaten hadden, zagen we geen toeristen meer maar ook geen campings. We zagen het gewone Colombiaanse leven vanaf onze fiets. De route was veelal vlak en met het windje in de rug was het lekker fietsen. De route liep door een soort vallei, aan beide zijden hadden we uitzicht op de bergen. Na een aantal dagen op asfalt, besloten we een binnendoor weg te nemen naar Santa Cruz de Mompox, een historisch stadje aan de rivier. We kwamen op een gravel/zandweg terecht en er volgde een geweldige route, dwars door de natuur, geen bebouwing, niets. We waren één met de natuur met de vele vogelgeluiden en de krekels. We sliepen in een klein gehuchtje bij een hospedaje, bij een super vriendelijke familie. Ze hadden er ook een restaurantje bij dus we konden na een lange dag fietsen ’s avonds zo aanschuiven! Ook de volgende dag was geweldig! Wat is Colombia prachtig.
De route ging over gravel, zand en keien maar het was zoooo ontzettend mooi! Langs hacienda’s met vele koeien en cowboys te paard. Door niemandsland, alleen maar natuur. Het deed ons zelfs denken aan de uitgestrektheid van Afrika: het rode zand, de droogte en kale vlaktes. Het alleen zijn op de wereld gevoel….
We aten onder een boompje in de schaduw om bij te komen van de hitte.


Na een kilometer of 70 kwamen we aan bij de rivier in San Sebastian de Buenavista. Daar namen we een pontje naar de overkant van de rivier.
Het verschil in de natuur was enorm, na de droge, kale vlaktes fietsten we nu langs de rivier in een super groen landschap. Dat deed ons weer beseffen dat water van levensbelang is!
Aangekomen in Santa cruz de Mompox vonden we een heel leuk hostel in de historische kern van het plaatsje. Hier konden we heerlijk afkoelen en relaxen in de schommelstoel.
De volgende dag hebben we genoten van het historische stadje. We zagen de Spaanse invloeden, alles is prachtig gerenoveerd en het stadje staat zelfs op de Unesco werelderfgoedlijst.
Het was heel rustig, we konden lekker door de straatjes dwalen. Wel steeds de schaduw opzoekend want het was super heet. Er waren leuke pleintjes met vele straatverkopers: schoenenpoetsers, we zagen technische luitjes zittend aan een tafeltje waar je je telefoon kon laten repareren, boekenverkopers en natuurlijk de vele eetstalletjes. En overal hoor je de Colombiaanse muziek.


Na ons ontspannende dagje in historisch Mompox, stapten we weer op de fiets. Langzaam richting de bergen. We wilden de kerstdagen graag vieren in Guatapé, het meest kleurrijke stadje van Colombia. Maar daar lagen nog heel wat kilometers tussen. We kozen ervoor om het eerste gedeelte de grote weg te nemen en later meer de binnendoor weggetjes naar Guatapé. De paar dagen over de grote weg waren best saai, ’s ochtends ging het nog prima maar vooral ’s middags waren er veel vrachwagens en dat is nooit leuk fietsen. Er waren weinig dorpjes, het was gewoon flink doorfietsen.
Op de kaart zagen we een kilometer of 5 van de route een klein dorp en daar vonden we een leuke hospedaje. Dat bevalt ons erg goed, het zijn leuke kleinschalige overnachtingen bij een familie. We waren bij een wat ouder echtpaar, bijzonder lieve mensen. Voordat we de volgende ochtend vertrokken, kwam de lieve meneer van de hospedaje op ons kamertje. Hij wilde ons graag Gods zegen meegeven op onze verdere reis. We stonden met z’n drietjes, onze handen samen vasthoudend, terwijl hij ons toesprak. Het was natuurlijk in het spaans, wij konden maar woordjes volgen maar het was kippenvel. Een heel bijzonder moment…..
Onze dag kon niet meer stuk!
Na een aantal dagen op de grote weg, wachten de bergen op ons. Het was nog 170 kilometer naar Guatapé. Je zou zeggen makkelijk te doen in 2 dagen om met kerstavond in Guatapé te zijn. Maar dat viel flink tegen. Buiten het klimmen, kwamen we een heel groot gedeelte op gravel/zandwegen terecht. En dat werd super zwaar! Het was geen gewone gravelweg, het waren alleen maar keien, gaten en grote kuilen. Eén dag maakten we nog vol, we hobbelden en bobbelden de hele dag, we gingen maar 5 kilometer per uur. We kwamen net voor donker het dorp Puerto Garza binnen fietsen en vonden een hospedaje. De kamer werd nog snel schoongemaakt voor ons en we konden douchen. We waren helemaal leeg.


Na het douchen werden we door de familie uitgenodigd om aan te schuiven bij het eten, echt super leuk! Er werd uitgebreid gekookt, het leek al een beetje kerst. De muziek ging aan, de drankjes kwamen op tafel en er werd wat gedanst. Wat heerlijk om zo te kunnen ontspannen na een zware fietsdag.
We begonnen de volgende ochtend nog vol goede moed aan het vervolg van onze route maar de weg bleef net zo slecht. En we moesten alleen maar omhoog.
We wilden heel graag een beetje op tijd in San Rafael zijn (Guatapé was al niet haalbaar meer) om daar kerstavond te vieren, maar dat ging op de fiets op deze manier nooit lukken.
En toen kwam ons een vrachtwagentje voorbij dat pakketten bezorgde. We mochten meerijden! En hoe bijzonder, hun einddoel die dag was San Rafael. We grepen de mogelijkheid om mee te mogen rijden met beide handen aan. De fietsen werden ingeladen en zittend op grote zakken zout, suiker en steenkool vervolgden we onze weg. De voor- en achterkant van de auto waren open dus we konden blijven genieten van de geweldige bergen. Maar ook voor de vrachtwagenchauffeur was het geen makkelijke route, er was bijna geen doorkomen aan. Uiteindelijk hebben we over de 60 kilometer naar San Rafael
4.5 uur gereden! Maar we waren op tijd om kerstavond te vieren. We vonden een leuke plek middenin het gezellige dorp vol met lampjes en lichtjes. Het hele dorpsplein was versierd, echt prachtig om te zien. Om 22.00 uur begon de nachtmis, het werd een prachtige kerstavond voor ons!


Kerstochtend hadden we nog een korte maar o zo mooie kerstrit tegoed naar Guatapé.
Het was maar een kort ritje van 35 kilometer maar toch wel weer een rit met 1000 hoogtemeters. Maar we fietsten nu op asfalt, het was een heerlijke rit.
Guatapé ligt aan een groot stuwmeer, op een gegeven moment zagen we vanuit de bergen het prachtige meer liggen.


De laatste kilometers fietsten we langs het meer voordat we Guatapé binnen fietsten. In dit gekleurde stadje hebben we onze kerstdagen gevierd. We hebben heerlijk door de kleurrijke straatjes gedwaald, wat hebben ze er hier een kunstwerkjes van gemaakt, heel gaaf om te zien. De huizen zijn in meerdere kleuren geverfd met heel veel houten balkons. Maar het meest in het oog springend zijn de plinten. Ze zijn prachtig versierd met tekeningen en schilderijen met reliëf. Ieder huis heeft weer zijn eigen unieke tekening, heel leuk om te zien.


2e Kerstdag zijn we naar La Piedra del Peñol gewandeld, een wonder van de natuur. Het is een 220 meter hoge monoliet. Je kunt de rots beklimmen, met 702 treden sta je boven. Eenmaal boven heb je een panoramisch uitzicht over het stuwmeer met verschillende groene eilandjes. Ook het stadje zie je mooi liggen.
Heerlijke kerstdagen om even te ontspannen, wetend dat er nog heel veel bergen op ons wachtten op het vervolg van onze reis in Colombia.

Omdat we op hoogte zaten, was het stukken koeler. We verlieten een fris Guatapé via Piedra El Penõl, de rots hing in de wolken.
We trokken verder zuidwaarts en wilden graag Salento bezoeken. Ons volgende hoogtepunt in Colombia. Maar daar lagen nog heel wat klim kilometers tussen!
We kwamen door prachtig historisch bergdorp El Retiro, het deed een beetje denken aan een wintersport dorp. Iedereen vrij tussen kerst en oud en nieuw (in Colombia is het vakantie in dec-jan) en er waren volop feesten en optredens in het dorp.
Er brandden ongelofelijk veel lampjes, hele straten waren versierd, super leuk om te zien.
En het was koud, we zagen restaurants en bars waar een vuurtje brandde. En mensen met jassen en mutsen op. Wat een andere wereld ineens…
Ook wij haalden ’s avonds onze schoenen weer te voorschijn, dat was erg lang geleden.
We hadden een hostal middenin het oude gedeelte, we konden ’s avonds vanaf onze balustrade genieten van alle drukte op straat.

Klimmend en dalend fietsten we verder. De éne dag eindigden we op hoogte en deden we ’s avonds ons thermoshirt aan, de volgende dag waren we weer gedaald en zaten we ook ’s avonds nog heerlijk in korte broek en T-shirt.
De bergen zijn overweldigend groen en mooi. Wat is het Andesgebergte indrukwekkend. Je kunt op iedere hoek wel stoppen om foto’s te maken. Het is volop genieten!
We fietsten door de beroemde koffiestreek in een koffiedriehoek tussen de steden Manizales, Pereira en Armenia. We genoten van de gewéldige uitzichten over de groene heuvels met al de koffieplantages. Én we dronken en genoten bij aankomst in de plaatsjes van heerlijke Colombiaanse koffie.

31 december fietsten we ’s ochtends de laatste kilometers naar Salento om oudejaarsavond te vieren in dit mooie, ook kleurrijke stadje.
Salento is na Cartagena de meest bezochte plek van Colombia. Nabij Salento ligt de wonderschone Cocora Valley. En dat trekt vele Colombiaanse mensen vanuit de steden Bogata, Medellin en Cali naar deze vallei om te genieten en te ontspannen.
Wij hadden niets gereserveerd en bij aankomst bleek dat het stadje Salento vol zat voor de komende dagen. We vonden in het prachtige gebied rondom het plaatsje een mooie farm om de komende dagen te verblijven. Oudejaarsavond vieren, onze beentjes rust geven na al het klimmen én de Cocora Valley bezoeken. Ming was niet fit, verkouden en grieperig dus we deden het de eerste paar dagen in het nieuwe jaar rustig aan. We konden ons geen betere plek wensen, middenin de glooiende heuvels.

De Cocora Valley is beroemd om zijn palmsoort. De waxpalmen die hier groeien worden wel 45 meter hoog, soms wel tot 60 meter en hebben een zeer dunne stam. Uniek in de wereld. Je kunt in deze vallei een korte of lange hike maken, we kozen voor de lange vijf uur durende hike.
We startten al vroeg en liepen eerst door een dicht nevelwoud, langs een rivier. We staken verschillende gammele hangbruggetjes over voordat we écht moesten gaan klimmen. Bovengekomen kom je bij Finca la Montana, op een hoogte van 2900 meter. Hier hadden we een prachtig uitzicht over de omgeving.
We aten er een broodje en ineens trok het helemaal dicht en begon het zelfs te regenen. Gelukkig hadden we onze regenkleding mee. Gehuld in regenjas en -broek begonnen we aan onze afdaling richting de vallei. We kwamen langs een aantal viewpoints en zagen ondanks de mist de geweldig indrukwekkende waxpalmen. Tussen de lichtgroene heuvels staan honderden van die bomen, in de mist een heel mysterieus en surrealistisch gezicht, prachtig!
Al verder dalend door de dennenbossen trok de mist steeds meer weg en kwamen we in de vallei aan. Een wonderschone vallei, niet eerder zo’n mooie vallei gezien. Een fantastisch begin van 2022.


Het was na die heerlijke nieuwjaarsdagen best lastig afscheid nemen, we hadden het gevoel alsof we er een week waren geweest in plaats van een aantal dagen.
En toen begonnen we aan het laatste gedeelte van onze geweldige fietsreis in Colombia. Het was een zwaar gedeelte waarin we heel moest moesten klimmen. Maar ook een fantastisch mooi gedeelte, vooral het departement Cauca. We hebben een aantal dagen langs de Rio Cauca gefietst, een mooie rivier die kronkelend door het landschap loopt. In dat gebied wordt veel rietsuiker verbouwd, we zagen ze van kleine plantjes tot hele hoge stengels met daarachter steeds de indrukwekkende bergen. Heerlijke fietsdagen. We kwamen door grote stad Cali, waar het door de drukte van al het verkeer niet leuk fietsen was. Vele kilometers met veel vrachtverkeer, dat zijn we altijd snel zat. Maar ook dat hoort bij fietsen, niet alle kilometers kunnen altijd mooi zijn.
De benen werden iedere dag volop getest, we bleven maar klimmen en dalen. We waren
’s avonds altijd blij als we weer een plekje hadden gevonden en we na het koken in onze stoeltjes konden relaxen. Genieten van de rust momentjes.

9 januari was het oudjaarsdag voor Jacoline. De route die dag was onbeschrijflijk mooi, de bergen in de Andes zijn zo anders dan wij ze kennen in Europa. Allemaal lichtgroene heuvels, vele achter elkaar. Het lijken wel allemaal plakjes, heel indrukwekkend en bijzonder.
We kwamen door verschillende dorpen waar het feest was. Begin januari viert Colombia Carnaval de Blancos y Negros: een feest ter ere van de etnische verscheidenheid. Grote praalwagens kwamen ons voorbij en mensen bekogelen elkaar op pleinen met meel, schuim en waterballonnen. Ook wij kwamen niet ongeschonden uit de strijd….😉
We wilden aan het einde van die middag graag een leuke overnachting vinden en daar twee nachten blijven om de verjaardag te vieren. Helaas konden we na onze geweldige route niks leuks vinden. Er waren bijna geen overnachtingsplekjes in dit uitgestrekte gebied. We vonden een hotel langs de weg, dat werd dus tóch fietsen op de verjaardag, hier wilden we geen twee dagen blijven.
We hadden wel een lekker balkon tot onze beschikking en Ming had slingers en champagne gescoord onderweg dus we konden de verjaardag tóch leuk inluiden!
De volgende ochtend stonden er prachtige ingezongen berichtjes in de WhatsApp en konden we videobellen met onze ouders en zus & zwager. Een super leuke start van de verjaardag.


Om half tien stapten we op de fiets voor een korte ochtendrit naar Puento de Cumbaras. Daar hoopten we wél een leuk hotelletje te vinden om de verjaardag te vieren.
De rit was weer even mooi als gisteren maar bij aankomst in het plaatsje zagen we geen leuke plek om te overnachten.
We hadden steeds gehoopt om de verjaardag in Pasto te vieren maar dat lag nog ruim 80 kilometer verderop, hoog in de bergen dus dat was te ver voor die middag.
We stonden langs de weg te overleggen toen er een grote bus stopte, waarop Ipiales stond. Ipiales is de grensplaats naar Ecuador, 80 kilometer voorbij Pasto. We vroegen de buschauffeur of hij via Pasto naar Ipiales ging en dat was het geval.
We konden onze fietsen en tassen in de laadruimte van de bus leggen en daar gingen we al, op naar Pasto. Soms zit alles mee!
Om half vier stonden we middenin Pasto, op een hoogte van ruim 2500 meter.
Daar vonden we het leuke hostel waar we naar op zoek waren! Een hele gezellige plek met een mooi uitzicht over de stad. Een mooi verjaardags cadeau! We boekten er gelijk twee nachtjes om de volgende dag de stad te bekijken en te genieten van deze mooie plek! We hebben er ’s avonds in de stad heerlijk op geproost!
De volgende dag in Pasto was heerlijk, lekker rondwandelen in het historische gedeelte van de stad en de kerken bekijken. De plaats staat bekend om zijn vele kerken. Een taartje eten, nog ter ere van de verjaardag en genieten vanaf onze mooie balustrade bij het hostel. Onze kleren werden weer een keertje met de machine gewassen en de fietsen nagekeken.

Ondertussen waren we bijna bij de grens met Ecuador, zouden we ons avontuur kunnen vervolgen in dit land?
17 december 2021 hebben Colombia en Ecuador de grens bij Ipiales weer heropend. Sinds maart 2020 was de grens door de pandemie gesloten.
We hebben uit het bericht dat we hebben gelezen, begrepen dat de grens eerst voor 30 dagen open is en dat er dan een evaluatie komt.
Zouden we nu net het geluk hebben en de grens over kunnen?
De afgelopen paar weken zaten die 30 dagen steeds in ons achterhoofd, we wilden vóór 17 januari bij de grens zijn. Maar in Pasto bedachten we dat 30 dagen vanaf 17 december niet 17 januari is maar waarschijnlijk al 15 januari!
We hadden nog maar een paar dagen om de grens over te gaan vóór die datum. En we moesten ook nog een pcr-test doen, waarvan we de uitslag pas 36 uur later kregen.
Dat deed ons besluiten om niet in 2 dagen naar Ipiales te fietsen maar om het laatste stuk met de bus te doen. De volgende ochtend stonden we al vroeg bij het busstation. Eén fiets pastte achterin de laadruimte,  de andere fiets mocht mee naar binnen en stond in het gangpad. Dat is het mooie van Colombia, ze denken altijd in oplossingen en kennen geen problemen. Ze proberen iedereen te helpen. Colombianen zijn ontzettend sociaal en vriendelijk.
Na een prachtige busrit door de bergen, waren we al om 1.00 uur in Ipiales. We gingen diezelfde middag naar het laboratorium voor de pcr-test. We moesten mega lang wachten maar uiteindelijk stonden we om 16.30 uur weer buiten en waren we getest. De uitslag zou 36 uur later per email naar ons toegestuurd worden.
We hadden dus nog een hele dag in Ipiales tegoed voordat we naar de grens konden.

Acht kilometer buiten Ipiales ligt het heiligdom van Las Lajas. Het wordt beschouwd als een architectonisch wonder. Wij dachten dat het bij Pasto lag maar het ligt veel dichter bij Ipiales. Een mooie gelegenheid om deze wonderschone basiliek te bezoeken.
De basiliek is gebouwd in een kloof waardoor de rivier de Guaitara stroomt. Reden dat het tot de mooiste van Amerika behoort. We fietsten richting de basiliek toen we zagen dat je er het laatste stuk met een kabelbaan naar toe kunt. De kabelbaan is 1400 meter lang en doorkruist tot tweemaal toe de Guaitara-rivierkloof,  met uitzicht op de prachtige landschappen van het Nariño gebied. Na een kwartiertje stonden we beneden bij de basiliek. Vanuit de kabelbaan hadden we er al een prachtig uitzicht op gehad.
We hebben er een heerlijk rondgewandeld, er was een dienst, we konden naar binnen en hoorden de prachtige muziek. Een mooi moment van bezinning!


Deze mooie dag was een geweldige afsluiting van onze ruim zes weken in Colombia. We hebben ruim 2300 kilometer gefietst in dit bijzonder mooie land met zijn bijzonder open en hartelijke bevolking.
Het land heeft alles: mooie stranden, prachtige meren, de indrukwekkende Andes, de kleurrijke dorpen. Het heeft, anders dan bijvoorbeeld Costa Rica en Panama waar de Amerikaanse invloeden heel groot zijn, zijn eigen authenticiteit behouden.
En de vele mooie en bijzondere ontmoetingen onderweg, maakte Colombia ons favoriete land tot nu toe in Amerika!

’s Avonds ontvingen we de uitslag van de pcr-test in onze mail en de volgende ochtend togen we naar de grens. We gingen eerst nog even langs het laboratorium omdat we onze uitslag ook op papier nodig hadden. En toen op naar de grens met Ecuador!
Spannend bleef het wel, we hadden gelezen dat Ecuador maar vijf vaccins erkend en daar zat het vaccin van Janssen niet bij..
Gelukkig ging alles goed en keken ze meer naar de pcr-test.
En zo stonden we met een stempel van Ecuador in ons paspoort in ons 27e land! 🇪🇨 🇪🇨
We kunnen in ieder geval weer één land door, wat een goed gevoel! 🎉🎉🎉
Peru heeft zijn landgrenzen nog gesloten.

Panama & San Blas Islands.

We begonnen onze fietsreis in Panama uiterst relaxed…. Nadat we ’s ochtends de  grensovergang bij Sixaola hadden gepasseerd, fietsten we ’s middags naar Almirante.

Vanuit Almirante vertrekken boten naar een Caribische eilanden archipel.
Bocas del Toro is de hoofdstad en van daaruit kun je ook de andere eilanden bezoeken.
Daar wilden we onze beentjes graag een aantal dagen rust gaan geven.
Het was die middag te laat om de oversteek nog te maken, we hebben een hostel gezocht in Almirante zodat we de volgende ochtend al vroeg op een boot konden stappen richting Bocas del Toro. We waren de enige op het bootje, de fietsen pasten er prima op.
Na een half uur stonden we al op het eiland. Op de i-Overlander-app hadden we een leuke plek gezien waar we onze tent konden neerzetten, naast een restaurant aan zee.
Op onze laatste camping in Costa Rica hadden we een leuk Spaans gezin onmoet en ze waren een dag voor ons naar Bocas vertrokken met hun camper. We kregen al leuke foto’s doorgestuurd van deze prachtige plek, pal aan zee.
We waren van harte uitgenodigd door een Braziliaans echtpaar, de eigenaren van het restaurant.
We fietsten na aankomst op het eiland, nadat we wat boodschappen hadden gedaan, rechtstreeks naar Paki Point. Het restaurant ligt een kilometer of zeven buiten de drukte van de plaats, aan een rustig zandweggetje.
Bij aankomst werden we hartelijk ontvangen door het Spaanse gezin, super gezellig om ze weer te zien. De plek was inderdaad fantastisch, een geweldige plek om je tent neer te zetten. We mochten gebruik maken van de buitendouche en het toilet van het restaurant dus dat was helemaal top voor de komende dagen!


Genieten, relaxen, een beetje fietsend het eiland verkennen en mooie strandwandelingen maken, wat een leven op dit heerlijke eiland met z’n relaxte Caribische sfeer. Helaas was het weer niet altijd even goed, we hebben heel wat buien gehad maar omdat de temperatuur zo heerlijk blijft, is dat toch minder erg dan bij ons in Nederland.
Na 3 dagen genieten en ‘vakantie vieren’ begon het weer te kriebelen en wilden we onze fiets graag weer op, Panama ontdekken!
We werden uitgezwaaid door het lieve Spaanse gezin waar we het de afgelopen dagen super gezellig mee hadden gehad. Een prachtig gezin, ze trekken met hun 3 kinderen in een campertje door Midden- en later ook Zuid-Amerika. Zij is lerares en geeft haar kinderen elke ochtend les. Mooi om te zien hoe ze dat allemaal klaarspelen!

We stapten in Bocas weer op de ferry en zetten een half uurtje later voet aan vaste wal.
Om onze route te vervolgen moesten we een bergketen over. We wisten dat het de komende dagen pittig zouden worden.
De hoeveelheid klimmetjes bleken ontelbaar, we bleven maar klimmen en dalen.
De route was echter fenomenaal, wat een prachtig oerwoud. Onzettend gaaf om dit stuk van Panama te zien. Het was een hele rustige weg, door de stilte hoor je de indringende oerwoud geluiden, de brulapen lieten zich weer goed horen. Ook de zee zagen we steeds in de diepte liggen, wat steeds uitbundige kreten van ons opleverde: aaahh, kijk hier of wow, zie je dat……


We zagen kleine gehuchtjes en schooltjes, overal hingen vlaggetjes van Panama, een heel vrolijk gezicht. In deze omgeving wonen de meeste mensen in houten huizen op palen.
Het zijn vaak huizen met een grote veranda er omheen. Prima woonplekken, in een bijzonder mooie omgeving.
Na twee pittige klimdagen kwamen we aan in een klein dorp Gualaca. Gualaca was tevens het hoogste punt, de volgende dag konden we gaan dalen.
We zochten naar een hostel dat door vrijwilligers gerund wordt maar bij aankomst bleek er niemand aanwezig, er zat een dik slot op het hek. Dat was een tegenvaller….
We fietsten nog een stukje verder en moesten weer klimmen (en daar heb je geen zin meer in als je denkt dat je er bent…)
Uiteindelijk vonden we een geweldig leuk huisje. Een huisje wat normaal via Airbnb wordt verhuurd. Het was nu niet verhuurd en we mochten er voor een mooi prijsje een nacht in slapen. Super lief! Het was een huisje van natuursteen, in de bergen met een magnifiek uitzicht. Iedere 10 minuten was het uitzicht weer anders. De wolken gleden tussen de bergen, de zon kleurde de hemel oranje, een fantastisch gezicht. En dat allemaal vanaf onze veranda…. wat een luxe!

En ja, de volgende ochtend konden we aan onze heerlijke afdaling beginnen. We zoefden 20 kilometer lang door een prachtige omgeving, haalden soms een snelheid van 80 kilometer per uur. Wat is dat genieten! De volgende 20 kilometer brachten ons naar de Pan-American Highway. Het was gedaan met de mooie, rustige weg.
Er is eigenlijk maar één weg die naar Panama-City loopt en dat is de Pan-American Highway, een brede vier-baansweg. Deze weg verbindt de uiteinden van het Amerikaanse continent met elkaar, van Alaska tot Vuurland.
Deze weg zouden we de komende 400 km. grotendeels moeten volgen om in Panama-City te komen. Gelukkig viel het mee met de drukte en konden we prima fietsen. De weg liep glooiend door een groen landschap.
Na een lange fietsdag kwamen we aan in San Felix. We wilden die dag graag de kust bereiken, we waren Panama ondertussen overgestoken en waren bijna aan de Pacifische kust, het was nog maar 12 kilometer. Maar regen gooide roet in het eten, we kregen een geweldige bui over ons heen. Dat werd geen tentje opzetten aan de kust….
We vonden in San Felix een leuk hostal en na een douche en droge kleren, konden we op het buitenterras heerlijk ons potje koken.

De volgende dag hadden we de mogelijkheid om de Pan-American Highway af te gaan, we sloegen rechtsaf een kleine weg in. Deze weg zou ons ruim 100 kilometer verder met een omweg bij Santiago de Veraguas weer op de Pan-American Highway brengen.
Het bleek een hele goede keuze, het was een spectaculaire mooie route, veel mooier dan de Pan-American Highway. Het was een en al natuur, bijna geen dorpen en bebouwing. Natuurlijk bracht zo’n mooie weg ook weer veel klimwerk met zich mee maar het was geweldig fietsen. Wat is Panama prachtig!
Mogelijkheden om te overnachten waren er bijna niet, we kwamen na bijna 100 kilometer moe aan in Sonà, de eerste echte plaats. Daar vonden we een prima kamer om lekker uit te rusten.


De volgende dag hadden we nog een kleine 50 kilometer tegoed op deze mooie rustige weg, voordat we bij Santiago de Veraguas de Pan-American Highway weer opreden.
De Pan-American Highway loopt op een aantal plekken vlak langs de Pacifische kust. Een leuke mogelijkheid om nog een nachtje aan zee te slapen.We hadden gezien dat je in San Carlos bij een surfschool kon kamperen. Dat leek ons een leuke plek, vlak aan zee.
Aangekomen op de plek van bestemming zag het er inderdaad gaaf uit. Een surfschool met een klein restaurantje en mogelijkheden om je tent op te zetten onder rieten palapas.
Helaas hoorden we dat ze gesloten waren wegens Covid. Maar toen de dame hoorde dat het maar voor één nachtje was, ging ze toch haar baas bellen.
We kregen toestemming en stonden op een prachtig plekje aan zee, heerlijk met de voetjes in zand. Het werd een prachtige avond, lekker ons potje koken met de geluiden van de branding voor onze neus en dan de volgende ochtend wakker worden door de zon en de zee… dat is kamperen op z’n best! Het had die nacht niet geregend dus we konden
’s ochtends heerlijk droog inpakken.


Het werd onze laatste dag op de Pan-American Highway, we wilden die dag over de bekende brug, de Puente de las Americas, over het Panama kanaal, Panama-City binnen fietsen.
Een bijzonder gevoel om deze grote stad te bereiken. Het was nog niet helemaal het einde van onze reis in Panama en daarmee onze reis in Midden-Amerika, maar deze grote stad is wel een ijkpunt. We hebben Panama-City bereikt! Wow….
De lucht kleurde het laatste stuk voor we de brug bereikten echter steeds donkerder en donkerder. We waren net op tijd om nog wat leuke foto’s te maken voordat de regen opnieuw met bakken uit de hemel kwam. Midden op de brug snel ons regenjack uit de tas gehaald en op de fiets gesprongen om naar het hostal te fietsen waar we 3 nachtjes hadden geboekt.


We waren in Panama-City, de grote wereldstad met zijn imponerende skyline.
Onze reis in Midden-Amerika na ruim 6.000 kilometer al bijna ten einde.
Hoe snel gaat het allemaal, onvoorstelbaar……
Maar eerst gingen we 3 dagen genieten van de stad.

Casco Viejo is Panama-stad zoals het er meer dan een eeuw geleden uitzag. Tegenwoordig is deze oude wijk werelderfgoed en het mooiste stukje van de stad. In de smalle straatjes staan opgeknapte gebouwen naast ruïnes. Gietijzeren balkonnetjes en gebogen ramen. We zijn de eerste ochtend gelijk naar het historische centrum gewandeld. Het was leuk om door de straatjes te wandelen en de mooie gekleurde panden maar ook de ruïnes te zien. Helaas vonden wij de wijk een beetje te luxe, het is een super dure wijk geworden. De ziel van een oude, gezellige wijk is eruit. Dat was de reden dat we bijvoorbeeld zo ontzettend hebben genoten van Antigua Guatemala. Daar is het allemaal in stijl gerenoveerd met behoudt van de sfeer en het ‘gewone leven’ van de mensen in de stad. Dat misten we hier.
Antigua Panama ligt aan zee, er is een rondweg met fietspad gemaakt over het water, rondom de oude stad. Het fietsgedeelte is afgescheiden door boompjes en bloemen.
’s Middags hebben we met een heerlijk zeewindje de stad fietsend verkend. Het was super leuk fietsen, je kijkt tegen de oude stad aan en tegelijkertijd zie je de skyline van de stad. Wat een enorm verschil….
Er is ook nog een fietspad langs een schiereiland, de Amador Causeway. Een erg leuk stuk, er staan diverse bankjes waar je even kunt genieten van het mooie uitzicht op de vele boten met daarachter de skyline van Panama.

Zeg je Panama, dan zeg je Panamakanaal. Daar moesten we natuurlijk ook naar toe. Ten noorden van de stad ligt bezoekerscentrum Miraflor. Hier heb je een prachtig uitzicht op de sluizen en de mega grote schepen die door de sluis komen en er maar net doorpassen.
We stapten ’s ochtends op onze fiets maar hadden helaas geen geluk, toen we aankwamen was er net een grote boot gepasseerd en er zou pas rond 14.00 uur weer een schip komen.
We besloten om dan eerst naar Parque Natural Metropolitano te fietsen en ’s middags terug te gaan naar de sluizen.
Parque Natural Metropolitana is een tropisch regenwoud in de stad. Je kunt er wandelingen maken en genieten van de vele dieren en vogels.
Het was bijzonder om midden in zo’n grote stad in een tropisch bos te lopen. We zagen verschillende dieren en beklommen een heuvel waar we een heel mooi uitzicht hadden over de skyline van de stad.
We liepen terug om weer naar de sluis te fietsen, toen we werden overvallen door een mega bui. Gelukkig konden we daar schuilen.
De regen duurde echter zo lang dat het te laat werd om terug te fietsen naar de sluizen.
We hadden de boot gemist…

De volgende ochtend stapten we weer op onze fiets om aan onze laatste kilometers in Panama te gaan beginnen. Via Colon, Portobello naar Puerto Lindo. De plek waar onze zeilboot naar Colombia vertrekt. Maar eerst gingen we weer even langs Miraflor, het bezoekerscentrum. Het lag op onze route en we wilden het nogmaals proberen, kijken of we die dag meer geluk hadden.
Helaas komen de schepen niet op vaste tijden en zou er pas ’s middags een schip komen.
Dat was pech…
We besloten om verder te fietsen. Na een kilometer of vijftig kwamen we bij een stuwdam van het Panamakanaal. Een indrukwekkend gezicht om het enorme hoogteverschil van het water te zien.
Nadat we het kanaal verlieten, fietsten we een geweldig stuk door het tropisch regenwoud. Dat is het bijzondere van Panama, ’s ochtends waren we nog in de stad tussen de torenhoge flats en een paar uur later weer in het regenwoud. Zo dicht ligt dat bij elkaar!
De laatste tien kilometer fietsten we door de jungle naar Eco Jungle Reserve, aan het meer van Gatún. Een bijzonder mooie plek om in de jungle te kamperen.
Net voordat we er aankwamen brak de hemel weer open en werden we het laatste stukje nog zeiknat.
We konden onze tent onder een hele grote overkapping neerzetten met een geweldig uitzicht op het meer. Omdat het er zo vochtig is, zaten er ontzettend veel muggen.
We hebben onze klamboe rondom onze stoeltjes opgehangen en konden ’s avonds rustig genieten van de mooie plek en de jungle geluiden zonder die irritante muggen.
Toen we de volgende ochtend onze tent uitkwamen, was de zon terug en genoten we van een mooie zonsopkomst boven het meer. Dat was nog eens mooi ontbijten!
Nadat we nog even langs het meer hadden gewandeld, namen we afscheid van de Canadese eigenaar van dit mooie Eco Reserve. Hij heeft grootste plannen om nog heel wat nieuwe eco reserves te openen, van Brazilië tot zelfs in Azië.

We wilden die dag naar Portobello, net een stukje voor Puerto Lindo. Portobello is een mooi gekleurd havenstadje met veel oude ruïnes. De vestingwerken vallen onder UNESCO erfgoed.
Nog maar net op de fiets of de zon verdween al weer, de regenjas moest weer aan. De jassen waren nog niet eens droog van gisteren.
Het bleef dit keer echter niet bij een bui, het bleef maar regenen. En dat was erg jammer want de route was o zo mooi! We reden grotendeels langs zee en hadden geweldige uitzichten. Foto’s maken was echter geen optie, het was tassen goed dichthouden en trappen maar.
Aangekomen in Portobello vonden we een hostal middenin het gekleurde stadje. Toen het even droog was, konden we uiteindelijk tóch het stadje nog even in wandelen om de gekleurde huizen met de oude ruïnes te bekijken. Ze hebben zelfs de satellietschotels op de daken in allemaal vrolijk kleuren geschilderd.

Er is geen grensovergang over land van Panama naar Colombia. Dat is het oerwoud waar de Farc jarenlang actief was. Er lopen geen wegen, de enige mogelijkheid om van Panama naar Colombia te gaan is per vliegtuig of boot.
We hadden gehoord dat je met een zeilboot via de paradijselijke San Blas eilanden naar Colombia kunt zeilen. We zijn gaan informeren en vonden een bedrijf gevonden die dat regelt.
We reserveerden een plekje op zeilboot Quest en we zouden 26 november voor 5 dagen aan boord stappen. Het startpunt van die zeilreis was in Puerto Lindo.
Vanaf Portobello was het nog maar 20 kilometer naar Puerto Lindo. We zaten ruim in onze dagen, het duurde nog 4 dagen voordat de Quest vertrok. We waren van plan om het kleine havenplaatsje even in te fietsen om te kijken waar we 26 november zouden vertrekken en dan door te fietsen om de kustlijn nog een stukje te volgen.
We zagen in de baai een mooi plekje, een restaurantje pal aan het water. Toen we er even een kopje koffie dronken, hoorden we dat het echtpaar ook een paar appartementjes in de verhuur had boven het restaurant, waren we gelijk verkocht.
Wat een mooie plek voor de resterende dagen voor vertrek. We besloten om de omgeving vanuit deze plek te gaan bekijken en niet door te fietsen. Achteraf een heel goed besluit want er stond ons veel regen te wachten. We hoorden van de eigenaar dat het hier in dit gebied ‘Sierra Desgarradora’ heet: tranende berg….
De regentijd stopt rondom deze tijd in Panama maar hier regent het door die bergen het hele jaar door. En dat hebben we geweten….. 💧💧💧

De 4 dagen in Puerto Lindo gingen snel voorbij. Het regende heel veel, we waren erg blij met onze grote veranda waar we heerlijk droog zaten. We konden er iedere avond koken en genieten van ons prachtige uitzicht op de baai met verschillende zeilboten voor anker. Tussen de buien door fietsten en wandelden we wat om de omgeving te verkennen en zijn we naar eiland Isla Grande geweest.
Isla Grande is een klein eilandje en maar 500 meter verwijderd van vaste wal. We hebben er gewandeld en zagen het beeld wat we tijdens onze reis nu al vaker hebben gezien: geen toeristen, alles leeg en stil. En dan zie je, nu er al bijna 2 jaar geen toeristen komen, het verval van de leuke gekleurde huisjes en hostals.
Het water staat de mensen werkelijk tot aan de lippen.Tuintjes staan blank, we zagen zelfs planken voor de deuren om het water enigszins buiten de deur te houden.
Er is hard onderhoud nodig maar daar is geen geld voor, er zijn geen inkomsten.
Erg naar om te zien!

En toen werd het vrijdag 26 november, de dag van vertrek voor onze grote zeilavontuur richting Colombia en kwam er bij de aanlegsteiger in Puerto Lindo een einde aan onze fietsreis in Midden-Amerika. We zijn weer een hele ervaring rijker!
De indrukwekkende jungle, het tropisch regenwoud met alle oerwoud geluiden, de prachtige eilanden die we hebben bezocht, de mooie plekjes aan de kust, de indrukwekkende Maya-tempels, de imponerende vulkanen, het barrièrerif, de mooie begroetingen onderweg, de leuke contacten, het is teveel om op de noemen. We hebben ruim 6.000 kilometer getrapt en ongelofelijk veel gezien en beleefd!

San Blas is een eilanden archipel met ongeveer 350 eilandjes. Er zijn er maar ongeveer 40 bewoond door de Kuan-stam. Deze stam heeft als enige permissie om hier te mogen wonen. Het zijn paradijselijke eilandjes met mooie strandjes. Er kan vooral ook prachtig gesnorkeld worden door het omliggende rif.
Onze zeilreis gaat via de San Blas eilanden richting Colombia. De eerste 3 dagen wordt er rondom de eilanden gezeild, je kunt zwemmen, snorkelen en de eilandjes bezoeken. De laatste 2 dagen wordt er echt koers gezet richting Colombia. Na 5 dagen kom je aan in Cartagena. Daar gaat onze fietsreis in Zuid-Amerika beginnen!

’s Ochtends om 11.30 uur hadden we een ‘meeting’ met de captain. We ontmoeten daar ook de andere 8 opvarenden. Het was gelijk een goed gevoel, de captain was open en vriendelijk en ook met de andere koppels hadden we leuk contact. Ook luitjes die al lang op reis zijn en hun reis in Zuid-Amerika willen voortzetten. De ene als backpacker, de ander met een camper. De camper wordt in een container verscheept naar Colombia, zelf doen ze het per zeilboot. Leuke verhalen om te horen.
Om 18.30 uur gingen we aan boord van de Quest. Het is een prachtige zeilboot, de schipper zeilt al ruim 10 jaar hier in het Caribisch gebied. Het was donker toen alle bagage ingeladen werd. Onze fietsen kregen een prima plekje op het voordek, stevig met touwen vastgemaakt.
Rond 22.00 uur vertrokken we uit de haven en gingen we richting de San Blas eilanden. Wij zochten ons bedje op, de schipper had een lange nacht te gaan. De zee was behoorlijk onrustig, slapen viel niet mee. Ming had behoorlijk last van de deining en heeft een tijd buiten gezeten, het was een pittige eerste nacht.
Maar toen het licht ’s ochtends door het luik naar binnenviel en we de kajuit uitkwamen, zagen we de prachtige eilandjes. De zon kwam er, ondanks de zware bewolking, nog even door en wilde ons even verwelkomen. We gingen voor één van de eilandjes voor anker, onze eerste stop. Welkom in het paradijs….

Het weer was die eerste dag net zo slecht als aan vaste wal, het regende bijna de hele dag. Dit had de kapitein in de 10 jaar dat hij in dit gebied zeilt, nog niet eerder zo meegemaakt, zoveel regen op één dag.
We zijn daardoor die dag het eiland niet opgeweest maar ’s middags hebben we onze snorkelspullen toch opgezocht en zijn de warme zee ingesprongen.
Het koraal was prachtig, we zagen vissen in de mooiste kleuren, schitterend om te zien.
De regendruppels vielen hard op onze rug maar het was toch niet koud. De temperatuur van het water is hier ongeveer 27 graden!
’s Avonds werd het gelukkig droog en kregen we op het achterdek een heerlijk gerecht voorgeschoteld. We hebben een super kokkin aanboord!
We hebben met z’n allen geproost op de mooie avond met kokosnoot en rum!

De volgende 2 dagen was het écht genieten. Het weer was goed, de zon kwam er lekker bij. We zeilden allebei de dagen naar een nieuw plekje waar we voor anker gingen bij een aantal eilandjes. We konden de boot af, wandelen, zwemmen en prachtig snorkelen. Het rif is hier fantastisch! Met de zon erbij zijn dit echte bounty-eilanden met de mooie witte strandjes.


Ming knapte lekker op, had nu we veelal voor anker lagen veel minder last van zeeziekte.
En tussendoor kregen we steeds een heerlijk ontbijt, lunch en diner voorgeschoteld.
Volop vakantie!

Maar toen moest er toch echt aan de overtocht naar Cartagena begonnen worden, dat was natuurlijk ons doel!
Rond 17.00 uur werd het anker gelicht, de zeilen gehesen en vertrokken we voor 2 nachten en 1 volle dag de zee op. Geen uitstapjes meer, volle kracht vooruit.
Rond 19.00 kregen we ons avondeten, het was ondertussen donker en de zee was behoorlijk onrustig.
We aten de afgelopen dagen steeds gezamenlijk op het achterdek maar nu we zeilden ging dat niet en kregen we ieder een bakje op schoot.
En toen bleek dat de deining er al flink had ingehakt: uit sommige bakjes werd iets gegeten, andere werden niet aangeraakt. Meer dan de helft van de luitjes werd ziek, waaronder Ming.
De pillen tegen zeeziekte werden netjes geslikt maar het bleek niet genoeg.
Slapen in de kajuit was geen optie, als er werd gevaren mochten de luiken niet open. Het was snikheet binnen en dan ook nog eens een schommelende boot, dat kwam niet goed. De meesten probeerden daardoor op het buitendek een plekje te vinden, proberend nog wat te slapen maar dat viel helaas niet mee. Het werd een lange nacht….
De volgende dag knapten iedereen in de loop van de dag gelukkig wat op, de zee werd iets rustiger. Het zonnetje kwam erbij en er werd weer wat gegeten.

Ondertussen kregen we ’s middags tot 3x keer toe een prachtige dolfijnenshow te zien, een grote groep zwom voor de boot uit met ons mee. Eén keer zelfs meer dan een half uur, ze kregen er geen genoeg van (en wij ook niet..) Fantastisch!


We hadden gedacht dat we 2 volle nachten op zee zouden zijn maar de wind was ons echter goedgezind zodat we ’s avonds om 24.00 uur in plaats van de volgende ochtend de haven van Cartagena binnenkwamen.
Daar ging de boot voor anker, temidden van de indrukwekkende skyline ‘by night’.
Zo konden we onze laatste nacht op de boot tóch even lekker slapen. In onze kajuit, de luiken open en in rustig vaarwater!

En toen werden we de volgende ochtend wakker in Colombia, hoe gaaf was dat!
Na een gezamenlijk ontbijt was het tijd om afscheid te nemen van elkaar. De kapitein had alle immigratie formaliteiten voor ons geregeld, we konden zo van boord.
We werden met een bijbootje naar de kade gebracht en stonden na 5 dagen op zee weer aan vaste wal.
We hebben een fantastische trip gehad, écht een unieke ervaring om zeilend naar Zuid-Amerika te gaan. De San-Blas eilanden waren gewéldig, ook de onderwaterwereld was fantastisch!
Maar nu gaan we aan een nieuw hoofdstuk beginnen, we hebben het fietsen echt gemist. We hebben ontzettend veel zin om aan ons nieuwe avontuur te beginnen.
In Cartagena hebben we in het oude gedeelte van de stad, binnen de stadsmuren, een leuk hostel gevonden voor 2 nachten. Middenin een heel gaaf straatje met allemaal gekleurde vlaggetjes, wat een gezelligheid. De hele wijk is hier zo kleurrijk, we konden de Colombiaanse sfeer gelijk proeven.
Cartagena schijnt de mooiste stad van Colombia te zijn, we gaan de stad vandaag nog één dag bekijken en stappen dan weer op de fiets.
Samen fietsend Zuid-Amerika ontdekken,  het mooiste wat er is!

EL SALVADOR, HONDURAS, NICARAGUA EN COSTA RICA.

Wij zijn in Bocas del Toro, een eilanden archipel in Panama. Op een tropisch eiland waar we een aantal dagen ‘vakantie vieren’ voordat we Panama gaan verkennen.

De afgelopen weken hebben we maar liefst 4 landen doorkruist. De landen volgden elkaar in rap tempo op.
Na Guatemala begonnen we als eerste in El Salvador. In dit land wilden we de kust graag zien.
De grensovergang verliep heel soepeltjes, dat was alvast een goed begin in dit nieuwe land.
Net over de grens klapten we onze stoeltjes uit om een broodje te eten. Gelijk werden we geconfronteerd met de gastvrijheid van de bewoners. Er kwam een mevrouw naar ons toe met een bordje met rijst en kip. Welkom in El Salvador!
De volgende dag fietsten we richting de kust. Na 65 kilometer kwamen we in Mizata aan zee. We besloten te stoppen omdat we een geweldig plekje zagen om te overnachten.
Een rieten cabanas aan zee, tegelijkertijd ook een strandtent.
Het was gezellig druk op zondagmiddag, een heerlijke relaxte sfeer. Vanuit ons bedje hoorden we ’s avonds de branding, wat slaapt dat lekker.
De volgende dag liep de route vlak langs zee, een prachtige weg met steeds mooie uitzichten op de Stille Oceaan met zijn hoge golven. Pittig was het ook, de kustweg klom, en daalde dan weer naar zee.
Ook deze nacht vonden we weer een mooie plek aan zee. We wilden niet te ver fietsen, de route liep daarna weer landinwaarts en we wilden graag nog één nachtje aan zee slapen.
We vonden een plekje waar eigenlijk alles gesloten was door de Covid maar na een telefoontje mochten we er tóch overnachten. Wat een rust, op een paar locals na, zagen we niemand.
Er wordt op de Stille Oceaan heel veel gesurfd, we snappen goed waarom, er zijn geweldige hoge golven, de zee is een echt surfparadijs. Meerdere dorpen waren helemaal gericht op het surfen.


We fietsten vervolgens landinwaarts, vrij rechtstreeks naar de grens met Honduras.
Na een paar uur fietsen kochten we in een dorpje een koud colaatje. We zaten op de stoep te drinken, toen we werden uitgenodigd om verderop op stoeltjes te komen zitten. En voor we het in de gaten hadden, stond er al weer een bordje tortilla’s voor onze neus, wat een verwennerij! Na zo’n stevige maaltijd konden we er weer uren tegenaan.
We genoten onderweg van de prachtige vulkaan San Miguel, tientallen kilometers lang hadden we een geweldig uitzicht. De wolken hingen prachtig om de vulkaan.
In Santa Rosa de Lima stopten we voor onze laatste nacht in El Salvador, het was een levendige plaats met veel marktkramen. Altijd leuk om even gezellig op de markt onze groenten en fruit te halen en de sfeer te proeven.


We hoefden de volgende dag maar 20 kilometer te fietsen om bij de grens naar Honduras te komen. Helaas ging het niet zo snel als bij de grens van El Salvador. Er moest schijnbaar vooraf online een formulier ingevuld worden, wat we niet wisten. Het moest terplekke maar we hadden geen internet. Gelukkig konden we op de Wifi van iemand het formulier invullen en stonden we alsnog in Honduras, ons 22e land!

We hebben maar een paar daagjes gefietst in Honduras, alleen het kleine stukje tussen
El Salvador en Nicaragua.
De eerste kilometers in dit nieuwe land waren gelijk erg mooi. We kwamen op een kleine weg terecht richting San Lorenzo. Het was zowaar een keertje vlak, we zagen maïs en koetjes, de locals deden de was in de rivier, we hadden heel veel te bekijken onderweg.
In San Lorenzo zijn we helemaal doorgefietst naar de kust met een geweldig uitzicht over het water en de mangrove.
We zagen leuke gekleurde bootjes liggen en konden de volgende dag via een local een bootje huren om de mangrove te gaan bewonderen. Wat een geweldige natuur, echt een prachtig gebied.


In Choluteca hebben we een afspraak gemaakt voor een PCR-test. Helaas is dat voor onze trip naar Nicaragua nodig, ondanks onze vaccinatie.
We fietsten de volgende dag een kort ritje naar Choluteca. De zon kwam er al vroeg door, het werd een erg warme dag. We genoten van de mooie heuvels om ons heen.
We vonden een leuk ouderwets hotel, dichtbij het laboratorium waar we ’s avonds onze test kregen.
Om 19.00 uur liepen we naar het laboratorium. Drie uurtjes later konden we al terugkomen voor de uitslag.
Het regende ondertussen gigantisch, het water stroomde over de straten. We hadden onze regenjassen aangedaan, kregen een paraplu mee maar werden toch doornat in dat kleine stukje. Er komen hier af en toe van die gewéldige buien, onvoorstelbaar wat er in korte tijd naar beneden komt. Tropische buien die wij in Nederland niet kennen.

De volgende ochtend vertrokken we naar grensplaats Guasaule. Het is bij grensovergangen altijd een chaotisch gebeuren. Alle verkopertjes, de geldwisselaars, het is er een drukte van belang, iedereen wil wat van je.
Maar uiteindelijk komt het altijd weer goed en stonden we na een paar uurtjes in vulkanenland Nicaragua.
De route was rustig en prachtig, we fietsten lange tijd langs vulkaan Christobal, de hoogtste vulkaan van Nicaragua. Overnachtingsplekjes waren er niet, we bleven maar doorfietsen. Net voor donker kwamen we in Chinandega, de eerste grotere plaats na de grens. Daar hadden we op de i-Overlander-app een hostel gezien waar we rechtstreeks heen fietsten. Onze kilometerteller stond op 122 kilometer, genoeg voor vandaag!


Nicaragua heeft een aantal mooie oude koloniale steden. Er restte ons de volgende dag nog een kort ochtendritje naar Leon, de eerste koloniale stad.
We waren er al vroeg en hadden de hele middag om de mooie, oude stad te bekijken. Het hoogtepunt is de kathedraal, het is de grootste van Centraal-Amerika en staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO.
De kathedraal is prachtig, je kunt hem beklimmen en dat leverde geweldige uitzichten op over de stad en de omgeving met de vulkanen.
We werden op het dak van de kathedraal aangesproken door een jongeman. Hij bleek fotograaf te zijn en vroeg of hij wat foto’s van ons mocht maken. Hij heeft de foto’s gebruikt op zijn Instagram en Facebook account, heel grappig…..
We zagen in de stad weer heel veel fietstaxi’s en dat was al weer even geleden. Ook wordt hier heel veel met paard en wagen vervoerd, erg leuk dat ze dat nog zoveel doen. Alles gaat op de wagen, je kunt het zo gek niet bedenken of je ziet het voorbij komen.
Aan het einde van de middag was het weer zover, voor de vijfde dag op rij: de lucht kleurde bijna zwart achter de kathedraal, er kwam een mega onweersbui. We konden net schuilen op een leuk overdekt terras en genietend van een biertje de bui afwachten.

We zagen op de kaart een mooi klein weggetje lopen richting Managua. De verleiding is dan altijd erg groot om te kiezen voor dat weggetje ipv. de doorgaande weg. Tegelijkertijd weten we dat die kleine weggetjes na een enorme bui kunnen veranderen in grote modderpoelen. Toch namen we de gok…
En stukken waren inderdaad bijna onbegaanbaar maar het was ook ongelofelijk genieten want het was een fantastisch mooi stuk! Puur natuur, zonder auto’s, alleen af en toe paard en wagen en een fietser. We kregen steeds doorkijkjes op de vulkaan, zagen de koetjes langs de weg en genoten van de mooie wereld om ons heen.
Via Managua gingen we naar Masaya. Masaya is beroemd om zijn vulkaan. Bij deze actieve vulkaan kan je vanaf de kraterrand helemaal naar beneden kijken en het lava zien.
Rond 17.00 uur waren we bij de vulkaan om met zonsondergang de indrukwekkende krater te zien.
Het was een waar spektakel, de zon gaat onder en tegelijkertijd kijk je in de krater en zie je het indrukwekkende lava, borrelend uit het diepst van de aarde. Het werd steeds donkerder en dat leverde een magnifiek schouwspel op. Een geweldige belevenis!
Wat voel je je dan toch klein bij zoveel oergeweld.


Na vulkaan Masaya kwamen we de volgende dag langs Laguna de Apoyo. Dit kratermeer ligt op de weg tussen Masaya en koloniale stad Granada.
We konden naar Granada over de doorgaande weg maar konden ook over een klein weggetje, langs Laguna de Apoyo naar Grananda.
Het werd 23 kilometer lang genieten van dit mooie ritje langs het meer.
We zigzagden over het weggetje om de kuilen en keien heen maar genoten ook weer van de fantastische route.
We genoten van het leven van de mensen langs de route. De huisjes, de kindertjes bij school, het vervoer met paard en wagen. En iedereen is zo ontzettend vriendelijk, we worden zoveel toegezwaaid en begroet.
En dan onderweg ook nog een prachtig uitzicht krijgen over Laguna de Apoyo, er zijn van die stukken die nooit mogen ophouden, daarvoor zitten we op de fiets!

Koloniale stad Granada is kleurrijk en gezellig. Niet te groot, we hebben op ons gemak door alle straatjes gewandeld en de Kathedraal Iglesia Merced bezocht. Via smalle trappen kom je uit bij de klokkentoren waar je een mooi uitzicht hebt over heel Granada en Lago de Granada.
We hadden middenin het oude gedeelte van de stad een leuke plek gevonden bij een lieve familie. We besloten om nog een dagje extra in Granada te blijven om de stad ook per paardenkoets te verkennen. Onze gids was een enthousiaste jonge knul die geschiedenis studeert aan de universiteit van Granada. Hij wist erg veel te vertellen over de geschiedenis van de stad. We kwamen langs verschillende kathedralen, langs vele mooie koloniale panden en reden langs het meer van Nicaragua.
Granada is een schone stad en dat is echt opvallend omdat we steeds zo ontzettend veel afval zien onderweg. Alle landen hebben hetzelfde probleem: waar laat je het afval….
Het was mooi te zien dat alles hier opgeruimd wordt en er zelfs een afvalophaaldienst was!
We hadden in ons hostel een goede Wifi-verbinding en hadden tijd om onze reis in Costa Rica een beetje voor te bereiden. De grens kwam al weer inzicht.

Maar voordat we Nicaragua gingen verlaten, wilden we eerst nog naar vulkaaneiland Ometepe. Na 75 kilometer kwamen we aan in San Jorge, waar de ferry’s naar eiland Ometepe vertrekken.
Ometepe ligt in het immense Meer van Nigaragua en bestaat uit twee gedeeltes die met elkaar verbonden zijn. Beide gedeeltes worden gevormd door een vulkaan.
Bij aankomst in Moyogalpa, vonden we net buiten de plaats een rustig plekje met een heerlijke grote tuin en uitzicht op de vulkaan.
Een mooi uitgangspunt om het eiland te gaan verkennen. De volgende dag zijn we zonder onze bagage op onze fietsjes gestapt en hebben we een rondje rondom de vulkaan gefietst.
Het was een heerlijke route, we fietsten het eerste gedeelte over een klinkerweg en genoten van het leven op het eiland. Dwars door het groene oerwoud met de indrukwekkende geluiden van de brulapen. Steeds vanuit een andere plek kijkend naar de mooie vulkaan en aan de andere zijde de uitzichten over meer Nicaragua.
We genoten van het zondagse leven van de bevolking op dit relaxte eiland.
Een heerlijk eindpunt van onze geweldige fietsreis in Nicaragua. Dit land was voor ons een echt hoogtepunt op onze reis! Het heeft ontzettend veel indruk op ons gemaakt: de super lieve, behulpzame mensen, we hebben hele leuke, sfeervolle overnachtingsplekjes gehad, de wegen waren opvallend goed en we zagen vooral op het laatste gedeelte van de route veel minder afval langs de wegen. En last but not least: de vele vulkanen, die uitzichten vervelen nooit!

De pont bracht ons de volgende ochtend weer aan vaste wal voor onze laatste kilometers. En tot het laatst toe bleven we genieten van de mooie route. Links het meer Nicaragua met de twee imponerende vulkanen, rechts glooiende, groene heuvels.
Een prachtig eindpunt in een fantastisch land!

De grensovergang met Costa Rica verliep heel soepeltjes. We hadden vooraf een online formulier ingevuld en een QR-code per mail gekregen. Een heel goed systeem, het was nu bij de grens alleen nog maar een formaliteit: code scannen, paspoort controle en we kregen ons stempel.
Costa Rica kennen wij als tropisch regenwoud van de prachtige foto’s die altijd erg tot de verbeelding spreken. Het land van de overweldigende groene natuur, van laagland regenwouden tot vulkanen maar ook van tropische stranden tot nevelwouden.
De regentijd is nog steeds niet ten einde dus we waren benieuwd wat dit nieuwe land voor ons in petto had.
De eerste kilometers hadden we het gevoel van tropisch regenwoud al gelijk te pakken. Het had net geregend, het was vochtig, warm, overweldigingd groen en een uitbundige natuur.
En daardoor natuurlijk ook gelijk weer enorm zweten……

We hadden een route gemaakt die eerst een stuk langs de kust van de Stille Oceaan liep, daarna het binnenland overstak via Lake Arenal om uiteindelijk aan de andere kant van het land bij de Carabische kust uit te komen en daar bij kleine grensovergang Sixaola naar Panama te gaan.
Ons tweede dag kwamen we al bij de kust. Na een route door de groene heuvels, kwamen we aan in de baai van Culebra.
We stonden op Eco Camping Papagayo, een camping vlak aan zee. We hoorden vanuit onze tent de branding, dat is altijd zo’n heerlijk geluid!
We hebben de kust van dit schiereiland een stuk gevolgd. Een prachtige kustlijn maar het was wel erg zwaar.
We kregen hele pittige klimmetjes voor onze kiezen, het eerste stuk was nog asfalt en dat ging prima, later werd de weg erg slecht, we hobbelden en bobbelden over de grote keien en kuilen. Af en toe moesten we zelfs van de fiets om de fiets duwend op de top van de heuvel te krijgen.
Tot onze verbazing zagen we heel veel Amerikanen. We hoorden later dat aan dit gedeelte van de kust 80% van de investeringen van Amerikanen zijn. We kwamen in de ‘Westerse wereld’. Mooie winkels, grote auto’s en stranden vol met strandtentjes en barretjes.
Na een paar dagen fietsen met steeds mooie uitzichten op de Stille Oceaan, besloten we het binnenland in te gaan.
We hoopten weer op asfalt te komen. Gravelwegen zijn vaak de mooiste en rustigste weggetjes maar op een gegeven moment is het hobbelen en bobbelen genoeg geweest. Dan is het heerlijk om weer op glad asfalt te rijden.


Na 15 kilometer kwamen we weer op asfalt en trokken we door de overweldigende groene heuvels richting Lake Arenal.
Wat ons vooral opviel deze eerste dagen in Costa Rica, is dat dit land veel verder is. Alles beter georganiseerd, goede wegen, verzorgde huizen en tuinen en volle supermarkten.
Het paard en wagen heeft plaatsgemaakt voor auto’s, sommige zelfs luxe en groot.
De levensstandaard lijkt hoger. De prijzen in de supermarkten zijn ook veel hoger, vergelijkbaar met Nederland.

Lake Arenal is het grootste meer van Costa Rica en ligt aan de voet van de Arenal vulkaan. Er werd ons verteld dat we dit meer zeker moesten bezoeken. Niet alleen het meer moest prachtig zijn maar ook het gebied rondom het water zelf, heuvels van grasland en bebost land met in de verte de top van de vulkaan.
We klommen vanuit Cañas gestaag richting het meer. Het was bewolkt met af en toe een spettertje regen maar dat is met klimmen juist lekker.
De route was rustig en inderdaad prachtig door de mooie heuvels.
Na ongeveer 25 kilometer zagen we Lake Arenal beneden in het dal liggen, een fantastisch gezicht. We daalden over gravel naar het meer en vervolgden onze route langs het meer. Steile korte klimmetjes, steeds op en af langs het meer met geweldige uitzichten.
In Nuevo Arenal hebben we overnacht. We vonden er via Airbnb een klein tuinhuisje achter een woning. Het bleek een super leuk plekje, we hadden zomaar een heel huisje tot onze beschikking met zelfs een koelkast…. Wat een luxe!
Na een gezellige avond in het knusse huisje, trokken we de volgende dag verder langs het meer. Al snel moest de regenjas aan en dat veranderde eigenlijk niet meer de komende dagen. Wat hebben we een regen gehad. Ook dat hoort in de regentijd bij het tropisch regenwoud. Helaas hebben we daardoor bijna niets van vulkaan Arenal kunnen zien, alles zat in een dichte mist gehuld.
Slapen in de tent was ook geen optie, gelukkig konden we steeds cabinas huren. Vaak zijn het leuke, kleine houten hutjes, prima plekjes om lekker droog te kunnen overnachten.

We zagen onderweg enorme velden met ananassen. Heel mooi om te zien. Het lijkt op afstand zelfs wel een beetje op velden met lavendel, ook die grijzige kleur.
We hebben het later opgezocht en het blijkt dat twee van de drie ananassen die internationaal verhandeld worden, afkomstig is uit Costa Rica. Nu weten we dus waar al die lekkere ananassen in Nederland vandaan komen…

Na de regen in het binnenland wilden we graag zo snel mogelijk naar de Caribische kust, daar hoopten we op beter weer.
En dat klopte helemaal, aangekomen in Limon was het heerlijk weer. We aten  ’s avonds aan zee en zagen de zon in de zee zakken. Een heerlijke, relaxte avond.
We proosten op onze eerst 5.000 kilometer in Midden-Amerika, we hebben sinds onze start in Mexico alweer 5.000 kilometer getrapt! En dat was zeker een biertje waard!!
Het leuke is, dat we zittend op het strand, de afgelopen maanden weer een beetje gingen terughalen: ‘Weet je nog dit en hoe gaaf was dat?!?’
Wat hebben we al weer veel gezien en wat hebben we veel indrukken opgedaan.
Mooie mensen, mooie natuur, mooie ontmoetingen, zonder vervelende dingen, wat zijn we dankbaar dat we weer in zo’n mooi continent kunnen fietsen.

Vanaf Limon was er nog een laatste stukje over van onze route in Costa Rica. Een route langs de Caribische zee, richting grensplaats Sixaola.
Voordat we op de fiets stapten, zijn we met een bootje het Tortuguero Canal opgeweest, de jungle in. We zagen vanaf het water de flora en fauna van Costa Rica, de vele dieren en vogels. Het was een prachtige tocht.


Tegen elven stapten we op de fiets om met dit mooie weer nog een nachtje op een camping te slapen in Costa Rica. We hadden op de i-Overlander-app gezien dat er een geweldige leuke camping moest zijn vlakbij National park Cahuita.
In de loop van de middag kwamen we aan bij camping Maria.We werden super hartelijk ontvangen door een enthousiast echtpaar. Ze hadden ons de dag ervoor al zien fietsen en hadden tegen elkaar gezegd: die zullen wel bij ons op de camping komen. Hoe leuk….
De camping ligt op een geweldige plek aan zee. Echt een paradijsje, een juweeltje om je tentje op te zetten.
Er was ook nog een Frans koppel en een Spaans gezin, ’s avonds zaten we met zijn allen rondom een grote tafel reisverhalen uit te wisselen, een top avond!
We besloten nog een nachtje extra te blijven en de volgende dag hebben we heerlijk gewandeld in National Park Cahuita.
Aan de ene zijde loop je langs witte zandstranden en tegelijkertijd loop je door een bosrijk, moerasgebied waar we wasberen, luiaards en leguanen tegenkwamen. Een bijzondere combinatie, de jungle loopt echt tot aan de zee.
Het waren heerlijk ontspannen dagen om lekker bij te komen van de regenachtige dagen die we de afgelopen week hadden gehad bij de oversteek op Costa Rica.

En toen kwam er toch echt een einde aan ons Costa Rica avontuur, we namen afscheid van ons paradijsje aan zee en fietsen de laatste 50 kilometer naar de grens.
Sixaola is een kleine grensplaats, er stond deze keer geen lange rij vrachtagens, we waren snel aan de beurt en voor we het wisten stonden we in Panama, ons 25e land.

In Panama ligt vlakbij de grens van Sixaola de eilanden archipel Bocas del Toro.
Daar wilden we als eerste naar toe. Afgelopen zondag hebben we de ferry genomen naar het eiland Bocas del Toro.
We genieten deze dagen van een vakantie op dit tropische eiland.🌴🏖☀️🍻🌴
Onze tent staat pal aan zee, we horen de indrukwekkende branding, een heerlijke plek!
Een goed moment om een aantal dagen te relaxen en te genieten van dit bijzondere eiland.

We bereiden ons ondertussen voor op ons laatste land in Midden-Amerika voordat we onze reis in Zuid-Amerika kunnen voortzetten, beginnend in Colombia.
Een grensovergang tussen Panama en Colombia is er niet. Het is gelukt om gisteren een zeilboot te huren om straks de oversteek naar Colombia te maken.
We stappen 26 november in Puerto Lindo, Panama aan boord van zeilboot Quest om in
5 dagen, via de prachtige San Blas eilanden zeilend naar Cartagena Colombia te gaan.

Maar tot 26 november hebben we eerst de tijd om te genieten van onze fietsreis in Panama en daarmee onze reis in Midden-Amerika mooi af te sluiten.

Belize & Guatemala.

Belize is maar een heel klein landje, het heeft ongeveer 400.000 inwoners. Onze route door Belize was nog geen 400 kilometer, we dachten er hooguit een weekje te zijn. Dat liep tóch een beetje anders dan gedacht…

Belize is beroemd om zijn kustlijn. Het land heeft het op één na grootste koraalrif ter wereld en dat wilden we heel graag zien!
Maar Belize heeft nog wel strenge regels om het land binnen te komen. Ondanks dat we gevaccineerd zijn, moesten we aan de grens opnieuw een PCR-test laten doen. Ze accepteren alleen hun eigen testen. Ook moesten we een bewijs kunnen tonen van 3 nachten in een door de overheid goedgekeurd hotel. Het duurde een hele tijd maar gelukkig konden we na een aantal uurtjes de fiets op in Belize.
Welkom in vriendelijk en gastvrij Belize, de mensen zwaaiden ons gelijk van alle kanten toe! Omdat Belize een Engelse kolonie is geweest, ze vierden juist toen wij er waren hun 40-jaar onafhankelijkheid, is dit het enige land in Midden-Amerika waar ze Engels spreken. Ook wel weer even fijn, kunnen we weer gezellig een praatje maken onderweg.😉
We fietsten onze eerste dag naar Orange Walk, daar bleven we 3 nachtjes bij Casa Ricky’s. Het was gelukkig een super leuk en gezellig hostel, een fijne plek om 3 nachten te blijven. Een echt backpackers adres met een gezamenlijke keuken. De eerste dag bij Ricky werd een echte rustdag voor ons, weer eens even een dagje om onze kleding te wassen en onze fietsen na te kijken. Maar óók een dag om heerlijk op het grote dakterras te genieten met een koud biertje.


De volgende dag gingen we naar Mayaruïnes van Lamanai. Lamanai ligt verborgen in de jungle en is alleen per boot bereikbaar. De boottocht over de New River was prachtig. De rivier kronkelt door de jungle en onze captain wist erg veel te vertellen over de natuur en de prachtige vogels. Na 1.5 uur kwamen we aan in Lamanai, het schijnt vroeger een hele grote Mayastad geweest te zijn, er is maar een klein gedeelte uit de dichte jungle naar boven gekomen. Het fijnste is om de Mayatempels te kunnen bekijken als er verder niemand is. Dan hoor je de geluiden uit het oerwoud en voel en beleef je de prachtige oudheid van de tempels op z’n mooist! Ook de bomen zijn zo ongelofelijk indrukwekkend, écht bijzonder mooi.


Na 2 dagen hadden we heel veel zin om weer op de fiets te stappen, we wilden graag naar Caye Caulker, het eiland waar vandaan je naar het koraalrif kunt om te snorkelen. De boten naar het eiland vertrekken vanaf Belize-City dus fietsten we eerst naar de stad. Het lukte om op tijd bij de boot te zijn en gelijk door te varen naar Caye Caulker. Overnachten in Belize-City wilden we liever niet.
En als je dan eenmaal op de boot zit, geeft dat gelijk zo’n heerlijk gevoel! Net zoals je de boot neemt naar Terschelling, dat begint ook al op de boot!
Caye Caulker is écht een relaxed eiland; go slow! Alleen maar zandweggetjes, houten huisjes op palen en strandtentjes. Normaal zal het er te toeristisch zijn maar nu was het erg leuk om door de straatjes te dwalen. Een soort minivakantie….
We vonden er zelf ook een hotel met huisjes op palen, pal aan zee. Een super plek.

Het barrièrerif van Belize is met 256 kilometer het op één na grootste koraalrif ter wereld. Het wordt bevolkt door maar liefst 350 soorten vis.
We voeren de volgende ochtend met een bootje naar het rif. We hadden drie keer een stop om te snorkelen, de boot werd voor anker gelegd en we konden het water in.
En wat je dan ziet is onbeschrijflijk mooi! Wat een fantastische onderwaterwereld, wat een verschillende vissen, allemaal práchtige kleuren, de één nog mooier dan de andere. En het koraalrif is zo indrukwekkend en ongerept, het water is zo kristalhelder, je kunt alles prachtig zien. We hadden onze GoPro mee dus konden onder water filmen en foto’s maken. Een fantastische dag!